|
TOURNAI / DOORNIK,
provincie Henegouwen
Geschiedenis
Op de plaats waar de heerbaan Boulogne-Bavai de Schelde kruiste,
legden de Romeinen een castellum aan dat Turnacum werd genoemd. Zo behoort
Doornik, met Tongeren, tot de oudste steden van België. Na de invallen van
de Franken vestigden de Salische Franken zich te Doornik en maakten er hun
hoofdstad van. Hier werd in 465 Chlodovech, Clovis, geboren en van hieruit
ging deze op veroveringstochten naar het zuiden. Doornik kreeg in de 6de
eeuw een bisschop. Na de invallen van de Noormannen begon de bloei van de
stad. Doornik was sedert 1187 een vrijstad van Frankrijk en werd door
keizer Karel V bij de Nederlanden gevoegd. De aanwezigheid van kalksteen
deed de steenhouwerij, vooral grafstenen, bloeien; voorts was er
lakennijverheid. Doornik was lid van de Vlaamse Hanze en van de Hanze der
XVII Steden. In de 15de eeuw werden de wandtapijten wereldberoemd. In de
16de eeuw verbreidde zich hier het calvinisme, en Alexander Farnese kreeg
in 1581 opdracht de stad te veroveren. Zij werd toen verdedigd door
Christine de Lalaing, standbeeld op de Grote Markt. Doornik is steeds een
belangrijk cultureel en religieus centrum geweest. Van hieruit ver-
spreidden zich de Schelderomaanse en de Scheldegotische bouwstijlen in
Vlaanderen en Kerkelijke bouwkunst
Kathedraal Notre-Dame
Dit is de mooiste kathedraal van België en misschien de belangrijkste
in de Nederlanden. Het schip en het transept zijn Romaans, het koor is
vroeggotisch. Het schip heeft een vierledige opstand met tribunes,
karakteristiek voor de Scheldestijl. De 2 x 9 traveeën tellen honderden
verschillende sculpturen op de kapitalen. Het dwarsschip is 66 m lang en
wordt aan de buitenkant benadrukt door 4 torens, 83 m hoog. Het heeft
bovendien aan heide kanten een drielobbige apsis
met een versierd portaal.
De vieringtoren, ook een kenmerk van de Scheldestijl, is 48 m hoog. Deze
kathedraal werd gewijd in 1171. Nauwelijks 50 jaar later liet bisschop
Walter de Marvis het Romaanse koor afbreken en vervangen door een gotisch
koor, dat even lang is als de hoofdbeuk, 58 m, en geinspireerd is op
Soissons. De scheiding tussen koor en dwarsschip bestaat uit een groots
doksaal in Antwerpse renaissancestijl van Cornelis II Floris de Vriendt .
Er zijn interessante muurschilderingen in het dwarsschip en glasramen van
Arnold van Nijmegen. Ondanks de beeldenstorm die hier in 1566 woedde, is
er heel wat Romaans beeldhouwwerk in de portalen bewaard gebleven. Het
westportaal is uit de 16de eeuw en toont afbeeldingen in drie registers,
boven Romaans, onder gotisch. Het noordportaal of Porte Mantile is
Romaans, evenals het zuidportaal of Porte du Capitole, maar dit
laatste is sterk beschadigd. De kathedraal bezit ook belangrijke
grafmonumenten, in de muren ingebouwd, en schilderijen van o.a. Rubens,
Jordaens, Quinten Matsys, Pourbus de Oude en Maarten de Vos. Rechts in het
koor wordt de kerkschat bewaard.
Hier bevindt zich een van de Zeven Wonderen van België, namelijk het verguld zilveren
reliekschrijn van Onze-Lieve-vrouw, la Chasse de Notre Dame, in 1205
vervaardigd door Nicolas de Verdun. Dit schrijn vertoont in zijn
hoogtewerking reeds gotische trekken. De duidelijk geprofileerde figuren
uit het leven van Maria en Jezus staan bijna los van het schrijn, dat
eerder de benaming van schatkist, dan die van sarcofaag verdient, hoogte
90 cm; lengte 126 cm; breedte 70 cm. Er zijn bovendien nog het verguld
zilveren schrijn van de heilige Eleutherius uit 1247 en een
renaissanceschrijn in gedreven zilver. Voorts Atrechtse wandtapijten met
de geschiedenis van de heilige Piatus, 1402, een Byzantijns reliekenkruis,
een ivoren diptiek en het manuscript van de zgn. Mis van Doornik, 1347, de
oudste polyfone mis uit de geschiedenis.
In de 12de en 13de eeuw bouwde men in Doornik niet alleen de kathedraal,
het bisschoppelijk paleis, twee grote abdijen, twee ziekenhuizen en een
belfort, maar ook elf parochiekerken. Verscheidene van deze kerken hebben
een zelfde architecturale geschiedenis als de kathedraal: eerst Romaans,
later verbouwd tot gotisch of met gotische delen uitgebreid.
Saint-Jacques
Dit is de belangrijkste van de nog bestaande acht parochiekerken. Het
portaal en de toren zijn Romaans. De rest van de kerk is in Scheldegotiek
opgetrokken en was in 1275 voltooid. Er zijn de typische
drielichtvensters, het afwisselend gebruik van enkele en dubbele zuiltjes
in het triforium, en een buitengalerij. Het rijkelijk verlichte koor
dateert uit 1368. In het portaal van de toren zijn grafstenen
ondergebracht. Voorts bezit de kerk een polychrome Notre-Dame en een
koorlezenaar.
Saint-Piat
Deze eveneens op de linker Schelde-oever gelegen kerk is ge- wijd aan
de stadspatroon. Ze heeft een Romaans schip en een gotisch koor en is
gebouwd volgens het basilicale grondplan. Het meubilair omvat een
koorlezenaar uit 1403, een mooi hoofdaltaar en koorgestoelte uit de 17de
eeuw en er is edelsmeedwerk uit de 18de eeuw.
Saint-Quentin
De hoofdzakelijk Romaanse kerk werd in 1940 vernield en nadien
herbouwd. In het interieur is reeds de overgang naar de gotiek te
bespeuren. Deze gotiek komt tot bloei in het transept met dub- bel
triforium onder de vieringtoren. Het koor is Romaans maar de kooromgang en
kranskapellen zijn gotisch. De imposante vieringtoren en de buitengalerij
zijn typische trekjes van de Scheldegotiek. In de kerk staat het
grafmonument van Jacques Castaigne, 1327, een liggend beeld compleet met
pleurants.
Andere kerkelijke gebouwen
De andere twee kerken op de linkeroever zijn de Sainte-Marguerite en
de Sainte-Marie-Madeleine. De eerste heeft een classicistisch interieur
uit de 18de eeuw en is sterk verbouwd. De tweede is een vroeggotische kerk
met prachtig houtsnijwerk. Op de rechter oever van de Schelde staan de
volgende kerken: de Saint-Brice, de Saint-Jean en de Saint-Nicolas. De
Saint-Brice werd in 1940 vernield, maar gereconstrueerd. Het is de oudste
gotische hallenkerk van België. Er is een crypte uit het begin van de 12de
eeuw. Het meubilair ging in 1940 verloren of is opgenomen in de Doornikse
musea. De Saint-Jean heeft een gotische toren en een classicistisch
schip. In de Saint-Nicolas is het koor Romaans en het schip gotisch, met
houten gewelf. Het interieur is in Louis XIV-stijl, lambrisering en
biechtstoelen, ingericht.
Burgerlijke bouwkunst Belfort, Grote
Markt
Dit belfort is het oudste van België. De onderbouw is uit de 12de eeuw, de
bovenbouw werd, na een brand, in 1391 herbouwd, 72 m hoog. Het Doornikse
belfort is vrijstaand en daardoor afwijkend van de belforten van Brugge en
leper. Het behoort tot het Noordfranse type.
Stadhuis
Dit is ondergebracht in de 18de-eeuwse gebouwen, Parc communal, van de
voormalige benedictijnenabdij Saint-Martin, een meesterwerk van de
architect L.B. Dewez. Deze abdij is een stichting uit 1095 en was tijdens
het Ancien Régime de rijkste abdij in Europa na Monte Cassino. Het complex
werd in 1940 verwoest maar zorgvuldig gereconstrueerd in 1970.
Musea
Musée des Beaux-Arts
Dit in 1928 door architect Victor Horta ontworpen museum bezit werk
van oude meesters, o.a. van Rogier van der Weyden, die in Doomik werkzaam
was, voorts belangrijk werk van Manet, Chez le Père Lathuile, en Belgische
schilderkunst uit de 19de en 20ste eeuw.
Musée d'Histoire et d'Archéologie
Het in de voormalige Berg van Barmhartigheid, in de 17de eeuw door
Wenzel Cochergher gebouwd, gevestigde museum bezit naast archeologische
vondsten, een prachtige collectie Doornikse wandtapijten, 15de-16de eeuw,
18de- en 19de-eeuws porselein en edelsmeedwerk.
Musée du Folklore
Dit museum is ondergebracht in het Maison Tournaisienne, Vlaamse
renaissance uit het einde van de 17de eeuw, en is gewijd aan ambachten en
volksgebruiken. Het bezit ook de maquette van Doornik, die op last van
Lodewijk XIV werd gemaakt.
Musée d'histoire naturelle , cour d'honneur van het stadhuis
Ooit een echt 'rariteitenkabinet', nu een modern museum. Uitgestalde
voorwerpen in een levendige presentatie geven een overzicht van het
dierenrijk. De dioramazaal geeft een inzicht in de vier Doornikse
biotopen: steengroeven, Scheldemoerassen, beboste vlakte en het woud van
Bonsecours.
Andere bezienswaardigheden
In Doornik vindt men nog Romaanse en gotische huizen, o.m. nabij de
Saint- Brice. Van de eerste omwalling is de Tour Saint-George bewaard
gebleven. Van de tweede omwalling uit de 13de eeuw zijn de Tour Marvis en
de Tour Saint-Jean, evenals de Pont des Trous over de Schelde bewaard
gebleven. In de Tour Henri VIII, een overblijfsel uit de 16de eeuw,
bevindt zich thans een wapenuseum. Aan de Grote Markt staat de voormalige
lakenhalle in renaissancestijl.
Toeristische
informatie:
Vieux Marché aux Poteries 14, 7500 Tournai, tel. 069/22.20.45.
Internet: http://www.tournai.be/
** Uw accommodatie
in geheel België kunt U goed boeken via
Booking.Country.België. Er zijn 1126 hotels online boekbaar
** Zie hier voor:
"Hoe maak ik een printversie van de pagina"? |