|
VILLERS-LA-VILLE,
provincie Waals Brabant
Het grootste ruïnencomplex van België is de
cisterciënzerabdij in Villers-la-Ville. Deze cisterciënzerstichting
dateert uit 1 146 en werd nog bezegeld door Bernard van Clairvaux zelf.
Bouwfasen
Er
waren diverse bouwfasen: de grootste duurde van eind 12de tot in de 14de
eeuw, o.a. onder abt Charies de Seyn. Denijs van Zeverdonek bouwde de
prelaatsvleugel, maar deze werd veranderd in de 18de eeuw. De abdij werd
geplunderd door de geuzen, door de troepen van Lodewijk XIV, tijdens de
Brabantse Omwenteling en de Frans Revolutie, als nationaal goed verkocht
in 1797, en werd ten slotte een steengroeve. Tussen 1852 en 1855 liep de
spoorverbinding Antwerpen-Charleroi over een viaduct door de ruines en
werden de reizigers attent gemaakt op het romantische aspect van de
ruïnes. In 1892 werden ze eindelijk door de Belgische Staat gekocht en
geconserveerd. De abdij is volgens het klassieke cisterciënzerschema
gebouwd.
Terrein nu
Thans is het terrein opnieuw van een omheining voorzien. De
majestueuze abdijkerk had een westwerk met 2 torens, 3 beuken en 9
traveeën, een groot transept met prachtige lichtvensters en een halfrond
koor. De bouw van de kerk nam een eeuw in beslag en toont de overgang van
Romaans naar gotiek. De grote kruisribgewelven waren ca. 1200 nieuw in de
Nederlanden. Een rondgang voert achtereenvolgens door de kerkruines, het
kloosterpand met een vleugel voor de lekenbroeders, de keuken en
magazijnen met de enorme schoorsteen, het refectorium met grote vensters
en de typische oculi, oogvensters. Tussen het refectorium of eetzaal en
het chauffoir of verwarm de zaal bevinden zich de latrines boven de
gekanaliseerde rivier de Thyle, die onder de gehele abdij loopt. Voorts
het scriptorium, de kapittelzaal, een prachtige porticus uit 1784 met de
oude apotheek. De sacristie is tegen de kerk aangebouwd; de binnenplaats
voor de novicen en de infirmerie of ziekenzaal zijn 13de-eeuws. De
prelaatsvleugel dateert uit de laatste bouwfase; deze is in baksteen
opgetrokken en nog zeer imposant. De gastenvleugel is in de 18de eeuw
verbouwd. Er is ook een fontein. Over de spoorweg, aan het einde van de
grootse trap, verheft zich de barokke Kapel van
Onze-Lieve-Vrouw-van-Scherpenheuvel. Buiten het kloosterterrein bevindt
zich in het zuiden een Kapel van Saint-Bernard en staan in het noorden de
brouwerij, met molen en bakkerij, de smederij en de schrijnwerkerij,
evenals de leprozerie. Ten slotte is er nog een watermolen in de Thyle.
Westelijk van de abdij staat een enorme vierkante abdijhoeve.
Internet:
http://www.villers-la-ville.be/
** Uw accommodatie
in geheel België kunt U goed boeken via
Booking.Country.België. Er zijn 1126 hotels online boekbaar
** Zie hier voor:
"Hoe maak ik een printversie van de pagina"? |