KEULEN / KÖLN, ROMAANSE KERKEN: St. Andreas; St. Aposteln; St. Gereon; St. Kunibert; St, Maria im Kapitol; Gross St. Martin; St. Pantaleon; St. Severin; St. Ursula.
Naar deelstaat Noordrijn-Westfalen. Naar kaart met de deelstaten. Naar stedenlijst Duitsland.
 Naar uw accommodatie!
    

Keulen ontstond als Oppidum Ubiorum, een nederzetting van de Germaanse Ubii, die onder Romeinse protectie stonden.  
In 15 n.C. werd hier Agrippina, de dochter van Germanicus, geboren, die (in een derde huwelijk) trouwde met haar oom keizer Claudius. Door haar toedoen werd de nederzetting in 55 n.C. verheven tot kolonie: Colonia (Köln, Keulen) Claudia Ara Agrippinensium (CCAA). In 313 werd Keulen zetel van een bisdom dat in 794 door Karel de Grote werd verheven tot aartsbisdom. De eerste aartsbisschop was Hildebald. De aartsbisschoppen, tevens rijksvorsten, gingen mettertijd behoren tot het college van keurvorsten. In 1258 kreeg de stad stapelrecht en groeide uit tot een belangrijk handelscentrum in het Rijnland. In 1288 werd zij een Vrije Rijksstad. Een verbond van de standen legde in 1463 de wereldlijke macht van de aartsbisschoppen aan banden. De stad bleef, ondanks hervormingspogingen in de l6de eeuw, trouw aan het rooms-katholieke geloof. In 11003 werd het aartsbisdom geseculariseerd. Sinds 1815 behoorde Keulen aan Pruisen. In 1947 kwam het bij het Bondsland Nordrhein-Westfalen.

Keulen, binnenstad en de St. MartinskerkRomeinse overblijfselen  
In het huidige Keulen zijn nog tal van Romeinse overblijfselen te zien. Sinds de verwoesting in de Tweede Wereldoorlog (de stad kreeg ca. 250 luchtaanvallen te verduren) zijn er nog vele aan het licht gekomen en zorgvuldig gerestaureerd. Zo zijn er resten van de Nordtor (enkele meters verplaatst) ten westen van het torenfront van de Dom, de Römerturm, de noordwestelijke hoektoren van de Romeinse stad (eind van de Zeughausstrasse), met 19de-eeuwse bekroning, en de Römerbrunnen aan de Appelhofplatz: Romeinse reliëfs gevat in een moderne rondbouw. Ook het stratenverloop is nog hier en daar te herkennen. De belangrijkste winkelstraat, de Hohe Strasse, bijvoorbeeld was in de Romeinse tijd de hoofdstraat.

Het huidige Keulen
is een overwegend moderne stad met hoogbouw en snelwegen, maar er zijn nog enkele typisch oud Keulse wijken met karakteristieke Kneipen (kroegen) over, zoals het 'Vringsveedel' (Severinsviertel) aan beide zijden van de Severinstrasse. Veel kunstenaars en intellectuelen van naam hebben in Keulen geleefd of gewerkt: Albertus Magnus, een van de grootste geleerden van de 13de eeuw, Thomas van Aquino, Meester Eckhart, maar ook Karl Marx (1848/1849 redacteur van de 'Neue Rheinische Zeitung') en de schrijver Heinrich Böll. Joost van den Vondel werd hier in 1587 uit Antwerpse ouders geboren en bracht in Keulen zijn jeugdjaren door. Vooral op cultureel gebied speelt Keulen met zijn rijke musea en culturele instellingen (orkesten, radio­en t.v.-stations zoals de Westdeutsche Rundfunk) een aanzienlijke rol in de Bondsrepubliek. Van de vele beurzen die er worden gehouden, is de jaarlijkse Kunstmesse een van de belangrijkste in Europa.

DE ROMAANSE KERKEN  
Keulens romaanse kerken zijn alle in de jaren 1940-1945 zwaar beschadigd en sedertdien gerestaureerd of geheel in stijl herbouwd. Het jaar waarin deze gigantische onderneming werd afgesloten, 1985, werd uitgeroepen tot het jaar van de romaanse kerken van Keulen. Uit veiligheidsoverwegingen zijn de meeste beperkt toegankelijk (onder geleide, of op bepaalde uren te bezichtigen).

St. Andreas, Komädienstrasse 
Sinds 960 was dit de kerk van een kanunnikenklooster. Zij werd rond 1200 herbouwd. In de huidige kerk vormt de rest van een oudere kruisgang de voorhal, die aans1uit bij het korte romaanse schip, dat overgaat in een lang, laatgotisch koor. De achthoekige vieringtoren heeft een helmvormige bekroning. In de in 1953 blootgelegde crypte rusten, in een Romeinse sarcofaag, de stoffelijke resten van de H. Albertus Magnus († 12100). Het altaarstuk van het hoogaltaar is een drie1uik van Barthel Bruyn de Oude uit circa 1500. Uit dezelfde tijd stamt de triptiek in een zijkapel van de Rozenkransbroederschap, vervaardigd door de Meester van St. Severin. Koorgestoelte uit circa 1420. Sacramentshuis (circa 1550), Blutbrunnen der Hl. Ursula (l5de eeuw), een stenen reliekhouder, diverse goede beelden, Maccabeeënschrijn (1527) van Peter Hanemann, resten van gotische fresco' s in de zijkapellen. Schatkamer.

St. Aposteln, Neumarkt 
Het koor van de huidige kerk (12de eeuw) is gebouwd volgens de 'Dreikonchen', drieaanleg: drie halfronde absiden (coneha's), op klaverbladvormige plattegrond. Circa 1230 waren schip, westelijk dwarsschip, de octogonale torens aan de oostzijde, de achthoekige vieringkoepel en de machtige hoofdtoren aan de westzijde gereed. Onder de toren werd in 1957 de crypte uit 1150 blootgelegd. Van de oude inrichting zijn bewaard gebleven 12 apostelbeelden (ca. 1320), een Christus als Man van Smarten (ca. 1450), een St. Georg (ca. 1450) en als pijlerfiguren Paulus en Maria met Kind (ca. 1300). In de kerkschat onder meer een altaarkleed uit circa 1100 en' de Heribertkelk uit circa 1200.

Keulen, St. Gereon, doopkapelSt. Gereon, Gereon-/Christophstr. 
Het oudste deel van deze kerk is een ovale ruimte met acht nissen, in de 4de eeuw als Romeinse gedachtenistempel of mausoleum gebouwd en rond 400 veranderd in een christelijke martelarenkerk. Aartsbisschop Anno liet aan deze Romeinse centraalbouw een koor met twee torens en een crypte bouwen (ca. 1069); dit geheel werd een eeuw later grondig gewijzigd en vergroot. Er kwam een nieuwe apsis
met twee flankerende torens (1191 gewijd). Fresco's zijn te zien in de apsis
, in het boogveld van de confessio van de grafkelder der martelaren en in de Nicolaaskapel. In de crypte een mozaïekvloer uit de 11de eeuw. Kalkstenen altaar uit 1540. Interessant schilderij, de Verheerlijking van de Drievuldigheid (ca. 1635, door J. Hulsmann), waarop een stadsgezicht van Keulen. Sacramentshuis uit 1608.

St. Kunibert, Konrad-Adenauer-Ufer 
De kerk, tussen 1215 en 1247 gebouwd, was de laatste romaanse kerk in het stadsgebied. Van de kapel (7de eeuw) en de in de 9de eeuw vermelde kloosterkerk die de voorgangers waren is niets bewaard. De kerk bezit schitterende gebrandschilderde ramen (ca. 1230) in koor en dwarsschip. In de nis die als doopkapel fungeert, een fresco uit circa 1270. Aan de vieringpijlers een meer dan levensgrote Annunciatiegroep, in 1439 uit steen gehouwen. Vleugelaltaar van Barthel Bruyn de Oude, met de Opstanding op het middenpaneel. Verder enige moderne kunstwerken.

Keulen, deurpaneel van St, Maria im KapitolSt, Maria im Kapitol, Pipinstr./Lichhof 
Op deze plaats stond in de Romeinse tijd een tempel, gewijd aan de Capitolijnse goden Jupiter, Juno en Minerva. Hier stichtte circa 689 de gemalin van Pepijn II, Plectrudis, een kerk die in 881 door Noormannen werd verwoest. Onder aartsbisschop Bruno (953-965) werden de fundamenten voor het westwerk gelegd; de eigenlijke bouw vond plaats onder abdis Ida (1015-1060), een zuster van aartsbisschop Hermann I van Keulen. Het koor kreeg een drieabsidenaanleg (zie St. Aposteln). De crypte bestaat uit een drieschepige hoofdruimte, waarop drie kapellen aansluiten en twee vierkante dwarsbeukachtige nevenruimten met altaarnissen.

Aan de oostapsis van de kerk 
twee laatgotische kapellen, de Hardenrathkapelle (1466) en de Hirtzkapelle (1493). De westtoren stortte in 1637 in en werd, verkort, met barokke helm, herbouwd. In de kruisgang, in de 19de eeuw hersteld, staat het beeld Treurende (1949) van Gerhard Marcks. In het interieur zijn in de "eerste plaats te vermelden de houten deuren (tweede kwart 11de eeuw), die vroeger het portaal van de noordconcha afsloten. De reliëfvelden op de linkerdeur tonen scènes uit de jeugd van Christus, die op de rechter- de lijdensgeschiedenis. De oorspronkelijke polychromie is grotendeels verdwenen. Verder zij gewezen op een kalkstenen grafplaat van Plectrudis uit 11100-1190, de epitaaf van Plectrudis (eind 13de eeuw), een staande, stenen Moeder Gods (eind 12de eeuw), een Tronende Maria met Kind (ca. 1300), een Maria en een Christus als Salvatar Mundi uit 1466, een gaffelkruis uit 1304 en het doksaal, een meesterwerk van Vlaamse beeldhouwkunst, naar ontwerp van Jan van Roome in 1523 in Mechelen vervaardigd.

Gross St. Martin, Am Fischmarkt 
De machtige vieringtoren van deze kerk met drieabsidenaanleg (zie St. Aposteln) bepaalt, met de torens van Dom en raadhuis, het stadsbeeld van Keulen aan de Rijnzijde. De huidige bouw gaat terug tot de 12de eeuw (1150-1172). De bouw van de vieringtoren en het driebeukige schip werd pas middenî3de eeuw voltooid. Het interieur is vrijwel geheel leeg. Op de plaats van de voormalige kloostergebouwen is van 1975-1978 een complex huizen gebouwd, met beneden winkeltjes en galerieën; het complex volgt vrijwel exact de plattegrond van het oude kloostergebouw met kruisgang. De oostzijde van dit schilderachtige Martinsviertel wordt gevormd door de Rheingarten. Aan de oever, aan de straten Am Bollwerk en Am Frankenturm, fraai gerestaureerde huizen (vnl. hotels en restaurants).



St. Pantaleon, tussen Am Weidenbach en Waisenhausgasse 

Op de Pantaleonsheuvel begon aartsbisschop Bruno (953-965) de herbouw van een in 866 vermelde kerk. Onder keizerin Theophanu († 991), gemalin van Otto II, werd de bouw voltooid. Midden 12de eeuw werd het schip met twee zijschepen vergroot, in 1215 werd aan de zuidkant een dwarsschip toegevoegd. De kerk bezat toen al het monumentale westwerk (na 985 gebouwd), dat sinds de restauratie weer in zijn volle glorie te zien is. De kerk heeft een machtige middentoren, geflankeerd door twee slanke traptorens. Een groot deel van de inrichting is modern, zoals de sarcofaag van Theophanu (1965) en de grafplaat op de Romeinse sarcofaag van Bruno, beide van Sepp Hürten. Het geschilderde timpaan boven het westportaal dateert uit midden 12de eeuw, een beeld van Johannes de Doper uit circa 1500. Het rijkversierde doksaal (begin 16de eeuw) wordt bekroond door een fraaie orgelkast uit 1652. Koorgestoelte uit de 14de eeuw. Ramen in de apsis uit begin 17de eeuw. In het zuidelijke dwarsschip het dubbelgraf van de graven van Moers (l5de eeuw) en een triptiek van Barthel Bruyn de Oude. In de kapittelzaal is de rijke schatkamer ondergebracht (o.m. 12de-eeuwse reliekschrijnen).

St. Severin, Severinskirchplatz 
Ondanks het feit dat de kerk herhaaldelijk is verbouwd en vergroot, doet het bouwwerk homogeen aan. Het koor is laatromaans (voltooid 1237), schip en zijschepen zijn laatgotisch. Het westelijk deel van de crypte werd in 1043 voltooid, het oostelijk deel in 1237. Hier bevindt zich het graf van de kerkpatroon Severinus (†318), derde bisschop van Keulen. De westtoren dateert uit 1393-1411. In het interieur een kalkstenen Maria met Kind (12100-1290), een Frankische piëta (begin 15de eeuw), een pestkruis (14de eeuw), een 13de-eeuws vloermozaïek in het koor, koorgestoelte uit circa 1300. Aan de muren geschilderde scènes uit het leven van Severinus (ca. 1500) door de Meester van St. Severin. In de sacristie een altaarstuk van Anton Woensam uit circa 1530, twee altaarvleugels van de Meester van St. Severin en een 15de-eeuwse schildering van de Meester van de H. Veronica. In de kerkschat een reliekhouder uit midden 11de eeuw. Delen van de laatgotische kruisgang zijn bewaard gebleven.

St. Ursula, Ursulaplatz 
Omstreeks 400 stond hier een basilica, omringd door een grafveld. In 1108 werd dit grafveld herontdekt. De gebeenten bracht men in verband met de H. Ursula, volgens de traditie een Britse koningsdochter die op de terugreis uit Rome voor de stadsmuren van Keulen met haar 11 ( in de legende groeide dit aantal uit tot 11 000) gezellinnen de marteldood stierf. De vondst werd aanleiding tot de bouw van de kerk, die in de tweede helft van de 13de eeuw een gotisch koor kreeg. Het romaanse karakter is vooral in het westwerk goed bewaard gebleven, al kreeg de westtoren een barokke helm. Aan de brede voorhal sluit de drieschepige romaanse basilica aan met oostelijk dwarsschip en nonnenkoor in de westbouw. Begin 14de eeuw werd een zijschip toegevoegd. Van de inrichting verdienen vermelding: een stenen piëta (ca. 1420) in de voorhal, het grafmonument van Ursu1a (eerste helft 15de eeuw), een geschilderde cyclus met voorstellingen uit de legende van de heilige (1456), een beeld van Ursula als schutsmantelheilige (1465), het hoogaltaar uit eind 13de eeuw. Met de kerk verbonden is de Goldene Kammer (1463), waarin in nissen 122 reliekbustes van vaak hoge kwaliteit (vooral die uit de 14de eeuw) zijn opgesteld. Daarboven tot aan het gewelf zijn in de boogvelden gebeenten opgestapeld. Van de producten van edelsmeedkunst is vooral het schrijn van de H. Aetherius vermeldenswaard (ca. 1170).

Raadhuiscomplex 
Het complex is in de loop van vele eeuwen samengegroeid. Sinds de zware beschadiging in de jaren 1940-1945 en de daaropvolgende herbouw is het uiterlijk drastisch veranderd. Relatief het best kwam de Rathauslaube (Judengasse ) de bombardementen te boven. Het is een van- 1569-1573 gebouwde loggia in twee verdiepingen, naar plannen van Cornelis Floris de Vriendt uit Antwerpen. Zij is rijk van beeldhouwwerk voorzien (o.m. medaillons met de hoofden van Romeinse keizers op het fries boven de benedenverdieping). Trappen leiden naar de beroemde Hansasaal (30 m lang, 7,60 m breed, tot 9,58 m hoog) van het oude raadhuis. Aan de zuidmuur steenssculpturen uit circa 1360, de Negen goede helden voorstellend (Alexander de Grote, Hector, Julius Caesar, Judas de Makkabeeër, David, Jozua, Godfried van Bouillon, koning Arthur en Karel de Grote). Daarboven keizer Karel IV met allegorische figuren. Tegen de herbouwde noordmuur staan acht, in circa 1410 gebeeldhouwde profetenfiguren, die vroeger in de aansluitende Profetenzaal stonden.
Deze zaal kan bogen op fraai intarsiawerk:
het stadswapen en allegorische figuren, circa 1600 door Melchior von Reidt vervaardigd. Aan de Bürgerstrasse werd door de gilden tussen 1407 en 1414 de raadhuistoren gebouwd. Deze was versierd met 130 beelden, die thans verdwenen zijn. Hersteld werd alleen de Platz-Jabbeck, een uit hout gesneden mombakkes, dat de tong uitsteekt als de klok slaat. De senaatszaal op de eerste verdieping (1597-1602) is versierd met fraai intarsiawerk. In 1541 werd de Löwenhof aangelegd als verbinding tussen de Profetenzaalvleugel en de nieuwe stadhuis­bouw aan de Alte Markt: bogengaanderijen, versierd met reliëfs. De reliëfs zijn in de herbouw niet meer opgenomen. Aan de Rathausplatz stond een van 1607-1615 opgetrokken bouwwerk dat Spanischer Bau werd genoemd, omdat hier in 1623 de oprichtingsvergadering van de Spaanse Liga, een verbond van de katholieke landen in de Dertigjarige Oorlog, werd gehouden. Dit bouwwerk werd volledig verwoest en is vervangen door een modern gebouw, het nieuwe raadhuis. Bij de bouw kwamen de resten van het Romeinse Praetorium, zetel van de stadhouders, te voorschijn. Ze zijn zorgvuldig geconserveerd en voor het pu­bliek toegankelijk gemaakt.
KölnTourismus
Unter Fettenhennen 19, 50667 Köln  -  Tel,: +49 (0) 2 21 / 221 304 00   -  Fax: +49 (0) 2 21 / 221 304 10   -  E-mail: koelntourismus@stalt-koeln.de  

** Uw accommodatie in geheel Duitsland kunt U goed boeken via Hotels.Appartementen.Duitsland.

** Booking is meer dan alleen hotels: zie eens ”Alle accommodatietypes” of kies direct:
 Appartementen - Resorts  - Villa's  - Hostels  - Accommodaties met onsen - Bed & Breakfasts  - Pensions  - Motels  - Ryokans  -  Vakantieboerderijen  - Vakantieparken  - Campings  -  Botels  - Herbergen  -  Aparthotels  -  Vakantiehuizen  -  Lodges  - Accommodaties bij particulieren  -  Landhuizen  -  Luxe tenten  - Capsulehotels  -  Lovehotels  - Riads  - Luxe Chalets