GESCHIEDENIS van GRIEKENLAND
Naar startpagina Griekenland. Naar steden- , regio- en eilandenlijstaz.  Naar uw accommodatie! 
 
 
Het Griekse vasteland
( 2800-1100 v. Chr.)

Griekse  Bronstijdperk begon op het Griekse vasteland met het gebruik van metaal. In deze tijd werd de graaneconomie van ThessaliŽ vervangen door een economie gebaseerd op graan, olijven en wijn. Omstreeks 2200 vestigden bewoners uit het noordoosten zich in Argos en omgeving. Ze spraken een als Grieks herkenbare taal. In deze tijd deed ook de pottenbakkersschijf en het "megaron", een zaal met een voorhal met pilaren, hun intrede. Deze beschaving vertoonde ook de invloed van de MinoÔsche beschaving op Kreta. Krachtige steden, zoals Mycene, ontstonden.
Eerste blijken van het opbloeien van een beschaving   
op het vasteland komen voor in de schachtgraven van Mycene, 16e eeuw v. Chr. . Ze bevatten goud, zilver en brons, in kristal, albast en klei. Het waren koninklijke rustplaatsen. Deze vroege Grieken waren ook zeevaarders zoals uit voorwerpen van Egyptische oorsprong blijkt.

Verspreiding van de Myceense beschaving  
Toen de macht van de MinoŽrs van Kreta terug liep kregen de Grieken van het vasteland hun kans. Hun aardewerk, vaak gevuld met reukwaren., had grote aftrek in de Levant en in Egypte. Vanuit Cyprus vervoerden ze koper. In het zuiden van ItaliŽ ontstond een grote haven, Tarentum, voor handel op het westen.
Kreta werd bezet en het Paleis van Knossos
werd herbouwd en tot zetel van een nieuwe dynastie. In de Griekse steden vervaardigden ambachtslieden edelsmeedwerk en aardewerk. De steden werden groter, beter ingericht, omgeven door muren en voorzien van waterinstallaties. De paleizen werden verfraaid met fresco's. Koepelvormige, 'tholoi', graven getuigden van architectonische vaardigheid . Er is vastgesteld dat de Myceners, de AchaeŽrs van Homerus, althans wat taal betreft de ware voorouders van de klassieke Grieken zijn.

Verval van de Myceense beschaving  
De steden in het zuiden zijn, met uitzondering van Athene, door de binnentrekkende DoriŽrs verwoest. Onderlinge twisten zouden aan het verval sterk hebben bijgedragen. Er was grote onrust in dit gebied. In deze tijd, 1200, valt ook het beleg van Troje. Feit is dat de gehele voorafgaande beschaving op het vasteland van Griekenland verloren.
   
De Grieken tot de opkomst van Athene  
Omstreeks 1200 v. Chr. trokken Dorische stammen vanuit het noorden   Griekenland   binnen.    Ze   vestigden   zich   in    de Peloponnesus. De volken die daar woonden werden teruggedrongen naar kleinere gebieden of werden geassimileerd. De IoniŽs en AeoliŽrs   werden over de zee naar Klein - AziŽ verjaagd. Daar stichtten zij steden 
Deze omwenteling moet gepaard gegaan zijn
met grote sociale veranderingen. Wat we van de 400 jaar die daar op volgde weten ontlenen we aan de twee heldendichten, de Ilias en de Odyssee. Steeds meer werd ijzer gebruikt voor wapens en gereedschap; er kwam een alfabet tot stand en er ontstond een gevoel van nationaal bewustzijn. Het woord Hellas kwam in gebruik voor de hele Griekse wereld. Ook werd een pantheon gevormd van goden die in de gedichten van Homerus voorkomen. Er ontwikkelden zich godsdienstige rituelen en er ontstonden heilige plaatsen zoals Delphi. Als staatkundige, economische en sociale eenheid ontstond de stadsstaat.

Het bergachtige karakter van Griekenland   
droeg er toe bij dat bewoners van elk dal zich als een afzonderlijke eenheid beschouwden. Griekenland was een lappendeken van staatjes. Elk staatje verdedigde zijn eigen onafhankelijkheid angstvallig.Een Griek had banden van trouw met Hellas. met zijn stadsstaat en met zijn stam. Er bestond de overtuiging dat een politieke eenheid niet te groot moest zijn en dat de regering gegrondvest moest zijn op openbare wetten.
Landbouw was het voornaamste middel van bestaan.
De steden bleven de band met het platteland houden. Geleidelijk ontstond een klasse van neringdoenden en handwerkslieden. Tegen de 7e eeuw v. Chr. ontstond er een bevoorrechte adellijke klasse die de politieke, militaire en godsdienstige macht bezat. Dat veroorzaakte spanning tussen haar en het gewone volk. De spanning werd nog verergerd door de bevolkingsaanwas. Voor dit laatste vond men een oplossing in kolonisatie. Nieuwe steden werden overzee gesticht. Griekse steden verbreidden zich langs de gehele Middellandse en Zwarte Zee. Wat bleef was de klassenstrijd. Overal grepen tussen 800 en 500 v. Chr. tirannen de macht Ze regeerden zonder wettige steun.

In Athene probeerde Solon ca. 600 v. Chr.   
de staatsrechtelijke instellingen te hervormen om de zwakkeren te beschermen. Pisistratus vergrootte de rechten  van het gewone volk en stelde de adel onder de wet. Zo kreeg het democratisch stelsel de volgende twee eeuwen in Athene vaste vorm. Andere staten volgden.
In 490 probeerde de Perzische keizer Darius
Athene te onderwerpen. Atheense legers versloegen de Perzen beslissend bij Marathon. Darius trok terug, Grieken bleven zegevierend maar onderling verdeeld achter.   

De Griekse bloeitijd  
In 480 v. Chr. vielen de Perzen. onder leiding van Xerxes, opnieuw Griekenland binnen. Ze trokken over de Hellespont Griekenland binnen. Bij Thermopylae werden ze door 300 Spartanen onder leiding van koning Leonidas lang tegengehouden. Athene werd bezet maar kort daarna versloeg de Atheense vloot onder aanvoering van Themistokles, de Perzen bij Salamis. Ze trokken zich in noordelijke richting terug. De Spartaan Pausanias versloeg ze in 479 bij Plataeae. Zouden de Grieken de Perzen niet verslagen hebben dan had de geschiedenis van Europa er geheel anders uitgezien. Een Perzische beschaving zou Europa andere maatstaven en instellingen nagelaten hebben.  Gouden Eeuw van Athene
Daar de dreiging van de Perzen bleef
verenigden de Griekse staten zich in de Delische Bond waarin Athene, als machtigste staat, overheerste. Dit wekte vooral bij Sparta en Korinthe angst  en naijver. De Peloponnesische oorlog(431-404) was een gevolg van deze belangentegenstellingen. Uiteindelijk viel Athene en werd de democratie vervangen door een oligarchie. De voortdurende onderlinge strijd en de dreiging van de Perzen leidden er toe dat Athene zich ontdeed van Sparta en zich kon herstellen. Al in 403 v. Chr. werd de democratie hersteld. Thebe werd echter wel de overheersende macht, toen het bij Leuktra het Spartaanse leger versloeg.
   
Het Hellenistische tijdperk  
In het noorden groeide een nieuwe dreiging. Koning Philippus van MacedoniŽ was een groot organisator, generaal en diplomaat. Hij maakte een eenheid van de stammen in zijn land en annexeerde   ThessaliŽ    en   ThraciŽ.   De    Griekse    redenaar Demosthenes trachtte te vergeefs de Grieken wakker te schudden door hen op het gevaar vanuit het noorden te wijzen.
Uiteindelijk werd wel een Griekse bond gevormd
maar in 338 v. Chr. versloeg Philippus de Griekse legers bij Chaeronea en bezette Thebe. Op het congres van Korinthe werd een nieuwe Griekse statenbond opgericht onder Macedonische leiding. Aan de onafhankelijkheid van de vrije stadstaten was een eind gekomen. 

Alexander de Grote  
Alexander was de zoon van Philippus van MacedoniŽ. Hij was een leerling van de Griekse wijsgeer Aristoteles. Hij heeft het grootste rijk gesticht dat men in de Oudheid tot dan toe gekend had.Het strekte zich uit van LibiŽ tot Punjab. Hoewel Alexander in   de  eerste   plaats vermaard werd om zijn militaire overwinningen, hij versloeg o.a. de Perzische koning Darius, is zijn grootste prestatie de verspreiding van de Griekse cultuur en de Griekse taal in de Aziatische wereld.  

De Griekse stadstaat  
Klassieke Griekenland was de bakermat van veel westerse denkbeelden over kunst, literatuur, filosofie , wetenschap en politiek. Voor het eerst zijn democratische denkbeelden hier ontwikkeld. Met name Athene bracht in twee eeuwen veel uitmuntende schrijvers, kunstenaars, geleerden en filosofen voort.
De stadstaat Athene was de grootste van de vele stadstaten waarin Griekenland verdeeld was. De democratie berustte vooral op rechtstreekse deelname. Elke burger had gelijke kansen op het vervullen van ambten.
Kern van de democratie was de Demos,
de groep burgers (mannen met burgerrecht).Om de tien dagen kwamen ze in het openbaar bijeen.Hier kon elke burger voorstellen doen. Deze werden besproken en er werd over gestemd. Ook kozen ze burgerlijke en godsdienstige ambtsdragers. Onder de ambtenaren was geen hiŽrarchie. Ze waren alleen verantwoording schuldig aan de Vergadering. De Vergadering werd voorbereid door een Raad van 500, gekozen door de tien stammen waarin de burgers verdeeld waren.

Rechten en plichten   
Elke Atheense burger had het recht en de plicht de staat te dienen. Het heeft Athene nooit ontbroken aan bekwame mannen die bereid waren voor weinig of geen beloning hun. stad te dienen. 
Atheners verwierven hun rijkdom uit land, handel of nijverheid. I
n de 5e eeuw was Athene een belangrijke exporteur van aardewerk, olie en wijn en importeur van vis, hout en graan. Alle burgers en vreemdelingen waren dienstplichtig. Ze moesten hun eigen wapenrusting betalen. Tijdens de Peloponnesische oorlog   bracht   Athene   12000 hoplieten, zwaar    bewapende infanteristen. in het veld. De vloot werd bemand door 12000 manschappen uit de armere burgerij.  

Sparta  
Was de voornaamste tegenstander van Athene. Politiek en sociaal was Sparta de tegenpool van Athene. Het was een unieke militaristische staat. Onderworpen volken werden geknecht en de bewoners  tot Heloten (horigen) gemaakt. Sparta was een grote kazerne.  Elke burger was een beroepssoldaat , van kinds af getraind in gehoorzaamheid en krijgskunst.
Twee erfelijke koningen  voerden het leger in het veld aan.
Het was een gesloten  staat. zelfs handel werd geminacht. De weigering om nieuwe burgers op te nemen, leidde tot een afname van de bevolking    en de uiteindelijke ondergang. Sparta is het voorbeeld gebleven van een gesloten en geheel gedisciplineerde maatschappij. Athene schonk de wereld twee blijvende idealen: vrijheid en democratie.

Twintig eeuwen Griekse Geschiedenis.   

  • Romeinse overheersing, 146 v. Chr. Ė 395. In 330 verplaatst keizer Constantijn zijn residentie naar Constantinopel., wat een Christelijke stad werd. In 395 wordt het Romeinse rijk verdeeld in een West- en een Oostromeins rijk
  • Giekenland onder Byzantium, 395 Ė 1456. veel last van invallen o.a. door Vandalen, Oostgoten, Slaven, Alvaren en Hunnen, Saracenen, Bulgaren en in de 11e eeuw de Noormannen vanuit SiciliŽ.
  • Onder leiding van de Patriarch van Byzantium scheidt de oosterse of Grieks-orthodoxe kerk zich in 1054 af van de kerk van Rome.
  • Franken in Griekenland, aan het einde van de vierde kruistocht, 1202 Ė 1204,  plunderen ze Constantinopel; VenetiŽ vestigt zich op de Peloponnesos.
  • Mistras residentie van Byzantijnse stadhouder, beleeft in 14e en 15e eeuw een bloeitijd.
  • Turken veroveren Griekenland, 1456 Ė 1830. Veel strijd tussen VenetiŽ en de Turken.
  • Opstand tegen de Turken, in 1821, die pas succes heeft in 1827 als Rusland, Frankrijk en Engeland te hulp schieten.
  • Griekenland naar onafhankelijkheid, 1830 tot heden. Nafplion werd de eerste hoofdstad, later wordt dat Athene.
  • Diverse koningen; Otto I, George I; Konstantijn I, die in de eerste wereld oorlog pro-Duits is en  premier Venizelos verbant;  moet zelf het veld ruimen onder druk van de geallieerden; Alexander I zoon van Konstantijn sterft jong en Konstantijn komt weer terug.
  • In 1923 Ė 1935 Griekse republiek. Bevolkingsuitwisseling Ė Grieken uit Turkije en de Turken uit Griekenland en Bulgarije, tengevolge van een verloren oorlog door de Grieken in Klein-AziŽ  tegen de Turken. Venizelos komt weer terug.
  • George II weer terug in 1935, staatsgreep door dictator Metaxas.
In 1940 vallen de Italianen Griekenland in, gevolgd door de Duitsers   
  • Duitsers geven Athene over aan de Engelsen in 1944.
  • Burgeroorlog, tussen communisten en regeringstroepen van 1945 Ė 1949.
  • Paul I van 1947 Ė 1964. Verwoeste land heeft veel steun gehad van de V.S..
  • Kolonels regiem, met o.a. Papadopoulos en Patakos in 1967.
  • Karamanlis komt in 1974 als balling terug uit Frankrijk en komt aan de macht, in 1980 wordt hij president.
  • Griekenland wordt in 1981 lid van de Eur.Gemeenschap.
  • In 1981 wordt Georgios Papandreou. Lid van de PASOK, socialistische partij, minister-president en voert veel vernieuwingen in.
** Uw accommodatie op een van de Griekse eilanden kunt U goed boeken via Hotels/Griekse/Eilanden. Er zijn 1535  hotels/appartementen online boekbaar. 
** In geheel Griekenland kunt U goed uw accommodatie boeken via Hotels/Appart./Griekenland.  
** Booking is meer dan alleen hotels: zie eens ĒAlle accommodatietypesĒ! 
** U vindt er o.a.:
  Appartementen - Resorts  - Villa's  - Hostels  - Accommodaties met onsen - Bed & Breakfasts  - Pensions  - Motels  - Ryokans  -  Vakantieboerderijen  - Vakantieparken  - Campings  -  Botels  - Herbergen  -  Aparthotels  -  Vakantiehuizen  -  Lodges  - Accommodaties bij particulieren  -  Landhuizen  -  Luxe tenten  - Capsulehotels  -  Lovehotels  - Riads  - Luxe Chalets