|
DE HELDEN, HERAKLES -
THESEUS - DE TOCHT VAN DE ARGONAUTEN - PERSEUS
- BELLEROPHON
- DAEDALUS EN
ICARUS -
ORPHEUS - FAETHON - LABDACIDE - PELOPIDEN
, naar overzicht Mythologie
De mensheid kende ook in die tijd al haar moeilijke
momenten. De gevaren van die lang vervlogen tijd waren van velerlei
aard: onoverwinnelijke monsters, verschrikkelijke kwaadaardige schepsels
die een heel gebied terroriseerden en ontoegankelijk maakten, vreselijke
ziektes, monsterlijke wezens in menselijke gedaante die vanwege hun
goddelijke afkomst onsterfelijk waren ... Toen zonden de goden helden
naar de aarde, van wie de meesten halfgoden waren. Een halfgod was de
zoon van een god en een gewone stervelinge. Sommige zouden in heel
Griekenland bekend worden en andere waren voorbestemd om plaatselijke
helden te worden. De helden stonden onder bescherming van de goden,
waren knappe verschijningen en begiftigd met vele goede eigenschappen:
kracht, mannelijkheid, slimheid, grootheid van geest en vindingrijkheid.
Soms komen we ze tegen als verlichte leiders die hun koninkrijk verlaten
om een heilige oorlog te voeren en naar de overwinning te leiden, zoals
Odysseus, en soms als moedige baanbrekende militaire leiders in de
strijd voor een goed doel zoals Herakles. Zij
aanvaarden gevaarlijke opdrachten om een bepaalde ethische schuld af te
lossen, om het hart van een knappe koningsdochter te winnen, een
koninkrijk te verkrijgen of om een bepaalde goddelijke wens te
vervuilen. De helden staan gewoonlijk onder bescherming van een bepaalde
god die hen helpt hun moeilijke opdracht tot een goed einde te brengen.
Geregeld redt die god hen van een groot gevaar en straft degenen die hen
naar het leven staan. Niet zelden botsen de goden onderling om de
belangen van de onder hun bescherming staande helden te verdedigen. Het
leven van de helden is veelbewogen. Men zou kunnen zeggen dat het
bepaald wordt door het lot en in dienst staat van de strijd voor het
goede. Met hun daden verwerven zij roem en eer, terwijl sommigen van hen
de onsterfelijkheid verkregen hebben.
HERAKLES
Detail van de metope van de thesaurus (schatkamer)
van de Atheners in Delph, die Herakles toont
terwijl die het Cerynitische hert temt, een van zijn Twaalf Werken,
omstreeks 500 v. Chr,
Delphi, Archeologisch Museum.
De naam van Herakles staat gelijk aan kracht,
heldhaftigheid en machtsvertoon. Deze halfgod werd tot symbool, zijn
naam werd tot in alle uithoeken van de toen
bekende wereld een begrip en vertegenwoordigd
alles wat groots en bovenmenselijk was!
Er was geen moeilijkheid of Herakles kon hem
overwin. De problemen die bestonden in de samenlevingen in
bijna geheel Griekenland maar ook daarbuiten, konden ar
door één mens opgelost worden en die mens was altijd
Herakles
. Hij worstelde met slechte machten, monsters, legers, goden,
natuurkrachten, ziektes, zelfs met de dood en overwon altijd!
De beroemde held die begiftigd was met bovennatuurlijke krachten maar
ook met menselijke zwakheden, behoort tot de generatie van de Perseïden.
Hij werd geboren in Thebe als zoon van Amphitryon en Alcmene. Zijn echte
vader was overigens Zeus, die op zekere nacht misbruik maakte van de
afwezigheid van Amphitryon, diens gedaante aannam en met Alcmene sliep.
Toen Herakles geboren werd kwam hij niet alleen ter wereld maar samen
met zijn tweelingbroer Iphiclus, die volgens de mythe een echte zoon van
Amphitryon was, daar hij verwekt werd in de volgende nacht, na de
terugkeer van zijn vader. Godin Hera begon al snel jaloers te worden op
de baby die vanaf de leeftijd van 8 maanden zijn goddelijke afkomst
toonde. Op zekere avond toen Alcmene de tweeling te slapen had gelegd,
zond Hera twee enorme slangen naar hun bedjes, die
zich rondom de kinderen kronkelden. Terwijl Alcmene het op een huilen
zette, toonde Herakles geen enkele angst: hij greep met elke hand een
slang en wurgde ze.
Herakles als opgroeiende jongeling
Äls jongeling was de halfgod sterk, levendig,
ongehoorzaam en ongewoon sterk ontwikkeld. Toen hij achttien jaar was
had hij reeds zijn eerste heldendaad verricht: hij doodde de leeuw van
Cithaeron die zo woest was dat hij enorme schade aanrichtte aan de
kuddes zonder dat iemand kans zag hem onschadelijk te maken.
Ongeveer in diezelfde periode liep de knappe lange jongen eens te
wandelen en zag plotseling de weg voor hem zich in tweeën delen. De ene
weg begon mooi breed, maar werd verderop smal. Aan het begin van die weg
stond een opvallend geklede vrouw. De andere weg begon smal tussen
doornstruiken maar werd verderop breed en omzoomd door bloemen. Aan het
nauwe begin van die weg stond een aardige vrouw, bescheiden en eenvoudig
gekleed.
Wie bent u? vroeg Herakles.
Kom met mij mee, zei de eerste. Ik zal je heel gelukkig maken. Haar naam
was Kakia (slechtheid). Volg mij, zei de tweede. Je zult door de mensen
gewaardeerd, gerespecteerd en graag gezien worden. Ik heet Arete
(deugd). Herakles dacht even na en besloot Arete te volgen.
De halfgod Herakles
In de volgende jaren werd de faam van Herakles
overal verspreid en niemand kon het tegen hem opnemen wat kracht en moed
betrof. Koning Creon van Thebe liet hem met zijn dochter Megaera
trouwen, als eerbetoon aan zijn dapperheid. Maar godin Hera die elke
gelegenheid aangreep om hem kwaad te berokkenen, zond hem Trela
(zotheid) die hem in haar ban kreeg. Tijdens een van zijn crises doodde
Herakles de kinderen die hij samen met Megaera had. Toen hij weer bij
zijn verstand kwam en besefte wat hij gedaan had wilde hij zelfmoord
plegen. Uiteindelijk besloot hij het orakel van Delphi te raadplegen. De
voorspelling van Pythia luidde dat om zich te verschonen van de moord op
zijn kinderen, hij naar Argos moest gaan en voor twaalf jaren in dienst
treden van de neef van koning Eurystheus. Op gezag van Eurystheus moest
Herakles de heldendaden verrichten die hem als beloning onsterflijkheid
en toegang tot de berg Olympos zouden opleveren. En zo begaf de geliefde
held zich naar de koning van Argos die uit persoonlijke haatgevoelens
voor de held zijn uiterste best deed met zijn opdrachten Herakles aan
elk mogelijk gevaar, onoverwinnelijk monster en bovennatuurlijke kracht
die in die tijd ook maar bestonden bloot te stellen.
De wapenuitrusting van Herakles bestond uit de karakteristieke knots die
hij zelf maakte om zijn eerste opdracht tot een goed einde te brengen,
het zwaard dat Hermes hem gegeven had, de pijlen en boog, geschenk van
Apollo, terwijl Hephaestus hem een gouden borstharnas geschonken had en
Poseidon zijn paarden. Men zegt ook wel dat Athena een sluier aan het
harnas toevoegde, of ook wel dat zij hem dat alles geschonken had
behalve de knots.
De heldendaden van Herakles zijn onmetelijk in aantal, evenals de
verhalen die eraan gewijd zijn. De meest bekende ervan zijn die, die te
boek gesteld staan als "de twaalf werken van Herakles" en die hij
volbracht in opdracht van de neef van Eurysteus. Behalve die pleegde hij
nog vele andere heldendaden, organiseerde veldtochten en nam deel aan
oorlogen. Van de twaalf werken vinden de eerste zes op de Peloponnesos
plaats, de andere zes daarentegen verspreid over de hele wereld: van
Kreta tot Skythia, van Thracië tot het einde van de wereld, het westen,
en zelfs in de onderwereld.
DE TWAALF WERKEN VAN HERAKLES
De leeuw van Nemea
Dit eerste werk van Herakles was een bovenmenselijke
overwinning, want de leeuw, een bovennatuurlijk wezen dat mensen en
dieren verslond en in een grot met twee toegangen
woonde, was onkwetsbaar. Aanvankelijk joeg onze held op hem met pijlen
en boog, maar dat leverde geen succes op. Toen kwam hij op het idee de
ene toegang tot de grot af te sluiten en hem met zijn knots naar binnen
te jagen. Toen greep hij hem vast, nam hem in een houdgreep en wurgde
hem. Herakles stroopte de huid van de leeuwen en
droeg deze huid voortaan als mantel. De kop van de leeuw fungeerde als
een soort helm. Met deze lleeuwenkop wordt
Herakles vaak afgebeeld in alle mogelijke voorstellingen. Zo zag ook
koning Eurystheus hem, die zich van angst verstopte voor de held van
deze onuitvoerbaar geachte maar toch volbrachte taak.
De negenkoppige hydra van Lerna
De waterslang van Lerna, een meer in het landschap
Argolis, richtte ontzettend veel schade aan aan de oogsten en de kuddes
van de streek. Men zegt dat zelfs de adem die de vreselijke
slangenkoppen uitstootten, zo giftig was dat hij alles en iedereen die
in de buurt kwam doodde. Herakles verjoeg het monster uit haar hol door
brandende pijlen op haar af te schieten. Toen de reuzenslang
tevoorschijn kwam begon Herakles met een bijl de negen koppen af te
hakken. Tevergeefs, want voor elke afgehakte kop kwamen twee nieuwe in
de plaats! Terwijl hij deze strijd leverde, kwam ook nog de door Hera
gezonden verdediger van de streek, een enorme krab tevoorschijn, die hem
in zijn been beet. Herakles doodde hem en riep toen onmiddellijk de hulp
in van zijn neef Lolaüs uit Thebe. Lolaüs
richtte een vuur aan in het nabije bos en terwijl Herakles de koppen van
het monster afhakte, brandde Lolaüs met brandende
toortsen elke nek dicht zodat er geen nieuwe koppen konden aangroeien.
De middelste kop van het monster werd onsterfelijk geacht. Nadat ook
deze afgehakt was werd hij begraven en afgedekt met een enorm rotsblok.
Het bloed van de hydra was zeer giftig en Herakles doopte er zijn pijlen
in die zo tot dodelijke wapens werden. De enorme krab (of kreeft) steeg
op naar de hemel en nam de plaats in die Hera hem toebedacht in de
dierenriem, naast de leeuw.
Het Cerynitische hert
De volgende taak die Eurystheus aan Herakles opdroeg was het vangen van
het hert met het 'gouden gewei dat in Oenoë woonde en dat levend naar
Mycene te brengen. Het schuwe hert hield zich schuil boven in de rotsen
van Cerynia in de landstreek Arkadië, zelfs voor Artemis en graasde in
geheel Arcadië en de goddelijke bergen bij Argos. Het "Cerynitische
hert", zoals het vaak aangeduid wordt, had een gouden gewei en was
gewijd aan Artemis. Het was heiligschennis het dier te doden of zelfs
maar aan te raken, een buitengewoon dier, een goddelijk schepsel,
onbereikbaar en schier onmogelijk te vangen door het op te jagen. Een
heel jaar lang vervolgde Herakles het wild van land tot land omdat hij
er immers niet op kon schieten, dagelijks dodelijke gevaren trotserend.
Toen hij het eindelijk gevangen had kwam hij op de terugweg Apollo en
Artemis tegen. De twee goden werden woedend op hem vanwege deze daad.
Herakles vroeg echter de godin om vergeving en haar woede nam af daar
hij de hinde levend naar Mycene zou brengen.
Het Erymantische everzwijn
Het Erymantische everzwijn was een afschuwelijk wild zwijn dat leefde in
het Erymanthos-gebergte in het zuid-westen van Arcadië. Het beest was zo
woest dat het veel schade aanrichtte aan de oogt en niemand durfde het
te benaderen.
De vierde opdracht van Eurystheus aan Herakles was
het Erymantische everzwijn te vangen en levend naar Mycene te brengen.
De held zwierf door geheel Arcadië en tijdens zijn jacht op het zwijn
beleefde hij ook nog zijn avontuur met de Centaurs en leverde strijd
tegen hen toen zij dronken waren van de wijn van Dionysus.
Herakles dreef het zwijn naar de besneeuwde top van de Erymanthos, waar
hij het wist te vangen en met bijeen gebonden poten op zijn schouders
nam. Toen hij zo bij het paleis in Mycene aankwam, verschool Eurysteus
zich van angst in een pythari, een manshoge voorraad pot!
De Stymphalische vogels
De Stymphalische vogels leefden in een dicht woud
aan de rand van het Stymphalos-moeras. Het waren
zeer sterke roofvogels met ijzeren veren die zo scherp waren dat zij ze
als pijlen op hun vijanden afschoten. De ongewone vogels vormden een
ware plaag in het Stymphalische land, zij verslonden alle vruchten en
lieten niets van de oogst over. En zo gaf Eurysteus opdracht aan
Herakles de beesten onschadelijk te maken. Het grootste probleem was hoe
de vogels uit het bos te krijgen, dat zeer dicht was. Maar toen schonk
godin Athena hem ijzeren kleppers, gesmeed door Hephaestus, waarmee de
held zo'n lawaai produceerde dat hij de vogels opjoeg en vervolgens kon
doden met zijn pijlen. De vogels die wisten te ontkomen, waren zo
geschrokken dat zij het land verlieten en nooit meer terugkeerden.
De Augiasstallen
Augias, zoon van Helios, was de koning van Elis op
de Peloponnesos. Hij had een omvangrijke veestapel, maar door zijn
verzuim de mest op te ruimen die zich in de stallen verzamelde, had hij
grote problemen in zijn land veroorzaakt: aan de ene kant had hij het
land volkomen onvruchtbaar gemaakt door het niet te bemesten, en aan de
andere kant dreigde de hoeveelheid mest die inmiddels tot een hele berg
was aangegroeid het hele land te vervuilen. Van deze geschiedenis wordt
vermeld dat behalve de opdracht van Eurystheus aan de halfgod om stallen
schoon te maken om hem op die manier te vernederen, Augias zelf hem een
stuk van zijn koninkrijk of een tiende gedeelte van zijn veestapel
beloofde als hij de klus in één dag zou klaren. De manier waarop onze
held dit probleem te lijf ging was heel slim. Hij maakte eerst een
opening in de omheining van de stallen, en leidde vervolgens de
nabijzijnde rivieren Pinios en Alfeios door een kanaal ernaar toe en
liet zo de golven binnen één dag de bergen mest wegspoelen en
verspreiden over het land van Elis. Men zegt dat Augias uiteindelijk
zijn belofte niet nakwam, waarvoor hij later op voet van oorlog met
Herakles kwam. En Eurystheus verweet Herakles dat hij niet alleen de
door hem opgedragen taak niet had volbracht, maar ook die van Augias
niet.
De paarden van Diomedes
Diomedes was de koning van Thracië en bezat mensenetende paarden, die
gevoerd werden met het vlees van onschuldige voorbijgangers. Eurystheus
zond nu Herakles erop uit om deze gevaarlijke paarden naar Mycene te
brengen. Deze taak wist Herakles te volbrengen door Diomedes zelf als
voer voor de paarden te werpen. Toen verloren de paarden plotseling alle
woestheid en volgden de held gedwee.
Een vermeldenswaardig bijkomend feit is dat tijdens deze reis van de
halfgod hij een tussenstop maakte in Feres waar zijn vriend Admetus met
zijn geliefde Alcestis zou trouwen. Juist op die dag kwam Thanatus (de
dood) om Admetus te halen en deze zou alleen gespaard worden als iemand
van zijn familie vrijwillig in zijn plaats zou sterven. Alcestis, de
nieuwbakken echtgenote was de enige die zich opofferde en zo was het
paleis van Feres vervuld van treurnis en rouw. Zodra Herakles dit vernam
ging hij de rouwstoet achterna, haalde Thanatus in en leverde een
man-tegen-man gevecht met hem. Zo redde hij Alcestis leven.
De stier van Kreta
De stier van Kreta was een schitterend dier dat uit de golven van de zee
verrees op een dag dat koning Minos juist aan Poseidon had beloofd dat
hij hem alles zou offeren wat uit de zee kwam. Maar de stier was zo mooi
dat Minos het jammer vond hem te offeren. In plaats daarvan zond hij het
dier naar zijn eigen kuddes en offerde een andere stier. Poseidon nam
wraak en treiterde de stier zo dat deze vuur uit zijn neusgaten stootte.
Eurysteus droeg Herakles op hem de stier levend te brengen. Hij riep de
hulp van Minos in, maar de enige hulp die deze bood was het toelaten van
het vangen van de stier. Uiteindelijk kreeg de held het toch voor elkaar
de stier levend te vangen en hij keerde terug naar Argolië zittend op de
rug van het zwemmende dier. Het offer werd echter niet geaccepteerd door
Hera, voor wie Eurystheus het bestemd had en zo werd de stier
uiteindelijk vrijgelaten. Het dier ging de landengte van Korinthe over
en kwam zo in Attica terecht.
De gordel van koningin Hippolyte
Eens, toen Admete, de dochter van Eurystheus, te
kennen gaf dat zij de gordel van de koningin der Amazonen Hippolyte in
haar bezit wenste te krijgen, kreeg Herakles opdracht naar het land der
Amazonen te vertrekken en de gordel te verwerven. Hij rustte dus een
schip uit met een vrijwillige bemanning die uit louter helden bestond,
waaronder ook Theseus en Telamon, de held van Salamis en Aegina. In veel
verhalen wordt vermeld dat aan deze tocht alle Argonauten deelnamen. De
Amazonen waren een oorlogslustig volk dat uit slechts vrouwen bestond.
Van de kinderen die zij baarden lieten zij alleen de meisjes in leven,
en zodra deze meisjes opgroeiden werd hun rechterborst geamputeerd zodat
deze hen niet zou hinderen bij het aanspannen van de boog. Zij waren
zeer bedreven in het paardrijden en oorlogvoeren en zeer geducht.
Hun koningin, Hippolyte, bezat als onderscheidingsteken van haar macht
een zeldzame gordel van goud bezet met edelstenen, een geschenk van haar
vader, de god Ares. De helden onder leiding van Herakles kwamen na vele
avonturen in het land der Amazonen aan. Aanvankelijk was Hippolyte
bereid de gordel aan Herakles af te staan, maar dan vermomt godin Hera
zich als Amazone en veroorzaakt onenigheid tussen de vrienden van onze
held en de Amazonen, wat uiteindelijk op een oorlog uitdraait. In de
loop van de gebeurtenissen wordt Hippolyte gedood door Herakles, die
denkt dat zij hem verraden heeft, en zo verkrijgt hij de gordel. Volgens
een andere mythe begonnen de vijandelijkheden al op het moment dat de
helden voet aan land zetten en werd de gordel uiteindelijk afgestaan in
ruil voor het vrijlaten van Melanippe, een in krijgsgevangenschap
genomen Amazone die waarschijnlijk de zuster van Hippolyte was.
De runderen van Geryones
De opdracht aan de halfgod om de runderen van
Geryones naar Mycene te brengen, noodzaakte hem af te reizen naar het
uiterste westen, naar het eiland Eurythia. Daar hield de monsterlijke
Geryones, zoon van Chrysaor, er ontelbare runderen op na die bewaakt
werden door de herder Eurytion en de tweekoppige hond Orthros, broer van
de andere monsters Cerberus, de leeuw van Nemea en de hydra van Lerna.
Geryones betekent "schreeuwer". Als hij riep, klonk het alsof er
duizenden krijgers tegelijk schreeuwden. Hij had drie lichamen met zes
armen, en drie hoofden. Volgens sommigen had hij ook nog vleugels.
Herakles ondervond grote problemen voor hij in het uiterste westen
aankwam, want hij moest eerst de oceaan oversteken. Na veel aandringen
en dreigen stemde Helios er eindelijk in toe hem zijn drijvende schotel
te lenen om over te steken. Zodra Herakles in Eurythia aankwam, doodde
hij met zijn knots Othros die hem aanvloog en de herder Eurytion.
Vervolgens verzamelde hij de kostbare runderen en vertrok weer. Er
bestaan vele verhalen over de diverse heldendaden die Herakles tijdens
die reis verrichtte. Er wordt verhaald dat hij tijdens de heenreis een
groot aantal monsters en gedrochten die in Libye en aan de Afrikaanse
kust huishielden onschadelijk maakte en dat hij ter herinnering aan zijn
doortocht twee zuilen oprichtte, één aan weerszijden van de huidige
straat van Gibraltar, daar waar het Euwpese vasteland gescheiden wordt
van Afrika. De kudde beleefde vele avonturen voor ze op de plaats van
bestemming aankwam, zoals een soort dolheid die de runderen beving nadat
zij belaagd waren door een door Hera gezonden vliegenplaag. Enkele
runderen bleven in deze wilde toestand, maar de meeste werden toch door
Herakles in Mycene afgeleverd, waar ze door Eurystheus aan godin Hera
geofferd werden.
De gouden appelen van de Hesperiden
Heel ver weg, ten westen van Libye, misschien wel - aan
de voet van het Atlasgebergte, was eens de tuin der Hesperiden waar
gouden appels aan de bomen groeiden. Die kostbare appels werden geregeld
gestolen door de dochters van Atlas. En zo droeg Hera aan een
honderdkoppige draak die bovendien onsterfelijk was, op om de appels te
bewaken tezamen met de drie nimfen van Hespera, de Hesperiden.
Bij de aanvang van de taak zorgde Herakles ervoor zich eerst op de
hoogte te stellen van de richting die hij moest volgen. En hoewel hij
alle mogelijke moeite deed om van god Nereus aan de weet te komen welke
weg naar het land der Hesperiden leidde, maakte hij vele avonturen mee
voor hij daar aankwam. Tijdens één van deze avonturen moest hij strijd
leveren met de reus Antaeüs. Dat was een zware strijd want terwijl de
held met de reus vocht, leunde deze laatste voortdurend op de aarde (Gaea),
zijn moeder, waaraan hij voortdurend nieuwe krachten ontleende. Toen
Herakles dat in de gaten kreeg tilde hij met een bovenmenselijke
krachtsinspanning de reus op zijn schouders zodat die het contact met
Gaea verloor en drukte hem toen dood.
Tijdens dezelfde reis en bij een van zijn vele omzwervingen bevrijdde
hij ook Prometheus, de mensenredder die door Zeus veroordeeld was tot
vastgeketend zijn in het Kaukasus-gebergte, omdat hij de mensheid het
vuur geschonken had, een geschenk dat uitsluitend voor goden bestemd
was. Daar werd elke avond door een roofvogel zijn lever uit zijn lijf
gescheurd en opgegeten, die dan 's nachts weer aangroeide. En de
volgende dag herhaalde de geschiedenis zich. Herakles doodde met één
welgemikte pijl de vogel en bevrijdde Prometheus van zijn ketenen. Deze
laatste gaf hem als blijk van dankbaarheid de raad om niet zelf de
appelen der Hesperiden te plukken maar om aan Atlas te vragen hem dit
plezier te doen.
De reus Atlas torste het hemelgewelf (Uranus) op zijn schouders. De held
stelde hem voor hem even van zijn last te bevrijden als hij alleen maar
even drie gouden appelen voor hem wilde plukken uit de tuin der
Hesperiden. Atlas plukte de appelen maar wilde daarna niet weer Uranus
op zijn schouders nemen. Hij zei tegen Herakles dat hij zelf wel de
kostbare vruchten naar Eurystheus zou brengen. Maar toen toonde de
halfgod weer eens zijn slimheid: hij verzocht Atlas dan toch even nog
het hemelgewelf weer over te nemen zodat hij zelf een kussentje op zijn
schouders kon leggen omdat hij niet aan het torsen van zo'n groot
gewicht gewend was. Atlas nam nietsvermoedend het gewicht van Uranus
weer over terwijl Herakles snel de appelen greep die de reus op de grond
had gelegd en er vervolgens zo snel mogelijk vandoor ging.
Eurystheus kreeg zijn gouden appelen, maar wist niet wat er mee te doen.
En zo schonk hij ze aan godin Athene die ze weer terugbracht naar waar
ze thuishoorden: in de goddelijke tuin en nergens anders.
Cerberus
Dit werk van Herakles verschilt van de overige taken in die zin dat het
verband houdt met het betreden van verboden heilig terrein, wat
tegelijkertijd het overtreden van de wetten van de natuur betekent.
Eurystheus vroeg Herakles hem de waakhond van Hades te brengen, een
prestatie van topklasse. Alleen een Herakles met bovenmenselijke gaven
zou levend kunnen afdalen in de Onderwereld en daaruit terugkeren samen
met de bewaker daarvan!
Voor hij aan deze opdracht begon, liet hij zich inwijden in de mysteriën
van Eleusis uit eerbied voor de onderwereldheersers en de doden. Bij
deze reis kreeg hij hulp van Athena en vooral van Hermes. Hij daalde in
de Onderwereld af via de rotskloven in het voorgebergte Tainaron. Hij
ontmoette vele bekende wezens. Voor zover Herakles trachtte ze met zijn
zwaard te bestrijden, lichtte Hermes, de begeleider der zielen, hem in
dat het slechts schimmen waren die hij zag. De heerser van Hades stemde
erin toe dat de held de hond mee zou nemen, als hij deze zou kunnen
temmen zonder wapens te gebruiken en met slechts zijn borstkuras en zijn
leeuwenkophelm als bescherming.
En zo worstelde Herakles met de hellehond Cerberus, die tenslotte het
onderspit moest delven. Toen Herakles het beest naar Mycene bracht,
kroop Eurystheus van angst weer in de bekende pithari en onze held
bracht de hond toen maar weer terug naar de Onderwereld.
Het einde en de verering van Herakles
Herakles verrichtte nog vele heldendaden en grote
werken, ondernam veldtochten, voerde oorlogen en maakte misdadigers en
monsters onschadelijk die het gebied onveilig maakten. Er bestaan vele
verhalen en legenden die ze beschrijven in verschillende vorm. Het einde
van de mythe van Herakles wordt altijd in verband gebracht met zijn
fatale huwelijk met Deianira. Dit huwelijk was geregeld tijdens zijn
reis naar Hades, toen hij haar broer Meleager ontmoet had. We zouden
kunnen zeggen dat die onderlinge overeenkomst, gesloten op een plaats
zoals de Onderwereld, een beslissende rol heeft gespeeld. Tijdens een
zekere reis die de held samen met Deianira maakte, moesten ze de
Evinosrivier oversteken. De Centaur Nessus die er vlakbij woonde was hun
veerman. Nessus bracht eerst Herakles naar de overkant en keerde toen
terug om Deianira te halen. De Centaur wilde zich echter aan haar
vergrijpen en toen Herakles vanaf de kant haar hulpgeroep hoorde schoot
hij een van zijn pijlen op het hart van Nessos af. De Centaur zei toen,
om wraak te nemen, tegen Deianira dat als zij ooit bang zou zijn
Herakles te verliezen, zij hem voor altijd bij zich zouden als ze hem
alleen maar een magisch elixer te drinken zou geven, gemaakt uit het
bloed van zijn wond. Deianira geloofde hem, ving het bloed uit Nessus
wond op en nam het mee.
Later, toen Herakles na zijn overwinning op Euritos om de bezetting van
Oichalia een altaar voor Zeus wilde bouwen om hem offers te kunnen
brengen, zond hij zijn vriend Lichas naar Trachina waar Deianira toen
verbleef, om schone nieuwe kleding te halen voor de plechtigheid. Toen
werd Deianira bang dat Herakles haar wellicht voorgoed zou verlaten voor
lole, de dochter van Eurytos en minnares van Herakles
Zij doopte toen het gewaad in Nessus' bloed. Herakles trok de tunica
aan en begon met de offer-rituelen. Maar het giftige bloed van Nessus
deed zijn huid schroeien. De kwelling was onverdraaglijk. De held
trachtte de dodelijke tunica uit te doen maar deze zat aan zijn huid
vastgekleefd. Toen gebood hij zijn bedienden hem naar Trachina te
brengen. Deianira pleegde zelfmoord toen zij begreep wat ze gedaan had.
Waarop Herakles Lole aan zijn zoon Hyllus
toevertrouwde en deze liet beloven haar te huwen wanneer hij volwassen
zou zijn, en daarna de berg Oeta besteeg. Daar verzamelde hij een stapel
hout en gaf opdracht hem daarop te verbranden. Niemand
gehoorzaamde hem echter. Slechts Philoctetes stemde uiteindelijk ermee
in Herakles uit zijn lijden te verlossen. De held schonk hem zijn boog
en pijlen, die gedoopt waren in het gif van de Lerneïsche Hydra. Toen
het vuur hoog genoeg was werd Herakles onder het geweld van donder en
onweer door een wolk meegenomen naar de hemel. Zo werd Herakles
onsterfelijk en woonde vanaf toen op de Olympus, waar hij trouwde met
Hebe, godin van de eeuwige jeugd.
Bron:
Griekse Mythologie, Tekst Sofia
Soulis. Uitgerij Michalis Toubis. Haar bronnen zijn: Oude Griekse
Letteren en vele schrijvers zoals Homerus, Euripides, Sophocles
e.a.. Wij brachten het boek mee uit Griekenland en kunnen het zeer
aanbevelen! Het omvat 174 pag., is rijk geïllustreerd en bevat nog veel
bijzonderheden
** Uw
accommodatie in Griekenland kunt U goed boeken via
Hotels/Appart./Griekenland. Er zijn 2282 hotels/appartementen
online boekbaar.
** Uw accommodatie op een van de Griekse eilanden kunt U goed
boeken via
Hotels/Griekse/Eilanden. Er zijn 1535 hotels/appartementen online
boekbaar.
**
You can make the text larger by pressing
the "Ctrl" and the "+" key at the same time!
** Uw "Tablet-pc" en
Stedentips voor Trips, een ideale combinatie! ▲
▲ |