RHÓDOS, of Ródos, is een van de drukst bezochte vakantiegebieden van Griekenland, al ligt het dan ook bijna in Turkije; slechts twintig kilometer uit de kust van Klein-Azië.
Naar overzicht Dodekánesos. Naar startpagina Griekenland. Naar steden- , regio- en eilandenlijstaz.  Naar uw accommodatie! 
 

RHÓDOS-STAD   RODINÍ    KALlTHÉA    AFÁNDOU    LALYSÓS    IXOS (of Ixia)     TRIÁNTA     PETALOÛDES    KAMIROS    ÉMBONAS    LINDOS    ARHÁNGELOS

Die excentrische ligging van het eiland Rhódos is misschien wel de voornaamste reden geweest voor de stormachtige ontwikkeling van het toerisme op dit eiland. In een tijd dat Griekenland om politieke redenen massaal gemeden werd als vakantieland, werd Rhódos gepousseerd als vakantiebestemming. Rhódos was tot 1947 Italiaans. En hoe Grieks het nu ook mag zijn, die Italiaanse periode heeft onmiskenbaar zijn sporen achtergelaten. Evenals trouwens de daaraan voorafgaande eeuwenlange Turkse overheersing: behalve 44 Griekse zijn er nog steeds twee Turkse dorpen.

Met een oppervlakte van 1404 km² is Rhódos   
het grootste eiland van de Dodekánesos, zo'n dertig kilometer op zijn breedst en van noordpunt naar zuidpunt ongeveer 78 km lang. De kern van het eiland wordt gevormd door een bergketen van formaat;

Atáviros, de hoogste top,
reikt deze 1215 meter boven de zeespiegel. Iets voor liefhebbers van een wijde blik, die goed kunnen klimmen.

Net zoals de helft van de eilandbewoners   
blijven de meeste toeristen in de gelijknamige hoofdplaats, helemaal op de noordpunt van het eiland.

Wij zouden u willen aanraden
om tenminste een bezoek te brengen aan het 56 km zuidelijker gelegen Lindos; niet alleen vanwege zijn akropolis en het uitzicht dat u daar heeft, maar ook omdat u op weg erheen dan meteen het landschappelijk meest aantrekkelijke deel van het eiland leert kennen. Als u dan onverhoopt aan andere delen van Rhódos niet meer mocht toekomen, kunt u zich troosten met de gedachte toch het mooiste gezien te hebben.

Tenzij u archeologisch ingesteld bent natuurlijk,   
dan moet u beslist ook nog even een kijkje nemen bij de puinhopen van Kamíros en Ialysós. Daarmee zijn de specifieke bezienswaardige plaatsen van het eiland wel genoemd, op

de hoofdstad RHÓDOS zelf na;   
zijn ommuurde stadsdeel met vestingwerken uit de Kruisriddertijd is een gaaf bewaard, autovrij monument van middeleeuwse bouwkunst. Bezien vanuit kunsthistorisch oogpunt is het misschien niet allemaal even fraai, maar het oog van uw camera  zal hier beslist heel wat fotogenieke objecten vinden.

Weinig of geen mooie stranden
  
Rhódos zal u tegenvallen als u in de buurt van uw hotel fijne zandstranden verwacht. Vrijwel de meeste hotels, met name de grote en luxueuze hotels, vindt u aan de westzijde van de stad Rhódos, maar daar is geen aantrekkelijk strand te vinden, hoe ver u ook loopt. Zo'n twaalf kilometer lang tot Kremastî is er slechts een heel smalle strook strand en dan nog van louter grove kiezelsteen, dus ook niet bepaald ideaal voor kinderen.

Bovendien waait er vrijwel constant  
een noordwestenwind, soms zelfs behoorlijk krachtig. Dus ook geen bijdrage tot een ideaal strandleven aan deze westelijke zijde van het eiland, tenzij de temperaturen hartje zomer al te hoog worden. Dan is die eeuwige wind welkom.

Aan de oostzijde van de stad vindt u wel zandstrand,   
zelfs zo'n driekwart kilometer lang, maar het is zand van een nogal grove soort en aan de waterrand stapt u toch nog op kiezel. Als compensatie voor het tegenvallende strand hebben veel hotels dan ook een eigen zwembad en ligweitjes. Zon is er genoeg, en regenen doet het hoogst zelden in de zomermaanden.

Een werkelijk goed zandstrand,  
dat ook geschikt is voor kleine kinderen, vindt u pas bij Faliráki, ongeveer 15 km ten zuiden van Rhódos aan de beschutte oostkust. Er is een regelmatige busverbinding en ook per bootje kunt u erheen. 's Zomers kan het hier, zo uit de wind, wel eens wat al te warm zijn. Dat geldt vanzelfsprekend nog meer voor het binnenland. In augustus stijgt het kwik daar vaak tot boven de veertig graden Celsius. Op het strand moet u dan 'koelte' zoeken bij temperaturen van om en nabij dertig graden, ondanks of dankzij de zeewind.

Het zeewater heeft in de maanden maart en april   
een gemiddeld van zo'n 16 graden Celsius. Is dan op z'n koudst; maar omdat de zee heel lang de zomerwarmte vast houdt is het water in december nog warmer, namelijk zo'n 18 graden. Van mei tot september loopt de temperatuur dan al gauw op tot gemiddeld 25 graden, al moet u er wel steeds rekening mee houden dat er tussen de oost- en de westkust altijd een temperatuurverschil bestaat. De in de luwte gelegen oostkust is soms wel enige graden warmer.

Rozeneiland zonder rozen  
Van Rhódos komt het woord roos. De ons bekende bloem, van de familie Rosaceae, vindt u er echter niet of nauwelijks; hoogstens de bloempjes van de rhododendron of 'rozenboom', van de familie Ericaceae. Wèl ziet u er hele velden bloedrood gekleurd door de papavers. En ook margrieten, lelies, kamille, hibiscus, bougainvillea, oleander en jasmijn vindt u er volop, althans in het voorjaar, als de felle zon al het frisse groen nog niet heeft kunnen verschroeien.

In april schijnt de zon al zeker acht uur per dag   
en al valt er dan gemiddeld nog zo'n 43 mm regen in deze maand, de gemiddelde minimum en maximum temperaturen zijn dan al aantrekkelijk genoeg, namelijk resp. 15 en 19,4 graden Celsius.
In de nu volgende maanden stijgen die gemiddelde minima en maxima met telkens ruim drie graden per maand, totdat in juli met resp. 23,3 en 28,3 de top is bereikt; er valt dan ook vrijwel geen druppel regen meer.
Heel anders is dat in de wintermaanden.
Dan valt het water hier zelfs met bakken uit de hemel, en dat is maar goed ook, want daardoor kunnen in het voorjaar juist al die bomen en bloemen hier weer zo lustig gaan bloeien.

Maar het betekent wel dat Rhódos geen ideaal eiland is voor een overwintering,   
al moeten we de zaken ook weer niet te somber bezien, want de gemiddeld genomen laagste temperatuur in januari is altijd nog zo'n 10,6 graden, terwijl de zon zich dan nog zeker vier uur per dag laat zien, door de bank genomen. Overigens zorgen bijna acht miljoen olijfbomen en verder nog heel wat Aleppodennen, cipressen, acacia's, eucalyptussen en vijgebomen er voor dat Rhódos ook in de dorre zomermaanden nog aardig gestoffeerd. U zult echter zeker meer worden aangesproken door bomen met sinaasappelen en citroenen. Of de abrikozenboompjes die hier eind mei, begin juni worden geoogst.

Dankzij die bomen kunt u zich in ieder geval ook hartje zomer nog in het hartje van het eiland bevinden,   
namelijk bovenop de berg van de profeet Elias waar op de bosrijke hellingen enige hotels zijn gebouwd die bij de Grieken zelf zeer in trek zijn.
De centrale bergketen wordt omringd door vruchtbare kustvlakten waar behalve die olijven en al dat fruit ook nog gerst en uien en allerlei soorten groenten gekweekt worden.

Souvenirs van de sultan
  
Een ander voortbrengsel van het eiland is kaolien,  porseleinaarde. Dit is een grondstof voor aardewerk, dat hier al sinds de oudheid op grote schaal wordt gemaakt. De pottenbakkerijen van Rhódos voorzien ook de rest van Griekenland grotendeels van 'inheemse' keramiek. Het verdient aanbeveling om eens een bezoek te brengen aan zo'n pottenbakkerij, omdat u er doorgaans ook werkelijk een pottenbakker aan het werk kunt zien en soms ook nog de meisjes die de vazen en schalen met de hand beschilderen, voor ze in de oven geglazuurd worden..
Andere gewilde souvenirs, vooral vanwege hun prijs, zijn juwelen (vooral sieraden van goud en filigrain) en alcohol.

De Dorische drie en de Kolos van Rhódos  
De geschiedenis van Rhódos is zeer afwisselend geweest. Vele volken hebben er geheerst en drukten er hun stempel op. Al in de oudheid was het eiland een belangrijke schakel in het handelsverkeer tussen de toenmalige grootmachten.

Griekse bewoners heeft Rhódos al sinds de Myceense tijd.  
Omstreeks 1200 v. C. begon de kolonisatie van het eiland door de Doriërs. Zij stichtten de steden Lindos, Ialysós en Kamiros. Deze drie Dorische steden kwamen tot grote bloei en werden in de vijfde eeuw voor het begin van onze jaartelling lid van de Delisch-Attische Zeebond. In 408 v. C. stichtten zij gezamenlijk (z.g. Synoikismos) de stad Rhódos.

Lindos bleef echter een druk bezocht religieus centrum met het heiligdom
  
voor de godin Athena-Lindia. In de vierde eeuw v. C. werd Rhódos lid van de tweede Attische zeebond. Als machtige handelsrepubliek met een sterke vloot kwam het in de Hellenistische tijd (de eeuwen na de veroveringen van Alexander de Grote) tot steeds grotere bloei. Ten getuige daarvan verrees aan de haveningang van de stad Rhódos een 32 meter hoog beeld van de zonnegod Helios, de beroemde 'Kolossos van Rhódos', een der zeven wereldwonderen in de oudheid, die echter al spoedig ten prooi viel aan een aardbeving.

Latere steun aan Rome in de oorlogen tegen Macedonië   
(201 v. C. en later) werd aanvankelijk beloond met uitgebreide bezittingen op het vasteland van Klein­Azië, maar toen het concurrerende Délos door de Romeinen tot vrijhaven werd verklaard, liepen de inkomsten van de haven van Rhódos tot een zevende terug.

Het eiland bleef echter een centrum van cultuur.  
Zo was de Rhodische welsprekendheid in de oudheid een begrip. Omstreeks 330 v. C. stichtte de Atheense redenaar Aischynes er een toenmaals wereldvermaarde retorenschool, waar onder anderen Cato, Cicero, Julius Caesar en Brutus zich bekwaamden in de kunst der welsprekendheid. In de tweede eeuw waren er ook een filosofen- en een beeldhouwersschool. Van de wijsgeren noemen we Panaetius en Posidonios, van de beeldhouwers Lysippus en diens leerling Chares van Lindos, de maker van de Kolossos. Het bekendste werk van Rhodische kunstenaars is nog altijd de beroemde Laokoön-groep, thans in het Vaticaans Museum; u vindt een kopie in het Grootmeesterspaleis.

In 44 na Christus werd Rhódos door Vespasianus ingelijfd bij de Romeinse provincie Asia.   
Na de val van Rome trad er ook voor Rhódos een periode van verval in, waarin vele heersers elkaar opvolgden, te beginnen met Arabische kaliefen, tot in 1310 de Ridders van Sint Jan, verdreven uit Palestina en Cyprus, het eiland in bezit namen. Zij maakten van de stad Rhódos een sterke vesting die ruim twee eeuwen lang tegen de macntige Turken kon worden verdedigd.

Toen in 1522 sultan Soleiman II met driehonderd schepen   
en liefst honderdduizend man de Rhodische veste een half jaar lang belegerde, moesten de 650 Hospitaalridders en hun zevenduizend soldaten uiteindelijk toch Rhódos prijsgeven aan de islamitische Turken.

En met Rhódos: de islam heerste bijna vier eeuwen over het eiland   
(er is nog menige moskee die u daaraan kan herinneren) en van 1911 tot 1945 kende het een Italiaanse bezetting, die overigens voor Rhódos bepaald niet ongunstig heeft gewerkt. In 1947 werd het eiland tenslotte officieel verenigd met het Griekse moederland.

RODINÍ  
Nog zo dicht bij Rhódos dat u er op de fiets naar toe kunt rijden, vindt u aan de noordoostkust twee dorpen die een geschikt doel zijn voor een uitstapje, het eerste zelfs op wandelafstand: Rodini, een voorstadje van Rhódos in het groen, 5 km van het centrum, met overblijfselen van een Romeins aquaduct en een grafveld uit de oudheid (o.a. het z.g. Ptolemaeëngraf uit de 3de eeuw v. c., al ligt hier waarschijnlijk geen van deze Hellenistische heersers begraven). Het dorp is vooral bekend om zijn Wijnfestival, jaarlijks van begin juli tot begin september, vooral geliefd bij de vele Zweedse en Deense toeristen. Ook is er een weinig interessante dierentuin.

KALlTHÉA eigenlijk: Thérme Kalithéas (ter onderscheid van het landinwaarts gelegen dorp) ligt 9 km van Rhódos.   
Het was eeuwen lang bekend om zijn minerale bronnen ter heling van jicht en lever- en nierkwalen, maar nu vooral geliefd als zeebadplaatsje.
Stranden vindt u hier aan weerszijden van
Kaap Vódi.
Ten noorden daarvan, op het grondgebied van het dorp Koskinou, staan de hotels Sunwing, Paradise en Eden Rock, waar het strand (zand en kiezel) schoon en niet zo vol is en het water helder (zwembaden, minigolf, water­skiën, windsurfen, tennisbanen, bootverhuur).
Aan de andere kant ligt het eigenlijke Thérme Kallilhéas,   
met een leuk kiezelstrand. Nog weer iets verder vindt u het strand van Faliráki. Vóór de drie noordelijke hotels (Esperides Beach, Blue Sea, Rhodos Beach) ligt een strand van zand en kiezelstenen; voldoende voor­zieningen, bootverhuur, waterskiën, windsurfen, tennis, minigolf. Verderop (bij Apollo Beach, Faliraki Beach e.a.) is het zand fijner, het water even schoon en zijn er dezelfde goede voorzieningen; bootverhuur, waterskiën.

AFÁNDOU
(Afántou)   
is de volgende badplaats, gelegen achter het militaire oefenterrein aan de gelijknamige baai. De accommodatie is beperkt tot het luxe hotel bij het golfterrein (18 holes) waarvan de gasten een deel van het zand/kiezelstrand mogen gebruiken. Meer ruimte vindt u bij Kolimbia aan weerszijden van Kaap Vógia (zand- en steenstrand).

LALYSÓS
  
Ook nog op 'fietsbare' afstand van Rhodos, namelijk 13 km, vindt u zuidwestwaarts via de dorpen Ixos (5 km, met moderne moskee en het bungalowpark Akti Miramare) en Triánda (8 km, met in zijn kerk1 een 18de­eeuwse iconostase) op de met cipressen begroeide noordwestelijke helling van de 267 m hoge (en steile) Filérimos de overblijfselen van de antieke Dorische stad Lalysós. U ziet een door de Italianen gerestaureerde Johannieterburcht, beschermend om een kloosterkerk heen gebouwd; mooie kruisgang. Dicht daarbij vindt u de fundamenten van een tempel voor de godin Athena uit de derde eeuw v. C. Een kruisvormig doopvont in de vloer en een kapelletje met mooie 15de­eeuwse muurschilderingen (half onder de grond) vertellen u dat men later op deze zelfde plek een christelijke kerk heeft gebouwd. Trouwens, die antieke fundamenten zijn ook niet de alleroudste; in de Myceense tijd heeft hier al een burcht gestaan.

IXOS (of Ixia)
  
is weinig meer dan een hoteldorp met onderdak in alle beschikbare klassen, gelegen aan een drukke weg die de hotels scheidt van het toeristenstrand.
 
TRIÁNTA   
is een echt dorp en de hotels liggen dichter bij het kiezelstrand. De meeste hebben een eigen zwembad en er is een minigolf terrein. Beide plaatsen liggen dicht bij het druk gebruikte vliegveld Paradissi.

PETALOÛDES
  
Net zoals naar Lalysós volgt u de westelijke kustweg naar Triánda en verder naar Kremasti (12 km; slecht strand maar toch weer hotels; zwembaden, tennisbanen, minigolf) waar de afslag is naar het vliegveld en het dorp Maritsá, maar wij gaan door naar Paradissi (17 km). Drie kilometer voorbij dit dorp linksaf en via (Káto) Kalamónas (23 km) komen we dan in het bosrijke beekdal Petaloûdes, het 'Dal der Vlinders' (26 km) aan de voet van de 480 m hoge berg Psinthos.
In de zomermaanden,   
meestal van juli tot in september, zijn hier in bomen en struiken duizenden nachtvlinders te vinden, tenminste als u heel goed kijkt, want overdag slapen ze natuurlijk, zodat u de rode onderkant van hun vleugels niet kunt zien. Pas als ze worden opgejaagd, bent u plotseling zichtbaar omzwermd door een rode wolk van vlinders, een zeer exotische aanblik.
U kunt deze tocht uitbreiden
 met een bezoek aan Kamiros; daarvoor moet u dan wel eerst terug naar de hoofdweg.

KAMIROS  
Kamiros (oudgrieks: Kameiros) ligt 34 km van Rhódos nabij de westkust. U komt er dus weer via Triánda, Kremasti en Paradissi en door vervolgens de hoofdweg te blijven volgen voorbij Thólos en Soróni naar Kalavárda (30 km) waar u rechtsaf de kustweg volgt tot aan het opgravingsterrein, gelegen op een 120 m hoog plateau. U ziet er nu hoofdzakelijk fundamenten van een antieke Dorische stad, in 1929 opgegraven door Italiaanse archeologen.
Meteen rechts van de ingang
ziet u de overblijfselen van een Dorische tempel voor Apollo uit de 3de eeuw v. C. Vanaf de ingang recht vooruit wandelend komt u langs een diepe nis (exedra, offerplaats) en via een trap bij de restanten van stadsmuren. Tegen de heuvel opklimmend langs het weinige wat resteert van de Hellenistische stad, bereikt u de heuveltop met een enorme cisterne; deze regenvergaarbak werd al in de 6de eeuw aangelegd om de stad Kamiros van drinkwater te voorzien. Iets zuidelijker ziet u nog overblijfselen van een tempel voor Athena uit de 5de eeuw v. C.
U kunt deze tocht voortzetten naar Émbonas.

ÉMBONAS
  
Émbonas is een dorp (56 km ten zuidwesten van Rhódos) waar, naar wij vurig voor u hopen, nog steeds de fraaie oude klederdrachten van Rhódos worden gedragen. U kunt er komen via de westelijke kustweg die voorbij Kamiros allengs slechter wordt, vooral na Kritinia. Als alternatief kunt u beter 4 km vóór Kamiros op de splitsing bij Kalavárda de weg landinwaarts volgen via Salakós (ongeveer 40 km vanaf Rhódos; als u naar Kamiros geweest bent, moet u hier dus nog tweemaal 4 km bijtellen) en vervolgens langs de voet van de berg Profitis Ilias (8 km voorbij Salakós leidt linksaf een weg naar de prima hotels op de beboste hellingen van deze 798 m hoge berg; gezonde lucht en mooi uitzicht).
E(m)bona(s) ligt aan de noordzijde van de Ataviros,   
de hoogste bergtop van het eiland, 1215 m boven de zeespiegel. Ten zuiden van Émbonas zult u nog maar heel weinig andere toeristen tegenkomen; de wegen zijn er trouwens ook niet al te best. Als u niet bang bent voor stof en steenslag en toch een complete rondtocht over het eiland wilt maken via Monólithos met de ruïne van een Johannieterburcht en Kattaviá (61 km van Émbonas) in het zuiden en dan weer noordwaarts terug voorbij Lindos (via deze grote omweg 164 km vanaf Rhódos) dan rijdt u in totaal minstens 220 km, uit en thuis, waarvan de helft met een gemiddelde snelheid van 30 km per uur.

LINDOS
  
Een uitstapje dat u beslist niet mag missen is een dagtocht naar Lindos, 56 km van Rhódos gelegen aan de oostkust per boot en of per bus.
Lindos is een pittoresk witgepleisterd plaatsje
aan de voet van een 120 m hoge rotsheuvel, de akropolis; volgens velen de fraaiste 'bovenstad' van heel Griekenland. Het plaatsje zelf is wel heel erg toeristisch. Bezienswaardig: de grote kerk van de Heilige Maagd (Panagîa) met zijn mooie 18de-eeuwse muurschilderingen en een voor Lindos wel zeer typerende vloer van zwarte en witte kiezelsteentjes in mozaïek; de 15de-eeuwse kapiteinshuizen met hun prachtige gevels.
Wie blijft, vindt hier aan de 'Grand Harbour' mooie zandstranden   
met behoorlijk veel voorzieningen en schoon water; waterskiën, bootverhuur. Achter de akropolis ligt de stille baai van St. Paulus (zandstrandjes) en nog verder, om Kaap Mirtîas heen, liggen de stille stranden van de baai van Lárdos.
In de prachtige baai van Vlihos, één bocht ten noorden van Lindos staat een modern hotel (Lindos Beach).
Het strand bestaat uit een donker mengsel van zand en kiezelstenen; pedalo's te huur, windsurfen, tennis, zwembad, disco.
Het is een hele klim en daarom kunt u ook per muilezel omhoog naar de

Aakropolis van Lindos
,   
alleen al een bezoek waard vanwege het prachtige uitzicht op de steile rotskust met de diepblauwe zee en de witte huizen van het dorp. Voor u zover bent moet u echter nog heel wat klimmen, ook als u net van uw ezel gestapt bent bij de poort van de Johannieterburcht, of althans een muur die in verbinding staat met het nog een 'etage' hoger gelegen fort dat de Hospitaalridders in de middeleeuwen rondom de akropolis  hebben gebouwd.
Na een flinke klim komt u op een terras
met in de rotswand een reliëf van een antiek schip, althans de achtersteven en het roer van een zeilschip uit de oudheid met op het dek het voetstuk voor een beeld van Hagesandros, een Poseidonpriester.
U keert het reliëf de rug toe voor een bestijging   
van de lange smalle trap die u via een poortgebouw in de eigenlijke burcht van de Johannieters brengt. Hoe hoger u nu klimt, hoe dieper u teruggaat in de tijd: op dit niveau kunnen de plaatselijke gidsen u nog wijzen op restanten van een gotische kapel voor de ridders van Sint Jan. Op ongeveer hetzelfde niveau staat aan de rand een Romeinse tempel uit ongeveer 300 na Christus, vermoedelijk ten dienste van de keizercultus.
Weer een trap en dus een terras hoger
ziet u een Hellenistische zuilenhal althans de weinige overblijfselen daarvan; omstreeks 200 voor Christus was het een enorme stoa met 42 zuilen. Brede statietrappen vormen de aanloop naar het klassieke propylon, naar voorbeeld van de beroemde Atheense propylaeën.

En dan op het hoogste punt de overblijfselen van de tempel van Athena-Lindia 
van oorsprong uit de 6de eeuw v. C., maar na een brand in 348 v. C. herbouwd in Dorische stijl, 25 bij 8 m groot, met vier zuilen aan de oost- en de westzijde, aan de zij­kanten geen. In de archaïsche pe­riode werd hier een nimf vereerd die bij de komst van nieuwe ko­lonisten 'verdreven' werd door de godin Athena; haar naam werd echter toegevoegd aan die van haar opvolgster: Athena-Lindia.
Neerkijkend op het witte Lindos
kunt u nog even mijmeren over het feit dat alle plaatsnamen op  os in feite on-Grieks zijn en dus wijzen op bewoning lang voordat de Grieken (dus Griekstalige Indoeuropese stammen, in dit geval Doriërs) het eiland koloniseerden. In de bodem onder het huidige Lindos schuilen zeker nog zaken die deze theorie kunnen bevestigen. Kleoboulos, een van de 'Zeven Wijzen' van de oudheid, liet de oorspronkelijke tempel voor Athena-Lindia bouwen; hij was in de zesde eeuw (tijdgenoot van Zenon) tyrannos van Lîndos, dat toen zeer welvarend was.
Onder aan de rots ziet u   
(aan de zuidzijde) het haventje waar eens, omstreeks vijftig jaar na de geboorte van Christus de Apostel Paulus zou zijn geland tijdens zijn derde reis, die in Rome eindigde.

Op de terugweg naar Rhódos   
kunt u nog wat aandacht besteden aan de dorpen waar u doorheen komt, bijvoorbeeld Arhángelos (32 km van Rhódos) aan de voet van de 512 m hoge Farakios, met bovenop deze heuvel ruïnes van een Johannieterburcht, een klim van anderhalf uur. Het langgerekte dorp ligt te midden van sinaasappel- en citroengaarden.
Net zoals op veel georganiseerde bustrips kunt u hier ook op eigen initiatief een van de vele pottenbakkerijen bezoeken, waar dan een gratis demonstratie wordt gegeven.
Halfweg Arhángelos en Kolympia (26 km) ziet u aan de zeezijde het Byzantijnse klooster Tsambika; landinwaarts vindt u hier de Epta Pige, de Zeven Bronnen. En let. u ook eens op de papavers die de velden terzijde van de weg soms helemaal rood kleuren! 

** Voor Uw accommodatie via Booking is er meer dan alleen hotels: zie eens ”Alle accommodatietypes”! 
** U vindt er o.a.:
  Appartementen - Resorts  - Villa's  - Hostels  - Accommodaties met onsen - Bed & Breakfasts  - Pensions  - Motels  - Ryokans  -  Vakantieboerderijen  - Vakantieparken  - Campings  -  Botels  - Herbergen  -  Aparthotels  -  Vakantiehuizen  -  Lodges  - Accommodaties bij particulieren  -  Landhuizen  -  Luxe tenten  - Capsulehotels  -  Lovehotels  - Riads  - Luxe Chalets