|
MUSEA vervolg,
terug naar Vaticaanse Musea
Stanze di Raffaello
Toen Julius II na zijn verkiezing de pauselijke vertrekken
op de eerste verdieping van het Appartemento Borgia betrok, kon hij weinig
waardering opbrengen voor de wandschilderingen van Pinturicchio. Overal kwam
hij de afbeelding van zijn gehate voorganger Alexander VI tegen. Hij besloot in
1507 te verhuizen naar de tweede verdieping en de vertrekken opnieuw in te
richten. Hiervoor haalde hij eind 1508 Rafaël en nog wat andere kunstenaars naar
Rome. In 1509 begon Rafaël met het werk aan de Stanza della Segnatura, de
studeerkamer en privébibliotheek van Julius II. Zijn eerste fresco, De School
van Athene, viel zozeer in de smaak dat hij ook de andere vertrekken mocht doen.
Stanza della Segnatura, Rafaël (1483-1520), Filosofie, 1509-1511 fresco,
doorsnede 180 cm
In overeenstemming met de traditionele inrichtingseisen voor bibliotheken
waren de vier muurvlakken bestemd voor een voorstelling van de belangrijke
wetenschappen: theologie, filosofie, rechten en poëzie. Op het plafond zijn in
vier grote tondi deze faculteiten gepersonifieerd. De rechthoekige schilderingen
zijn er thematisch mee verbonden. Op de muren worden de belangrijkste
vertegenwoordigers van elke wetenschap afgebeeld. In grote, boogvormige
wanddelen heeft Rafaël de vaste thema's op eigen wijze verwerkt. Hij plaatste de
figuren niet zomaar naast elkaar, maar integreerde ze stuk voor stuk in het
beeldverhaal.
Stanza della Segnatura, Rafaël, De School van Athene, 1509-1511 fresco, b. aan
de basis 770 cm
Voor de weergave van de Filosofie heeft Rafaël een antieke omgeving gekozen,
waarin de beroemdste vertegenwoordigers van het filosofische vakgebied, als in
een filosofenschool. in kleine discussiërende groepjes staan afgebeeld. In het
midden staan de belangrijkste filosofen van de Oudheid, Plato en Aristoteles,
die geheel in hun gesprek verdiept zijn. Plato draagt zijn boek Timaios onder de
arm, waarin hij zijn gedachten over de oorsprong en de schepper van de kosmos
uiteenzet, terwijl Aristoteles zijn Ethica in de hand houdt, dat over het
juiste gedrag van mensen gaat. Door zijn vinger omhoog te richten wijst Plato
symbolisch naar de bron van de hogere inspiratie in het ideeënrijk, terwijl
Aristoteles naar de aarde wijst, het uitgangspunt van alle natuurwetenschappen.
Voor hen ligt Diogenes op de trap, die alle materiële zaken en de daarmee
verbonden levensstijl van de hand wees. Links naast Plato is zijn leraar
Socrates afgebeeld, die op zijn vingers de vier, met de vier traptreden naar de
galerij overeenkomende, stadia aftelt die men moet doorlopen om een filosofisch
gesprek te kunnen voeren geometrie, astronomie, aritmetica en stereometrie.
Deze wetenschappen worden door de andere figuren gesymboliseerd. In de gestalte
uiterst rechts bij de pilaar kijkt Rafaël zelf. samen met Sodoma, ons vanaf het
schilderij aan.
Stanza della Segnatura, Rafaël. De Parnassus, 1509-1511 fresco, b. aan de basis
670 cm
Om de Poëzie (1509-1511) te verbeelden, koos Rafaël ervoor een muziekmakende
Apollo op de Parnassus te schilderen, omringd door negen muzen en beroemde
antieke en contemporaine dichters. Onder hen kunnen we in de linkergroep de
blinde Homerus, links van hem Dante, rechts vermoedelijk Vergilius en links op
de voorgrond Sappho herkennen. De Parnassus, waarop in de Oudheid een aan
Apollo, de god van de muziek en de dichtkunst, gewijd heiligdom heeft gestaan,
was aan de kunsten gewijd, net als de Vaticaanse heuvel. Deze overeenkomst
wordt nog eens onderstreept door het venster, dat in de muurschildering is
aangebracht en waardoor men de Cortile del Belvedere kon zien, de beeldentuin
die Julius II door Bramante had laten aanleggen om er antieke beelden in te
plaatsen. Hier stond onder andere de Slapende Ariadne opgesteld, die de schilder
als voorbeeld voor de muze links van Apollo had gekozen. Bovendien zinspeelde
Rafaël met zijn fresco op de loftuitingen van dichters uit zijn eigen tijd, die
Julius Il als nieuwe Apollo en zijn regeringsperiode als nieuwe gouden eeuw van
de kunst en de poëzie prezen.
Stanza d' Eliodoro, Rafaël en Giulio Romano, De verdrijving van Heliodorus uit
de tempel, 1512-1514 fresco, b. aan de basis 750 cm.
Voor de fresco's in de Stanza d'Eliodoro, de audiëntiezaal van Julius II,
ontwierp Rafaël een reeks beelden om de macht van de Kerk aanschouwelijk te
maken. Zo werd de Verdrijving van Heliodorus uit de tempel van Jeruzalem als
waarschuwing aan de Fransen opgevat, die op dat moment (1512) delen van de
kerkelijke staat bezet hielden. Voor de dramatische gebeurtenis koos Rafaël een
verteltrant waarbij verschillende, in de tijd op elkaar volgende scènes
tegelijk werden afgebeeld. Te midden van de toeschouwers links is paus Julius
II, op een draagstoel, te zien, die zijn blik richt op de hogepriester Onias
voor het altaar. Deze bidt tot God dat Jeruzalem van zijn bezetters mag worden
bevrijd. De verhoring van zijn gebeden wordt aan de rechterkant afgebeeld: hier
verdrijven de hemelse ruiter met gouden wapenrusting en de hem terzijde staande
zwevende jongelingen de Syrische tempelschenner Heliodorus uit het heiligdom.
Door de in perspectief geschilderde architectuur, die de blik naar het midden
leidt, waar het altaar zich bevindt, worden beide groepen tot een gesloten
compositie gecombineerd.
http://www.christusrex.org/www1/stanzas/0-Raphael.html
http://www.artcyclopedia.com/artists/raphael.html
Biblioteca Apostolica Vaticana
▲
Sala delle Nozze Aldobrandini, Aldobrandijnse Bruiloft,
rond 20v.C. fresco, 205 x 92 cm
Het op de Esquilijn gevonden fresco uit de tijd van Augustus (rond 20v.C.),
dat naar zijn eerste eigenaar, kardinaal Pietro Aldobrandini, is genoemd, toont
de voorbereidingen op een bruiloft. Op het bed in het midden van het vertrek
zitten de gesluierde bruid en Aphrodite (Venus). Links staat, tegen een lage
zuil geleund, vermoedelijk een van de metgezellen van de godin van de liefde,
terwijl rechts, op een traptrede staand, de bruidegom te zien is. Tegen de
linkerrand van de schildering bereidt een gesluierde vrouw het bad van de bruid
voor, rechts zetten twee muzikanten het bruiloftslied in en maakt een derde
vrouw bij een bronzen bekken het vuur aan. Verschillen in de grootte, de
vormgeving en de compositie van de figuren laten zien dat aan het fresco geen
samenhangend ontwerp ten grondslag ligt. Zo werd de middelste groep vermoedelijk
ontleend aan een Grieks voorbeeld uit de late 4de eeuw v.C., dat de 'hieros
gamos', de heilige bruiloft van Dionysos met Ariadne, voorstelde. Deze scène
heeft de schilder aangevuld met groepjes van drie personen aan de zijkanten en
veranderd in een Romeinse bruiloftsceremonie.
Sala delle Nozzee Aldobrandini, Odysseelandschappen, rond 50/40v.C. fresco, h.
van de delen 150 cm
Boven aan de muur is een fries met schilderingen uit de tijd rond 50/40v.C.
aangebracht, die ook van de Esquilijn stamt. Midden in een weids,
impressionistisch aandoend landschap worden scènes afgebeeld uit het tiende en
elfde boek van de Odyssee van Homerus. Op hun dwaaltocht komen Odysseus en zijn
gezellen terecht in het land van de mensen etende Laestrygonen, die onder
leiding van hun koning Antifates de bezoekers direct aanvallen en doden. Met
grote rotsblokken verwoesten ze de schepen van de Grieken, zoals op de bovenste
afbeelding te, zien is. Alleen Odysseus kan zich in de woeste zee redden en
vaart naar het eiland Aiaia. Hier wordt hij in het paleis van Circe, de beroemde
tovenares, ontvangen. Vermoedelijk toonde een nu verloren gegane scène de
verandering van zijn gezellen in dieren. De onderste afbeelding toont de reis
van Odysseus naar de onderwereld, waar hij de beroemde ziener Tiresias wil
ondervragen. Op het volgende beeld zijn zondaren uit het dodenrijk te zien - de
Danaïden, Sisyphus, Tityos en Orion terwijl de laatste twee slechts
fragmentarisch bewaard gebleven scènes de riskante tocht langs het eiland van
de Sirenen en het avontuur met Scylla weergeven. Ook deze fries is geen echt
Romeinse schepping; hij gaat terug op een laathellenistisch origineel, dat
vermoedelijk als doorlopende cyclus is ontworpen. De Romeinse schilder heeft
slechts enkele delen van zijn voorbeeld overgenomen en deze in een geschilderde
architectuur geplaatst. zodat het lijkt of de fries achter de beide pilaren op
een hoge muur is geschilderd.
http://www.christusrex.org/www1/vaticano/S1-Sacro.html
Braccio Nuovo
▲
Doryphoros, Romeinse kopie naar een Grieks origineel.
rond 440v.C. geel marmer, h. 211 cm
In de Braccio Nuovo, die als tweede arm tussen de vleugels rond de
binnenplaats van het Belvedere ligt en begin 19de eeuw door Raffaele Stern is
gebouwd, worden meesterwerken van de antieke beeldhouwkunst tentoongesteld. Tot
de hoogtepunten van de klassiek-Griekse beeldhouwkunst behoort de Doryphoros
(speerdrager) van Polyclitus uit de tijd rond 440v.C., die in deze Romeinse
marmeren kopie is overgeleverd. Het beeld is vaak aangezien voor een
zegevierende atleet, maar is eerder op te vatten als een jeugdige Heros
Achilles. Het geldt als schoolvoorbeeld voor de regels die de beeldhouwer in
zijn theoretisch geschrift Kanon voor het harmonisch evenwicht tussen spanning
en ontspanning, dragende en drukkende krachten en rust en beweging bij de opbouw
van een beeld heeft geformuleerd. Dit zogenaamde contrapost komt tot
uitdrukking door het onderscheid tussen stand- en vrij been en rustende en
gebarende arm, die als tegenstellingen worden weergegeven. Omdat de ene zijde
gesloten is en de andere in de ruimte lijkt te dringen, lijkt de Doryphoros zijn
pas in te houden. Tot in de haarlokken is het principe van beweging en
tegenbeweging doorgevoerd, dat volgende generaties beeldhouwers tot voorbeeld
strekte.
Augustus van Primaporta, rond 20 v.C. geel marmer, h. 204 cm
Het beroemdste portret van Augustus is het in de Villa van Livia bij
Primaporta gevonden beeld met pantser, dat de keizer geïdealiseerd in leef
tijdloze schoonheid toont en in de klassieke vormen van de Griekse kunst uit de
5de eeuw v.C. is geschapen. Vermoedelijk is het na de dood van de heerser
(14n.C.) voor zijn vrouw Livia gemaakt en is het een kopie van een bronzen beeld
uit de tijd kort na 20v.C. Daarop wijst de unieke reliëfdecoratie van het
pantser, met in de middelste scène de teruggave van de veldtekenen en de
legioenadelaar die Crassus in 53 v.C. aan de uit het Oosten afkomstige Parthen
had moeten overdragen, wat als voorwaarde voor het begin van de Gouden Eeuw van
Augustus werd gezien. Links en rechts begeleid door rouwende figuren die
onderworpen of tribuutplichtige volken vertegenwoordigen, is deze historische
episode in het geheel van de kosmos geplaatst. Boven verschijnt de hemelgod
Caelus met wapperende mantel. daaronder de zonnegod Helios op de quadriga, voor
hem de maangodin Luna en Aurora, godin van de dageraad, en daaronder weer de
godin van de aarde, Tellus, met een hoorn des overvloeds vol vruchten. Helemaal
onderaan komen de beschermgoden van Augustus, Apollo en Diana, tevoorschijn,
terwijl op zijn schouderkappen sfinxen zitten, die over de pas aangebroken
vredestijd waken.
http://www.christusrex.org/www1/vaticano/SC2-Sculptures.html
Pinacoteca
Vaticana
▲
Giotto di Bondone (rond 1266-1337),
Stefaneschitriptiek, rond 1313, Petruskant tempera op hout. middendeel178 x 88
cm, zijstukken 168 x 82 cm, predella: middendeel 44 x 85 cm, zijstukken 44 x 82
cm
Kardinaal Jacopo Stefaneschi gaf waarschijnlijk in 1313 Giotto de opdracht
deze triptiek voor ,de St.-Pieter te schilderen, die het verlangen van de
Romeinse kardinalen naar de terugkeer van de pausen uit hun ballingschap in
Avignon moest onderstrepen. De centrale figuur aan de ene kant is dan ook Petrus
op de Cosmatentroon, die in de linkerhand de sleutel van zijn ambt houdt. Rechts
begroet een heilige de heremiet Petrus van Morrone, voor wiens heiligverklaring
Stefaneschi in 1313 de bewijzen had aangedragen. De schenker zelf is linksvoor
op de in perspectief geschilderde marmeren vloer knielend afgebeeld, terwijl
hij Petrus het altaarstuk aanbiedt. Hij wordt aan de eerste paus voorgesteld
door de patroon van zijn kardinaalskerk, de Heilige Joris. Op de zijpanelen
staan links de apostelen Jacobus en Paulus en rechts Andreas en Johannes.
Stefaneschi-triptiek, Christuskant
Aan de andere kant tonen de zijpanelen de marteldood van Petrus (links) en
Paulus (rechts), de belangrijkste heiligen van de St.-Pieter, terwijl in het
midden de zegenende Christus op Zijn troon zit. Voor Hem knielt blootshoofds de
schenker van het altaarstuk. De extreme verticaliteit van de panelen, die Giotto
bij scènes met veel figuren toepaste om een spannende compositie te bereiken,
is ongewoon. Bij de marteldood van Petrus is tussen een piramide en de
zogenaamde 'meta Romuli', het teken van Rome en het Vaticaan, een omgekeerd
kruis opgericht, waaromheen zich een massa soldaten en treurende mensen
verdringt. Bij de marteldood van Paulus daarentegen scheidt een rotslandschap
de aardse en hemelse gebeurtenissen. Op de voorgrond staan in het midden de beul
en de soldaten, terwijl aan de linkerkant de rouwenden zich om het onthoofde
lichaam scharen. Door het fijne schilderwerk, de krachtige kleuren tegen de
gouden achtergrond, de minutieuze weergave van de figuren op de Christuskant en
de perspectivische compositie van de scènes op zich behoort dit drieluik tot de
meesterwerken van de 14de eeuw.
Leonardo da Vinci (1452-1519), De Heilige Hiëronymus. rond 1480 olieverf op
hout, 103 x 75 cm
Tot de onvoltooide, alleen in schets opgezette werken van Leonardo uit de
tijd rond 1480 behoort dit paneel, dat anders dan de traditionele iconografie de
heilige niet als geleerde kerkvader met kardinaalsmuts en boek afbeeldt, maar
als baardeloze, uitgemergelde boeteling in de woestijn. Hier had Hiëronymus
zich teruggetrokken om een nieuwe vertaling van de bijbel te maken en in ascese
te leven. Vol ontzag is hij voor het Kruis van Christus neergeknield, terwijl
hij in zijn rechterhand een steen vasthoudt waarmee hij zich op de borst slaat.
De enige verwijzing naar zijn identiteit is de leeuw, die meer een symbool dan
een levend dier -voor hem ligt. Het schilderij bekoort door het ruimtelijk
weergegeven landschap, waar in de donkere vlakken op de voorgrond de lichte
figuren haast als silhouetten naar voren springen.
Rafael (1483-1520). Transfiguratie, 1520 olieverf op hout, 405 x 278 cm.
Rafaëls laatste schilderij - hij stierf in 1520 voordat het was voltooid
moest volgens de wens van de opdrachtgever, kardinaal Giulio de' Medici, de
openbaring van de zowel menselijke als goddelijke natuur van Christus
aanschouwelijk maken. Rafael pakte dit moeilijke christologische thema aan door
twee in de Bijbel niet bij elkaar horende vertellingen in één beeld samen te
voegen. De opbouw van het schilderij is zodanig dat voor de gelovige die de kerk
binnentrad de transfiguratie van de opgestane Christus op het bovenste deel al
van verre zichtbaar was. Alleen de priester die de mis las, kon echter het
onderste beeldvlak zien. Dit toont Jezus als Verlosser van al het lijden
doordat het verhaal van de genezing van een maanzieke jongen wordt getoond. De
keuze voor Christus als genezer houdt meteen een verwijzing naar de schenker in
(Italiaans: Medici/artsen').
http://www.christusrex.org/www1/vaticano/P1-Pinacoteca.html
Musea
Gregoriana Profana
▲
Marsyas, Romeinse kopie naar een Grieks origineel uit
het midden van de 5de eeuw v.C. Pentelisch marmer, h.156 cm.
In een beeldhouwerwerkplaats op de Esquilijn werd in 1823 samen met andere
beelden het beeld van een naakte, bebaarde man met puntoren en een
paardenstaart gevónden, die in een eigenaardige dansende houding is afgebeeld.
Dit marmeren beeld is een van de vele kopieën van Marsyas, die bij de beroemde
bronzen beeldengroep van de Attische beeldhouwer Myron (5de eeuw v.C.) op de
Akropolis in Athene hoorde. Uit de beschrijvingen van de schrijvers Plinius en
Pausanias kan het origineel worden gereconstrueerd: het stelde de in een met een
gordel bijeengehouden peplos geklede godin Athena voor, die de door haar
uitgevonden dubbele fluit heeft weggegooid, omdat deze bij het spelen haar
gezicht lelijk maakt. Met een beslist gebaar stuurt de godin Marsyas weg, die
het blaasinstrument wil oppakken, omdat er zulke prachtige tonen aan te
ontlokken zijn. Later zou hij fluit leren spelen en Apollo tot een wedstrijd
uitdagen, die hem daarom liet villen. Naast Marsyas staat een kopie van het
gehelmde hoofd van Athena opgesteld, evenals nog een torso van Marsyas uit
Castel Gandolfo.
Niobide Chiaramonti, hellenistische kopie naar origineel uit de 4de eeuw v.C.;
geel marmer, h.176 cm
Het beeld van een meisje, dat met ver achter zich wapperende mantel naar
rechts holt, werd vermoedelijk in de Villa Hadriana gevonden. Het is zeker dat
het een Niobide voorstelt, omdat het een kopie is van een beeld uit de beroemde
Niobidengroep in Florence uit de 4de eeuw v.C. Deze beeldde de mythe van Niobe,
dochter van Tantalus, uit. Nadat ze zeven zonen en zeven dochters had gebaard,
hoonde Niobe de godin Leto, omdat zij slechts twee kinderen, Apollo en Artemis,
ter wereld had gebracht. Om hun moeder te wreken, doodden broer en zus de
kinderen van de godslasterende Niobe met pijlen. Niobe verstarde van verdriet en
werd als rots naar haar vaderland Lydië verplaatst. Het beeld in het Vaticaan,
dat vroeger in het Museo Chiaramonti stond, toont een van de dochters en werd
waarschijnlijk in de 2de eeuw v.C. gekopieerd.
▲
http://www.christusrex.org/www1/vaticano/GP-Profano.html
Bron: ROME, Kunst &
Architectuur, Könemann. Prachtig geillustreerd werk! Van Uitgeverij Könemann
is ons geen URL, WAP of EMAIL bekend
** Door geheel Italië kunt U
goed uw accommodatie boeken via
Hotels.Italy.
** Waarom zouden we voor onze accommodatie kiezen voor
Booking?
** Zie
hier voor: "Hoe maak ik
een printversie van de pagina"?
** Zie ook onze
boeken pagina eens.
** Door
Tekengrootte te wijzigen
kunt u de leesbaarheid van de tekst sterk verbeteren.
|