|
AFRIKA,
vormrijkdom en beeldende kracht, naar overzicht
kunsthistorie
Onder Afrikaanse kunst wordt heden uitsluitend
verstaan : de in stamtraditie tot stand gekomen artistieke productie van
de autochtone negervolken, die het evenaarswoud en de aangrenzende
savannegebieden bewonen.
PREHISTORISCHE VONDSTEN en VROEGE KUNST
Rotskunst in zuid en noord
Men neemt aan dat de rotsgravures, aangetroffen in het woongebied van de
Bosjesman, tot 30000 v. Chr. kunnen opklimmen. In de Sahara wordt de
rotskunst gedateerd in de periode 6000 v. - 1200 na Chr. Algemeen gezien
bestaat er geen grondig stilistisch verschil met andere prehistorische
kunst. Op het Tassiliplateau treft een zwierige stijl en komt een boeiend
beeld naar voren van een aantal vroege Afrikaanse beschavingen die er
elkaar hebben ontmoet.
Vroege negerkunst
Ingevolge klimaat- en gebruiksomstandigheden is vrijwel geen
houtsculptuur ouder dan ca. 1850 bewaard. Dank zij het feit dat sommige
stammen aardewerk- en metaalplastiek hebben vervaardigd, zijn niettemin
enkele vroege kunsttradities bekend, voornamelijk van Zuid-Nigeria. De
terracotta-figuurplastiek van Nok, 330 v. - 220 na Chr., toont reeds
bepaalde vormaccenten die typisch zijn voor de latere negerkunst. In de
terracotta- en bronsplastiek van Ife (hoogtepunt 14e eeuw), en in het
bronsgietwerk van Benin, bloeitijd 15e- 16e eeuw, treft een vormtaal die
aan klassiek-mediterrane tradities herinnert.
Recente opgravingen hebben terracottaplastiek aan het licht gebracht uit
de 5e eeuw in Zuid-Afrika, uit de periode 9e-16e eeuw in Mali en Ghana.
DE LATERE KUNST
Materiaal en techniek
Hout is veruit de meest gebruikte grondstof in de Afrikaanse kunst. De
stukken zijn doorgaans uit één enkel blok gehaald, met dissel en mes. De
afwerking bestaat uit polijsten of patineren, soms beschilderen met
symbolische kleuren en motieven. Gebruikspatina ontstaat ingevolge
aanvreten door ongedierte, erosie, aanbrengen van offersubstanties, en
wordt door liefhebbers van deze kunst vaak hoog gewaardeerd.
Steen, ivoor, terracotta, ijzer, koperlegeringen, zijn eerder zeldzaam
gebruikte materialen. Voor het gieten van brons en messing is het verloren
vormprocedé, reeds bekend in Ife en Benin, verspreid bij een aantal
stammen in West-Afrika.
Motieven
De mensfiguur overheerst, en vaak vertonen diermotieven menselijke
trekken. Plantmotieven komen sporadisch voor als ornament. Bij sommige
stammen spelen geometrische motieven met symbolische betekenis op
gebruiksvoorwerpen een rol
Dat de mensfiguur alle andere motieven in de schaduw stelt, hangt in de
eerste plaats samen met de algemeen verspreide vooroudercultus; dat naast
mannelijke ook talrijke vrouwenbeelden voorkomen is ten dele te verklaren
door de moederrechtelijke organisatie van bepaalde stammen.
In de tweede plaats worden geesten en andere buitennatuurlijke krachten
liefst gepersonaliseerd, waardoor ook vuur-, woud-, water- en tal van
andere geesten vaak in menselijke gedaante worden uitgebeeld.
Een geheel aparte categorie vormen de fetisibeelden. Deze
onderscheiden zich van andere beelden uiterlijk alleen door de
aanwezigheid van magische substanties, meestal op buik of hoofd, soms door
ingedreven metalen pennen. Maskers zijn vaker dan beelden in diervorm. Dit
soort voorwerpen wordt vooral gebruikt door allerlei gesloten
genootschappen die binnen de dorps- en stamgemeenschap instaan voor
bepaalde sociale en religieuze taken. Ook maskers incarneren voorouders,
mythologische figuren, geesten. Typologisch gezien onderscheidt men naast
aangezichtsmaskers nog stulpmaskers (over het hoofd gedragen) en
opzetmaskers (bovenop het hoofd); elk masker heeft zijn voorgeschreven
bijhorende kleding en tooi.
FUNCTIE
De Afrikaanse kunst is in wezen religieus, tegelijk ook magisch gericht.
Beelden en maskers zijn, op een naar de vorm herkenbare manier, drager van
buiten- natuurlijke krachten, en spelen zo hun rol in het contact van de
levenden met de doden, via dezen met de mythologische wezens, bij
vruchtbaarheids- en bezweringsgebruiken, waarzeggerij, initiatie. Zuiver
profane functies als status en ontspanning zijn zeldzaam.
ALGEMEEN VOORKOMEN
Algemene stijlkenmerken
Niettegenstaande de uitgestrektheid van het woongebied der negers, en de
betrekkelijke isolatie waarin de stammen leven, zijn een aantal
vormkenmerken typerend voor de gehele Afrikaanse kunst:
1. Vaak worden de natuurlijke verhoudingen verwaarloosd, daarvoor staat
een aparte proportieleer in de plaats, verschillend van stam tot stam.
2. Enkele uitzonderingen niet te na gesproken overheerst statisme en
symmetrischefrontaliteit. 3. Er is een uitgesproken voorkeur voor
monochromie.
Karakter
Onmiskenbaar koppelt de negersculpteur, doorgaans een
gelegenheidsartiest, buitengewoon scherp waarnemingsvermogen aan
uitzonderlijk plastische aanleg. In de negerkunst zijn alle vormrichtingen
aanwezig, doch steeds treft een volmaakt plastisch evenwicht, waarin zo
goed serene rust als dramatische bewogenheid tot uiting kan komen.
Ongeacht de nergens anders ter wereld geëvenaarde vormverscheidenheid,
treft altijd, althans in de goede werken, de zuiver beeldende kracht.
Helaas behoort deze kunst, ingevolge de snel gewijzigde
levensomstandigheden, tot de voltooid verleden tijd
STIJLGEBIEDEN EN –CENTRA
Binnen de hoger aangehaalde algemene stijlkenmerken heeft elke stam een
geheel eigen stijl ontwikkeld. Het overzicht daarvan kan niet anders dan
beperkt blijven tot een keuze van de belangrijkste.
Mali : Dogon en Bambara
Het radicaal kubisme van de maskers en voorouderbeelden van de Dogon dient
geheel de symbolische functie die zij hebben in het dodenritueel. Bambara
geven hun antilope-opzetmaskers een vormengamma gaande van schematisering
tot abstrahering, steeds in een spel van gespannen lijnvolumes.
Ivoorkust : Dan
Deze en enkele buurstammen hebben hun woongebied tot een van de meest
productieve masker centra van Afrika gemaakt. De maskers incarneren
voorouders en geesten. Van een kernstijl uit blijken een aantal
randstijlen ontstaan te zijn, een verschijnsel dat zich elders in Afrika
nog voordoet.
Nigeria : Yorocha-plastiek
Gaat kennelijk terug op oudere tradities. Belangrijke inspiratiebron is
hier de cultus voor een in neger-Afrika uniek pantheon, naast een aantal
gesloten genootschappen. Beelden en maskers tonen doorgaans een hoog
oplopend voorhoofd, wijd opengesperde ogen en mond. Tot de recente
ontdekkingen in Nigeria behoren onder meer tromfiguren van de Mbembe, in
hiëratische houding en forse vormgeving.
Kameroen : Bamileke-kunstenaars
Hebben beelden gemaakt die qua zuiver vormelijke uitdrukkingskracht tot de
meest aangrijpende artistieke uitingen behoren.
Gabon : Pangwe
In hoofdzaak zijn hier figuren gemaakt die als belichaming van de
stamhouder op de beenderresten geplaatst worden. Stilistisch treffen zij
door voornaam gehouden gevoeligheid, zachte en toch duidelijke ritmering.
Zaïre
Is ontegensprekelijk het meest vormenrijke gebied van Afrika.
Verschillende stammen in Neder-Zaïre munten uit door
sereen-naturalistische voorouderfiguren naast gevoelsgeladen
fetisjbeelden. In het Kwangogebied dient gewezen op dans- en amuletmaskers
met vaak ontroerende dodenfysionomie.
In Zuidoost-Zaire dingen de beelden van de Loeba naar de ereplaats.
Voorname gratie straalt uit de figuren met haast natuurlijke
lichaamsverhoudingen en bevallige glooiingen. Beelden en maskers van de
Songye huldigen een kubistische opvatting, vaak ondersteund door
metaalbeslag of beschildering. In de Noordergebieden is minder beeldende
kunst gemaakt en over het algemeen is de vormgeving iets archaïsch. Toch
zijn ook daar werken tot stand gebracht die treffen door rauw realisme of
door visionaire zeggingskracht.
Oost-Afrika
Ook hier is qua hoeveelheid beduidend minder beeldsnijwerk vervaardigd dan
in de andere gebieden. Enkele jaren geleden zijn nog figurale grafpalen
van de Gyriama, Kenya, ontdekt, waarvan het niet-figuratieve gedeelte op
beïnvloeding van de islam wijst.
| Royal Museum for Central Africa,
Tervuren, Belgium
|
| Art and Life in
Africa Online |
|
Africa-related images, including Ancient Egypt (African Studies,
University of Pennsylvania), including
|
|
The Art of Africa, links and images, through Mike Gunther's
Timelines of ArtHistory: The World
|
|
Great Zimbabwe (four photographs)
|
| Mystery of
Great Zimbabwe (Peter Tyson, PBS Nova Online), plus an
investigation
of the site
|
| Riddle
of Great Zimbabwe (abstract of article by Roderick J. McIntosh in
Archaeology magazine)
|
|
African Art: Aesthetics and Meaning (Exhibition, Bayly Art Museum,
University of Virginia) |
| Zulu Beadwork
(Stan Schoeman) |
| Hamill Gallery of African Art
(commercial)
|
| Traditionelle
afrikanische kunst (at
Galerie Peter Herrmann)
|
| G. I. Jones
Photographic Archive of Southeastern Nigerian Art and Culture |
** Via
Hotels/Appartementen/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een
accommodatie in 92 landen. Laagste prijsgarantie,
maximale keuze, tevreden gasten, onpartijdige hotelbeoordelingen,
boeken in uw taal is mogelijk!
** Hoe we met
Google naar afbeeldingen van Toulouse Lautrec zochten.
** Hoe kunnen we werken met
"Google Aangepast Zoeken"?
**
Kunsthistorische schets geeft een eenvoudig totaal overzicht.
** Hoe maak ik een
printversie
van de pagina"?
** Door
tekengrootte te wijzigen
kunt u de leesbaarheid van de tekst sterk verbeteren.
**
Zie ook onze boekenpagina
eens
** Met het vernieuwde zoekveld kunt u zoeken in "Stedentips".
▲ |
|