| EXPRESSIONISME,
naar overzicht kunsthistorie
Expressionisme, v. Lat.
expressio
= uitdrukking, is in het algemeen de benaming voor iedere
kunstrichting waarbij de aandacht van de maker volledig is geconcentreerd op het
bereiken van een zo sterk mogelijke zeggingskracht. De subjectieve emotie wordt
spontaan en zonder omwegen tot uitdrukking gebracht. Kenmerken
*
De kunstenaar geeft zijn persoonlijke beleving weer, zijn emotionele
zeggingskracht. * Is de kunst van het spontane. * Bewerkingen zijn grof en beweeglijk. * Felle kleuren. * Duidelijke vormen, geen details.
* Vooral van 1905 - 1920, maar blijft levend tot in onze dagen
Vincent van Gogh kondigt in
zijn werk de boodschap van de expressionisten aan, eveneens Gauguin en
Cézanne. In hun schilderijen zijn aanlopen te bespeuren van wat later zo
typerend is voor het expressionisme: niet de zintuiglijk waarneembare
werkelijkheid, maar de innerlijke expressie is hier van belang. De kleuren
hebben een geheel eigen waarde, ze drukken meer uit dan de zichtbare kleur
van het voorwerp. Een blauw paard drukt meer uit dan een naturalistisch
geschilderd paard! SCHILDERKUNST Die Brücke In Duitsland bevrijdt
Die Brücke de kunst uit het academisme.
Deze groep wordt opgericht in 1905 door vier studenten architecten te
Dresden: Ernst Ludwig Kirchner, 1880-1938, Fritz
Bleyl, l880-1966,, Erich
Heckel, 1883-1970 en Karl
Schmidt-Rottluf, 1884-1976. Uit geestdrift voor de
nieuwe schilderkunst verlaten zij de architectuur en willen een brug
(Brücke) slaan naar alle nieuwe expressies. Zoals de fauven doen zij de
zuivere kleuren openspatten, maar in een agressief en hoekig grafisme
verhogen zij er de onrust van. Zij plaatsen zich onder het patronaat van
Van Gogh, Munch en de exotische kunsten. Tegenover de structuur
en de decoratieve lijn van het Franse fauvisme, stellen zij de emotie
van een subjectief dramatische vorm. Beïnvloed door de Japanse
houtsneden kennen zij de heropleving van houtsnede en steendruk. De
natuur en het leven zijn de inspiratiebron. Hun bevrijding vormt de
eerste schakel met het expressionisme.
Emile-Nolde,
1867-1956,
Gelehrte mit Madchen, um 1919 en
Max-Pechstein, 1881-1955,
Het gele masker, 1910,
Städtische Kunsthalle.
Recklinghausen, sluiten zich een tijd bij hen aan.
Verdere ontwikkeling in Duitsland
De tentoonstellingen van de Sezessionen te Berlijn, München en
Wenen zijn de tegenhangers van de Parijse Salon des Refusês. Ook
de expressionisten groeperen zich hierbij. München is in het begin van de 20e eeuw een artistiek centrum, waar de
Rus Wassilij Kandinsky, 1866-1944,
zich reeds in 1896 in een Jugendstilsfeer vestigt. Hij wordt de spil van
de jongerenbeweging, waartoe ook
Alexei Jawlenskyl
1864-1942, ( Meditation The Prayer,
1922) behoort. Zij stellen samen tentoon in
1909 en nodigen ook Franse kunstenaars uit: Picasso, Braque, Derain,
Rouault, Vlaminck, Van Dongen. Deze jonge Duitse kunstenaars verenigen
zich zonder vast programma, alleen om hun krachten te verenigen. In juli
1911 bereiden Marc en Kandinsky een gezamenlijke publicatie voor onder
de titel Der Blaue Reiter, die in 1912 uitkomt De titel werd overgenomen van een werk van
Kandinsky. De groep van de
Blaue Reiter wordt aangevuld met Die Brücke van Dresden, de Sezession van Berlijn, enkele Franse kunstenaars en sommige Russen
zoals Larionol, 1881-1964,
en Malevitch, 1878-1935. Ook Paul Klee,
1879-1910, voegt zich bij hen.
De kunstenaars willen aanknopen n:et de authenticiteit
van de volkskunst en de diepere betekenis van vorm en kleur.
Wassil Kandinsky,
1866-1944, (Red Spot II, 1921) ook bekend als Vasilij Kandinskij, Vasilii
Kandinskii, Vasily Kandinski, 1866-1944, is geboren te Moskou,
studeert rechten en wordt daarna een schitterend professor, maar volgt
op zijn dertigste jaar zijn roeping tot de kunst en gaat deze te München
studeren. Het doek De hooimijten van Monet, in 1898 tentoongesteld,
openbaart hem de mogelijkheid van pure schilderkunst. Hij maakt de hele
evolutie door van impressionisme, fauvisme en de Blaue Reiter en gaat in
1910 tot een lyrisch abstracte vorm over. In 1912 publiceert hij zijn
boek: Ueber das Geistige in der Kunst. Kandinsky gaat uit van de
eenvoudige vaststelling, dat de zichtbare wereld of haar afbeelding het
belangrijkste, het zieleleven niet vermogen weer te geven.
Zielstoestanden zal hij voortaan uitdrukken door een kleur- en
lijnenspel, dat aan alle voorstelling verzaakt. In een eerste meer
lyrische periode, leiden fantasie en gevoel zijn penseel: hij wil
componeren met kleuren zoals een toondichter met klanken. Hiermee sluit
hij eigenlijk aan bij een lange traditie en steunt o.a. op de
kleurenleer van Goethe, die reeds bewees, dat kleuren op zichzelf een
symbolische uitdrukkingskracht voor gevoelswaarden hebben. Vanaf 1920
echter gaat hij over naar een meer architecturale, gebouwde compositie,
zonder nochtans het dramatische of lyrische
kleurenspel van zijn vroegere werken helemaal op te geven. In 1922 wordt
hij leraar aan het Bauhaus te Weimar.
August
Macke, 1887-1914,
(Couple in the Woods, 1912)
wordt in zijn werk beïnvloed
door Cézanne, fauvisme en kubisme. Hij blijft zich op de natuur
inspireren, alhoewel hij in zijn opvattingen de geest van de abstracte
kunst benadert. Vorige week heb ik geprobeerd op een paneel kleuren
samen te brengen, zonder aan voorwerpen als mensen of bomen te denken,
maar zoals bij borduurwerk. Hetgeen muziek zo raadselachtig schoon
maakt, werkt ook in de schilderkunst betoverend'.
Franz Marc,
1890-1916, ( Cat on a Yellow Cushion, 1912)
begint als dierschilder in een
naturalistische stijl. Maar stilaan wil hij het diepere, wonderbare
leven van de natuur uitbeelden. Hij wil dit bereiken door de houding, de
gang en het ritme van de dieren en door hen een kleur toe te voegen die
niet hun lokale kleur is, maar een toon in harmonie met de stemming van
natuur en compositie.
Paul Klee,
1879- 1940, (Rose Garden, 1920) is tot in 1910 vooral tekenaar
en lijnfantasieën zijn z'n geliefkoosde uitdrukking. Sedert 1912 door
innige vriendschap met Kandinsky verbonden, schenkt hij de kleur een
voorname plaats. Ook zijn werk geeft zielstoestanden weer. Zijn
innerlijke ervaringen en dromen geeft hij niet abstract weer zoals
Kandinsky, maar zij blijven gebonden aan allerlei herinneringselementen
uit de werkelijkheid, vrij en onafhankelijk gebruikt. Daardoor verenigt
zijn werk de vormvrijheid van de abstracte kunst met de werelden van het
surrealisme en met de fantasie van de droom, die gaat van de verrukte
blijheid van de kinderdroom tot de demonische dreiging van de
hallucinatie. Reeds in 1920 wordt hij leraar aan het Bauhaus.
Tijdens de oorlog, 1914-1918,
verblijven meerdere expressionisten als soldaat in ons land. Anderen,
zoals Marc en Macke zijn gesneuveld. Omstreeks 1919 tekenen de grote
figuren zich duidelijk af.
Ernst Ludwig Kirchner,
1880-1938 Medestichter van
Die Brücke, is onder invloed van Munch en van de Afrikaanse en
Polynesische kunst, tot een intensiefering van vormen en kleuren
gekomen. Hij schildert vooral het leven op straat en in mondaine
gelegenheden, landschappen en boerentypes. Klik eens op:
Nationalgalleries.collection
Emil
Nolde, 1867-1956 Is van Deens-Friese afkomst.
Hij behandelt vooral Bijbelse onderwerpen en maakt maskers en beeldjes.
Hij sluit aan bij Die Brücke en ontwikkelt een psychisch geladen,
expressieve kunst. In 1913-1914 neemt hij deel aan een etnologische
expeditie naar Rusland, China, Japan en Polynesië. Gedeformeerde vormen
en heftige kleuren met intens blauw, oranje en geel typeren zijn doeken
en aquarellen. Klik eens op:
Nolde-stiftung
Oskar Kokoschka
1886-1980 Studeert te Wenen en
ondergaat de invloed van de Jugendstil. Hij ontplooit een veelvoudig
talent als schilder, graficus, dichter en auteur van toneelstukken. Hij
reist doorheen Europa, Noord-Afrika en KleinAzië, en is een tijdlang
professor aan de Academie te Praag. Hij is vooral bekend om zijn
portretten, waarvan de kritiek erkent dat hij de zielen der mensen als
röntgenstralen doorschouwt. Vooral psychologische problemen boeien hem.
Zie:
Fine Arts Museums of San Francisco
De Nieuwe Zakelijkheid of Neue Sachlichkeit
Is een uitloper van het expressionisme na de
oorlog, omstreeks 1920, en onderscheidt zich door een scherp realisme en
een heftig sociaal engagement, met
Otto Dix
1891-1969,
Fine Arts Museums of San Francisco -
George
Grosz 1893-1959, zie
Fine Arts Museums of San Francisco
en
Max Beckmann,
1884-1950, als voornaamste vertegenwoordigers.
Expressionisme in Frankrijk
Georges Rouault
1871-1958
Ontwikkelt een zeer expressieve stijl.
Is eerst leerling glasschilder en wordt vervolgens leerling van Gustave
Moreau. Hij is veelzijdig: zowel schilder, etser, houtsnijder, ontwerper
van keramiek en glasramen. Zijn kunst doet trouwens aan glasschildering
denken: diepe, intense kleuren en zware omrandingen. Zijn geliefde
thema's zijn clowns, rechters en religieuze onderwerpen. Belangrijk is
ook zijn prentenreeks Miserere en zijn glas-in-loodramen te Assy.
Veel werken ziet u in: Museum of Modern Art, New York City
Marc
Chagall, 1887-1985
Deze zoon van een arm werkman uit Vitebsk
leert te Sint-Petersburg de nieuwste Franse experimenten kennen. Hij
leert vlug de expressieve waarde van de kleur op zichzelf gebruiken en
de magische kracht der vormen in eigen opbouw binnen het doek. Chagall
wil het eigenlijke leven, het onzichtbare uitbeelden: leven en dood,
liefde en heimwee, angst en troost, geloof en trouw, jeugddroom en
verlangen. In 1910 kan hij naar Parijs reizen waar hij vriendschap sluit
met Modigliani en Delaunay. Hij wordt tot de Franse school gerekend. In
zijn kunst heersen de geheimzinnige wetten en logica van de dagdroom,
van de liefde voor het verre Rusland, het wrange van het moderne
plezier, het heimwee naar zijn kinderlijk geloof. Ofschoon hij jood is,
verschijnt in zijn werk van 1935 af, als een voorgevoel van de
vernielingsoorlog, de actueel en diep religieus doorleefde Kruisiging
van Christus. Voorbeelden: Museum of Modern Art, New York City
19 works
Chaim
Soutine 1894-1943
In Wit-Rusland uit joodse ouders geboren,
wordt tot de Parijse school gerekend omdat hij sinds 1911 in Frankrijk
werkt. Hij woont te Parijs in La Ruche dicht bij de slachthuizen, die
hem in zijn werk inspireren. Brutale vorm en extatische kleuren
kenmerken zijn geslachte beesten en stukken vlees, maar ook zijn
getormenteerde portretten en landschappen. Hij is bevriend met Chagall,
Léger en Modigliani.
Het Vlaams expressionisme
Sint-Martens-Latem is het dorp aan de Leie, waar zich van 1900 tot 1914
twee groepen kunstenaars vestigden. De eerste groep, werkte in een
symbolistisch religieuze geest onder de spirituele leiding
van de dichter Karel van de Woestijne, met o.a. Albinus van den Abeele,
1835-1918, Georges Minne,
1886-1941, Valerius de Saedeleer,
1867-1941, Gustaaf
van de Woestijne, 1881-1947, en
Albert Servaes,
1883-1966. De tweede groep wordt gevormd door Frits van den Berghe,
1883-1939, Constant Permeke en Gust de Smet,
1877-1943. Ook Albert
Servaes behoort tot deze groep.
Albert Servaes,
1883-1966
Is de grote
vernieuwer. In de eerste jaren van zijn verblijf te Latem maakt hij een
religieuze bekering door en aanziet van dan af zijn werk als een gebed.
In een eerste periode gebruikt zijn kunst de vormen van een monumentaal
en sober expressionisme. Zijn palet is streng: zwart, grijs en wit
domineren. Hij schildert de grote thema's van het boerenleven: geboorte,
eerste communie, landarbeid, dood. Geloof, leven en natuur zijn in dit
werk één. De gestalten hebben een zwijgende, epische kracht. Diens
Kruisafneming van 1922 bracht indertijd, door de zeer expressieve stijl,
zoveel reactie teweeg, dat zij uit het klooster van Luithagen
(Antwerpen) moest verwijderd worden. De lijdenservaring van de eerste
wereldoorlog maakt Servaes tot de grootste Kruiswegschilder van deze
tijd. In zijn laatste periode, na 1945, verlaat Servaes opnieuw het
serene evenwicht. Gevestigd te Zwitserland verliest hij zijn direct
monumentale expressie. Zijn werk wordt minder gespannen.
Constant Permeke, 1886-1952
De Smet en Van den Berghe hebben zich
vóór 1914 in Latem gevestigd. Onder hen is Permeke diegene die in zijn
vroege werken het meest aan Servaes te danken heeft. Ontgroeid aan het
impressionisme, krijgt zijn werk een steviger accent. Tijdens de oorlog
uitgeweken naar Engeland, maakt hij daar enkele belangrijke werken: o.a.
Oogst te Devonshire, 1917, zeer dynamisch, onder invloed van Turner en Ensor,
De vreemdeling, 1916, reeds expressionistisch van geest. Na zijn
terugkeer uit Engeland, ontstaan zijn beste werken tussen 1920 en 1930.
Hij vertolkt in een brutaal spontane taal het geweld van de boer en de
oerkracht van de aarde. Na een meer lyrische vorm zoals in De Vissersvrouw,evolueert hij naar een meer constructieve visie zoals in
De Verloofden. Tijdens zijn verblijf te Oostende heeft hij wellicht
enige invloed van Léon Spillaert ondergaan.
Gustave de Smet, 1877-1943
Verblijft tijdens de
oorlog in Nederland en ondergaat er o.m. de
kubistisch-expressionistische invloed van Le Fauconnier,
1881-1946. Na
1922 vindt hij zijn eigen stijl. Meer beheerst dan Permeke, bouwt hij
zijn composities rustig op en geeft ze een warme kleur. In
tegenstelling tot Permeke behoort hij tot een constructief
expressionisme.
Frits van den Berghe,
1877-1943
Verblijft
eveneens in Nederland tijdens de oorlog en ontwikkelt na zijn terugkomst
een persoonlijk expressionisme dat, naar geest en vorm, meer naar het
surrealisme verwijst met figuren gegroeid uit een mysterieuze natuurstof
en gezichten als gehouwen maskers. In de behandeling van de matière
herinnert hij aan Max Ernst, terwijl de negersculptuur
invloed op zijn werk had.
Het Vlaams expressionisme kent zijn hoogtepunt rond 1928 en wordt
verdedigd door André de Ridder en P.G. van Hecke, evenals door de
galerijen Sélection en Centaure.
Vele andere kunstenaars ontwikkelen een expressionistische
vormentaal. Een van de belangrijkste onder hen is
Jean Brusselmans,
1884-1953, die vooral in de jaren dertig een persoonlijke stijl
ontwikkelt, gekenmerkt door een strenge structuur en psychisch geladen
kleur.
De houtsnijkunst ontwikkelt zich in Vlaanderen onder de invloed van
de Duitse houtsnede. Frans Masereel, 1889-1972, vindt in zijn krachtige
zwart-wit composities een expressieve, sociaal geëngageerde stijl. Ook
de gebroeders Cantré: Jan-Frans, 1886-1931, en
Jozef, 1890-1957, zijn bekend om hun
houtsneden.
BEELDHOUWKUNST
Duitsland staat aan de spits
Edwin Scharf,
1887-1954,
zoekt een vormhernieuwing in archaïsch Griekse beelden en verrijkt haar
met de lessen getrokken uit het werk van Rodin. Typisch is de
hermetische kracht in zijn werk.
Ernst
Barlach, 1870-1933, wil de
kubistische structuren combineren met een sterk gedramatiseerde
uitdrukking, en noemt zichzelf een leerling van de middeleeuwse
beeldhouwers. Zijn figuren zijn meestal gedrapeerd en vormen een
plastische massa door één enkele beweging geanimeerd.
Wilhelm Lehmbruck, 1881-1919, aanvankelijk aangetrokken door Rodin,
verandert van opvatting na kennismaking met Brancusi en Archipenko. Zijn vormen worden vereenvoudigd, de figuren uitgetrokken en
versmald als de concretisering van een idee. Hij heeft de invloed van
de Knielende
jongelingsfiguur van Georges Minne ondergaan, maar er de
geslotenheid van doorbroken.
Kathe
Kollwitz, 1867-1945, beïnvloed door Max Klinger en het sociaal realisme van Constantin Meunier, zal in haar
werken het menselijk leed en drama leggen en in haar treurende figuren
de geslotenheid van de middeleeuwse 'plorannen' en de kracht van
Barlach.
In Vlaanderen
Georges Minne, 1867-1941, staat tussen
symbolisme en expressionisme. Zijn Knielende reliekdrager
verenigt de nostalgie van het zieleleven met de expressieve kracht van
een massale geslotenheid.
Naast zijn talrijke houtsneden streeft
Jozef Cantré, 1890-1957, in zijn beelden naar een monumentaliteit, die hij bereikt
dank zij de sober gesneden vlakken en de gesloten massa.
In Engeland
Jacob Epstein, 1880-1959, krijgt in 1911
opdracht voor het grafmonument van Oscar Wilde te Parijs. Daar ontmoet
hij Picasso, Brancusi en ontdekt de negersculptuur. Massief en ruw,
vertonen zijn beelden, die meestal Bijbelse of literaire onderwerpen
behandelen, expressionistische vervormingen die dikwijls door de kritiek
moeilijk worden aanvaard.
** Via
Hotels/Appartementen/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een
accommodatie in 92 landen. Laagste prijsgarantie, maximale
keuze, tevreden gasten, onpartijdige hotelbeoordelingen, boeken in uw
taal is mogelijk!
** Hoe maak ik een
printversie van
de pagina"?
** Door
Tekengrootte te
wijzigen kunt u de leesbaarheid van de tekst sterk verbeteren.
▲
|