Manuel-stijl of Manuelino-stijl, naar overzicht kunsthistorie

De Manuelstijl markeert de overgang van de gotiek naar de Renaissance. De naam, die uit de 19e eeuw dateert, geeft aan dat deze stijl zich onder het bewind van Emanuel I van Portugal heeft ontplooid. Hoewel van korte duur, 1490-1520, heeft de Manuel-stijl door zijn onmiskenbare originaliteit een belangrijke rol gespeeld in de Portugese kunstgeschiedenis. De Manuel-stijl geeft uiting aan de toen heersende passie voor de zee en de net ontdekte verre gebieden, en weerspiegelt de opkomende macht en rijkdom die zich aan de oevers van de Taag, Portugal,  openbaarden.
Bouwkunst
De kerken blijven gotisch wat betreft het grondplan, de hoogte van de pilaren en het netgewelf; nieuw is echter dat de pilaren spiraalvormig worden en daardoor beweging suggereren. De triomfbogen worden versierd met lijstwerk van scheepskabels. De gewelven krijgen steeds dikkere ribben, rond of vierkant, die een ster met vier punten vormen: ze worden versierd met decoratief touwwerk. waarin soms knopen zijn aangebracht.
Ook de vorm van de gewelven verandert: ze worden platter en rusten op segmentbogen. De zijbeuken worden hoger, waardoor echte hallenkerken ontstaan.
Beeldhouwkunst
Het sterkste komt de Manuel-stijl tot uitdrukking in de decoratieve beeldhouwkunst. Ramen. deuren, roosvensters en balustrades worden verfraaid met lauriertakken, doosvruchten van papavers, rozen. maïskolven. eikels, eikenbladeren, schermbloemen. artisjokken, distels, parels, schelpen. kabeltouwen, ankers, aardbollen, armillaria en als kroon op al deze ornamenten het kruis van Christus.
Kunstenaars
Boitaca
De van origine Franse beeldhouwer Boytac, in Portugal Boitaca genoemd,  heeft de eerste kerk in Manuel-stijl gebouwd, de Igreja de Jesus in Setúbal. en ook de kathedraal van Guarda. Daarnaast heeft hij meegewerkt aan de bouw van het Jerónimos-klooster in Belém. de kerk van het Santa Cruz-klooster in Coimbra en het klooster van Batalha.
Zijn kunst werd steeds complexer: de gedraaide zuilen. waarin hij uitmuntte. versierde hij met laurierbladeren, schelpen en ringen. Zijn portalen, een zeer belangrijk element in de Manuelstijl, vormen een rechthoekige compositie met gedraaide zuilen waarop spiraalvormige pinakels zijn geplaatst; in het midden van de compositie of erboven zijn de typische Manuel-ornamenten afgebeeld: wapenschild, kruis van de Christusorde en armillarium.
Mateus Fernandes
Deze paste de Manuel-stijl in Batalha toe. Zijn kunst is duidelijk beïnvloed door de elegantie van de flamboyante gotiek. Volume is ondergeschikt aan decoratie, die bij Fernandes bestaat uit zich steeds herhalende bladmotieven, geometrische figuren en schrifttekens. Het portaal van de Capelas Imperfeitas in Batalha is door hem zeer rijk gedecoreerd.
Venster van Convento da Ordem, TomarDiogo de Arruda
Hij  is de origineelste vertolker van de Manuel-stijl. Van hem is het overdadig versierde venster in het Convento da Ordem de Cristo (zie afb.) in Tomar. Zijn stijl kenmerkt zich door een passie voor alles wat met zee en schepen te maken heeft.
Francisco de Arruda
Is de bouwer van de toren van Belém in Lissabon. Hij had een afkeer van de decoratieve overdaad van zijn broer en gaf de voorkeur aan de soberheid van de gotiek. waarin hij Moorse motieven verwerkte. De gebroeders Arruda waren zeer actief in de Alentejo, waar ze de Manuel-stijl opluisterden met elementen uit de Arabische kunst. De meeste landhuizen en kastelen in deze streek, evenals de koninklijke paleizen in Sintra en Lissabon zijn gebouwd in deze Portugees-Moorse stijl, die wordt gekenmerkt door het gebruik van de hoefijzerboog met ranke lijsten rond deuren en vensters.
Parallel aan de bloei van de Manuel-stijl onderging de Portugese beeldhouwkunst aan het einde van de 15de eeuw de invloed van de beeldhouwkunst uit de Zuidelijke Nederlanden door toedoen van Olivier van Gent en Jan van Ieper, hun meesterwerk is het houten altaarstuk in de voormalige kathedraal van Coimbra.
Diogo Pires de Jongere
Deze nam daarna de thema's van de Manuel-stijl weer op: de doopvont in het klooster van Leça do Balio uit 1515 is daar het beste voorbeeld van. Aan het begin van de 16de eeuw waren diverse meesters uit Galicië en Vizcaya werkzaam in Noord-Portugal; ze waren betrokken bij de bouw van de kerken in Caminha, Braga, Vila do Conde en Viana do Castelo. Hun stijl houdt het midden tussen de flamboyante gotiek en de Spaanse platerescostijl.
João en Diogo de Castilho
Twee kunstenaars uit Vizcaya, achtereenvolgens in Lissabon, Tomar en Coimbra; hun aan de Spaanse plateresco verwante bouwstijl vermengde zich met de Manuel-stijl, wat te zien is in het Jerónimos-klooster.
Andere kunstvormen
In andere kunstvormen manifesteert de Manuel-stijl zich eveneens met een overdaad aan ornamenten, die vaak aan de oosterse kunst zijn ontleend. In het kerkelijk edelsmeedwerk, dat in de 15de en 16de eeuw bijzonder weelderig werd uitgevoerd, is de stijl van het oosterse exotisme te herkennen; de faience wordt gemaakt naar voorbeeld van Chinees porselein; bij de meubels worden oosterse decoratietechnieken gehanteerd, zoals het gebruik van lakwerk (uit China) of inlegwerk van parelmoer en ivoor.

DE SCHILDERKUNST VAN 1450 TOT 1550
De Portugese schilders distantieerden zich van de buitenlandse invloeden en gaven op hun manier, zij het later dan de bouwmeesters en de beeldhouwers, uitdrukking aan de opkomst van hun land als grote politieke mogendheid.
De primitieven, 1450-1505
De eerste schilders ondergingen nog de invloed van de Vlaamse schilderkunst, die in Portugal bekend werd dankzij de nauwe handelsbetrekkingen tussen Lissabon en de lage landen. Alleen Nuno Goncalves , de maker van het beroemde veelluik van het St-Vincentiusaltaar  in het Museu de Arte Antiga in Lissabon, wist zijn eigen stijl te ontwikkelen; qua compositie doet dit meesterwerk denken aan de tapijtkunst. Helaas zijn er nauwelijks andere werken van hem bekend. slechts op enkele kartons en wandtapijten over de verovering van Asitah en Tanger na. die in de kerk van Pastrana, in de buurt van het Spaanse Guadalajara, te zien zijn. Twee kopieën van deze wandtapijten hangen in een zaal van het hertogelijk paleis in Guimaráes.
Een groep anonieme meesters, onder wie de Meester van Sardoal, heeft een groot aantal werken nagelaten, die thans in verschillende Portugese musea onder de naam Portugese primitieven verspreid zijn.
Onder de van origine Vlaamse schilders die zich in Portugal vestigden, vallen Francisco Henriques en Fret Carlos op door hun ruim opgezette composities en hun rijke kleurenpalet.
De Manuel-stijl in de schilderkunst, 1505-1550
In deze periode ontstond een aparte Portugese School, waarvan de schilderkunst werd beïnvloed door de Manuel-stijl. Dit kwam tot uitdrukking in de fijne lijnen, de mooie en natuurgetrouwe kleuren, de realistische compositie van de achtergronden, de levensgrote personages en de gezichtsuitdrukkingen waarin een expressief naturalisme werd getemperd door zeker idealisme.
Vasco Fernandes
De belangrijkste vertegenwoordigers van deze school werkten in Viseu en Lissabon. De School van Viseu stond onder leiding van Vasco Fernandes, bijgenaamd Grão Vasco. In diens vroege werken, zoals het altaarstuk in Lamego, schemert de invloed van de Vlaamse schilders nog door; daarna ontwikkelde hij een eigen stijl die wordt gekenmerkt door realisme, prachtige kleuren en dramatische composities, zoals in zijn schilderijen uit de kathedraal van Viseu, die nu in het Museu Grão hangen.
Gaspar Vaz
Heeft een meer verfijnde stijl, schilderijen in de São João in Tarouca, en hoewel hij bij de School van Lissabon was opgeleid, kwamen zijn werken in Viseu en omgeving tot stand. Beide meesters zouden hebben meegewerkt aan het veelluik in de kathedraal van Viseu.
School van Lissabon
Hiertoe behoorden Jorge Afonso, de hofschilder van Emanuel I, en verder behoorden hier toe diverse talentvolle schilders:
Cristóvão de Figuelredo,
doet impressionistisch aan vanwege zijn gebruik van vlekjes in  plaats van strepen; zijn portretten zijn uitgevoerd in zwart- en grijstinten. Zijn stijl vond navolging bij verschillende kunstenaars, onder wie de Meester van Santa, altaarstuk in de voormalige Madre de Deus in Lissabon;
Garcia Fernandes
 imiteerde soms de primitieven, maar zijn portretten doen gekunsteld aan:
Gregório Lopes
die strakkere lijnen en vormen gebruikte, was de schilder van het leven. Hij muntte uit in de nauwkeurige weergave van landschappen en taferelen uit het dagelijks leven die hij voor zijn achtergronden gebruikte, retabels in de São Baptista in Tomar; zijn invloed is zichtbaar in het werk van de Meester van Abrantes, hoewel deze reeds een barokstijl hanteerde.

** Via Hotels/Appartementen/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een accommodatie in 92 landen. Laagste prijsgarantie, maximale keuze, tevreden gasten, onpartijdige hotelbeoordelingen, boeken in uw taal is mogelijk!
** Hoe maak ik een printversie van de pagina"?
** Zie ook de boekenpagina eens!
** Door Tekengrootte  te wijzigen kunt u de leesbaarheid van de tekst sterk verbeteren.    



  

16-04-2011