| VALE do DOURO,
met
de Rio Douro, na de Rio Tejo de tweede
rivier van Portugal, naar overzicht Porto e
Norte de Portugal
Hij ontspringt als Rio Duero in Spanje op 2000 m
hoogte in het Iberisch randgebergte, de Sierra de Urbión. Schuin boven
Miranda do Douro stroomt bij het Portugese grondgebied binnen, vormt
over 112 km de grens tussen de twee landen voordat hij bij Barca de Alva
naar het westen afbuigt en daarna 215 km dwars door Portugal loopt tot de
uitmonding bij Porto in de Atlantische Oceaan. De rivier heeft in zijn
bovenloop een prachtig diep en nauw kloofdal uitgeslepen.
Stuwmeren
Drie kilometer ten oosten van Miranda ligt de eerste van de vijf
stuwmeren, die Portugal en Spanje gezamenlijk hebben gefinancierd in de
bovenloop van de Rio Douro langs de grens, het Barragem de Miranda
op een hoogte van 528 m. De stuwdam is 80 m hoog en de hydro-elektrische
centrale levert per jaar 800 miljoen kWh. Zo'n 27 km ten zuiden van
Miranda ligt het Barragem do Picote op een hoogte van 470 m. De
stuwdam is 100 m hoog, 136 m lang en de ondergrondse installatie levert
per jaar 900 miljoen kWh. Elf kilometer verder ligt de belangrijkste en
meest bezienswaardige, het Barragem da Bemposta, op een hoogte van
400 m. De dam is 90 m hoog en de ondergrondse installatie levert per jaar
één miljard kWh. Toestemming om de hydro-elektrische centrales te
bezoeken, kunt u verkrijgen in Miranda do Douro. Om van het uitzicht te
genieten hoeft u niets van te voren te regelen. Nog zuidelijker liggen
Embalse de Aldeiadávila en Embalse de Saucelhe en in de
benedenloop zijn nog enkele stuwdammen. Embalse is Spaans voor
Barragem. Ook in de zijrivieren van de Rio Douro zijn stuwdammen
gebouwd.
Portgebied
De aldus opgewekte hydro-elektriciteit in de bovenloop van de Rio Douro is
één reden waarom dit Vale do Douro of Alto Douro voor Portugal van zo'n
grote economische betekenis is. De andere reden is dat hier de druiven van
de port, de bekendste wijn van Portugal, groeien. Het portgebied dat de
vorm van een wingerdblad heeft, ligt ruwweg tussen Peso da Régua
(westen), Vila Real (noorden) en de Spaans/Portugese grens
(oosten), aan de oevers van de Rio Douro (zuidgrens) en haar zijrivieren
de Rio Pinhão, Rio Corgo, Rio Tua en Rio Sabor. Het oorspronkelijke
portgebied, dat door markies de Pombal in 1756 werd afgebakend, lag ten
noorden van Peso da Régua, maar in de loop der tijden zijn de officiële
grenzen verlegd en is de omvang van het wijnbouwgebied Vale do Douro
vertwintigvoudigd.
Wijnbouwareaal
Hiervoor is overigens de meest barre streek uitgezocht die maar mogelijk
is. Overvloedige neerslag valt er alleen in de lente en de steenachtige
bodem absorbeert slecht. De Serra do Marão in het westen houdt 's zomers
de regenwolken van de Atlantische Oceaan tegen. In de zomer kan de
temperatuur in dit windloze, gesloten dal oplopen tot 50°C in de zon en
40°C in de schaduw, waardoor het effect van een broeikas bereikt wordt. De
naam terra quente, hete aarde, is dan ook zeer toepasselijk. In de
herfst kan de temperatuur evenwel al rond het vriespunt schommelen. Al
deze factoren tezamen leveren toch de juiste voedingsbodem voor het telen
van de druif. In de zomer is de frisse kleur groen, die in de lente in het
dal overheerst, vervangen door een doffe gloed. Op de steile hellingen van
leisteen en graniet ligt slechts een dun laagje aarde, zodat de lage
muurtjes bij de terrasgewijs aangelegde wijngaarden, vinhas, het
afglijden van de grond moeten tegengaan. De wortels van de wijnstok gaan
tien meter de grond in om het aldaar opgeslagen water op te zuigen, en
losse, verweerde leisteen is uiterst geschikt om warmte vast te houden,
ook in de nacht.
In dit dal vindt. u niet alleen wijngaarden; ook de sinaasappel- en
amandelboom gedijen bijzonder goed onder deze omstandigheden.
Druiven voor de port
De blauwe druif, voor rode port, groeit op hellingen met leisteenbodems en
de witte druif, voor witte port, op granietbodems. De wijngaarden zijn
vaak moeilijk toegankelijk en soms alleen te voet te bereiken wat het
transport van de velden naar het huis, de quinta, waar de druiven
worden verzameld en getreden, niet bepaald vergemakkelijkt. De zeer
arbeidsintensieve oogst, de colheita, begint in september en loopt
tot eind oktober door. Voor dit seizoenswerk worden van heinde en verre
krachten ingehuurd.
De oogstperiode
Is ook de beste tijd om dit Pais do Vinho te bezoeken. U bent dan
getuige van een meeslepend evenement. Het plukken van de druiven wordt
veelal verzorgd door de vrouwen, waarna de mannen de loodzware manden naar
de quinta vervoeren of waar mogelijk op ossenkarren laden. In de
avond volgt na een lange, inspannende dag de ontlading. Begeleid door
muziek van gitaren en tamboerijnen zingen en dansen de plukkers en
persers, óf om het barrevoets persen van het edele vocht uit de hoog
opgestelde trossen te begeleiden óf gewoon om de zinnen te verzetten. Aan
het eind van de oogstperiode worden grote festiviteiten georganiseerd.
Port
De vruchten worden in granieten kuipen lagares gestort, waarna het
treden, pletten. begint. Oorspronkelijk geschiedde dit treden met de voet.
Deze methode geeft een intense vermenging van schillen en druivensap, die
noodzakelijk is voor een perfecte kleur, en kneust de pitten niet. Ook
hier heeft echter de mechanisatie toegeslagen, al is de ambachtelijke
methode nog niet geheel verdwenen. De moderne wijze van treden geschiedt
in een gesloten vat, waarbij het eigen koolzuur zorgt voor circulatie. De
port wordt gemaakt en ontstaat niet alleen door gisting en rijping.
Als circa de helft van de natuurlijke suikers van de druif is vergist,
wordt een zuivere wijnalcohol als stopalcohol, toegevoegd aan de
most in een verhouding van 1 : 5. Logischerwijs is daardoor ook het
alcoholpercentage hoger dan bij andere wijnen (18 á 20%). De wijnalcohol
doodt de gistcellen, waardoor een deel van de natuurlijke suikers niet in
alcohol kan worden omgezet, en de zoete smaak gehandhaafd blijft.
In de lente wordt de jonge wijn in pijpen (fusten van500 liter)
naar de pakhuizen in Vila Nova de Gaia vervoerd voor verdere rijping in
eikenhouten fusten. Vroeger ging dit over de Rio Douro met zeilschepen
barco rabelas, maar tegenwoordig geschiedt het transport over de weg
of per spoor.
Rode port is te verdelen in vier soorten:
Ruby port. een jonge port die ontstaat na menging, blending,
van een aantal druivenrassen en jaargangen en die na 3 á 5 jaar rijping
wordt gebotteld. Deze port is helder, robijnkleurig, zoet en fruitig.
Tawny port: deze port is eveneens een menging en blijft langer (ca.
8 jaar) op fust. Hij heeft een taankleurige, bruinrode, gloed, is
helderder dan de ruby en minder zoet.
Vintage port: deze wijn is afkomstig van één wijngaard en één
jaargang en zo'n eretitel wordt alleen toegekend bij uitzonderlijke goede
jaargangen. Twee jaar na de oogst wordt de port gebotteld en deze moet
minstens 20 jaar op fles rijpen, de eerste 7 jaar in absolute rust. Een
vintage-jaar komt gemiddeld eens in de drie jaar voor, o.m. in 1977 en
1985. Door het rijpen op fles ontstaat droesem, crust. Voor het
inschenken moet de port derhalve eerst geklaard, gedecanteerd
worden. Vintage-port heeft een diep donkerrode kleur.
Late-bottled vintage port: deze port van een zeer goed jaar heeft 4
tot 8 jaar op fust geouderd, is van de droesem ontdaan en daarna
gebotteld. Deze port is lichter dan vintage port.
Witte port is minder populair, zachter en zoeter en moet licht
gekoeld gedronken worden.
Bij droge, witte port, seco, laat men de most praktisch geheel uitgisten,
vóór de wijnalcolhol wordt toegevoegd. De beste temperatuur voor rode port
is 16°C. Port die te warm wordt geserveerd, smaakt laf, lomp en zwaar.
Port is duur, ook in Portugal als u tenminste een goede wilt drinken.
Enkele termen
- vinhas, wijngaarden.
- quinta, huis waar de druiven worden verzameld en
getreden.
- colheita, oogst, begint in september en loopt tot eind
oktober.
- portwijn, wijn verrijkt met ca 20%, uit wijn gestookte
brandewijn.
- blends, vermenging van verschillende jaren, ze rijpen op
fust.
- vintage, afkomstig van goed oogstjaar. Rijpt 20 jaar op
fles!
- porto branco, witte zachte wijn met fijn aroma.
- porto tinto, rode port, licht fruitig.
- tinto aloirado, oude zoete port, licht fruitig.
- crust, droesem, voor inschenken moet de port
gedecanteerd worden.
- vinho verde, groene wijn, zeer jonge wijn, geel bleek, licht
zurig, fris.
- rode vinho verde, is krachtiger van smaak.
Steden en dorpen in de provincie Trás-os-Montes
De spoorlijn van Porto over Peso da Régua en Pinhão naar Pocinbo, Linha
do Douro, gaat vlak langs de noordoever van de Rio Douro. Op deze
oever loopt geen weg; dit deel is dus alleen vanuit het trein te
verkennen.
Alleen tussen Peso da Régua en Pinhão loopt een weg, de
N222, op de zuidoever van de rivier en komt u via bruggen bij deze
plaatsen.
Peso da Régua
Is het administratief centrum van de portwijnbouw, ligt op een heuvel bij
de samenvloeiing van de Rio Corgo en de Rio Barosa niet de Rio Douro. De
plaats kreeg pas betekenis door de aanleg van de spoorlijn aan het eind
van de 19e eeuw. In het Casa de Douro zetelt het Instituto do Vinho do
Porto, het genootschap van de wijnbouwers, dat streng toezicht houdt op de
kwaliteit van de port. In dit gebouw zijn de kleurrijke glas-in-loodramen
met scènes van de wijnteelt en de daarbij behorende feesten te
bezichtigen. Een brug verbindt de beide oevers.
Pinháo
Is van oudsher het productiecentrum. In de omgeving liggen de beste
quintas. De azulejos in het station hebben de wijnbouw tot
onderwerp, maar er zijn ook afbeeldingen van de traditionele
klederdrachten van de streek te zien.
Tua, bij Pinhão
Vanhier gaat een smalspoorlijn, Linha da Tua, richting Mirandela en
Bragança. Vooral het eerste stuk is fraai, gehele traject duur 4 uur.
Torre de Moncorvo, 400 m
Ligt temidden van vijge-, amandel- en kersen- boomgaarden en olijf-,
moerhei- en tamme kastanjebomen aan de voet van de Carvalhoso, 920 m, de
hoogste top van de Serra do Reboredo, en 10 km ten noorden van de Rio
Douro.
Een culinaire specialiteit van het stadje zijn de cobertas,
geglaceerde amandelen. De Igreja Matriz en de Igreja da Misericórdia zijn
beide uitgevoerd in de zuivere renaissance stijl, zonder
manuelino-toevoegingen. De eerste kerk heeft een vierkante, robuuste toren
als façade, waarin het ingangsportaal is ondergebracht. Opmerkelijker is
echter dat op de helft van de gevel een stuk van een vijgenboom uitsteekt.
Het interieur is weelderig. Half augustus worden de beelden in de kerk
tijdens het Festa da Senhora da Assunção, vier dagen lang, door het dorp
gedragen.
Pocinho
Hier ligt behalve een stalen brug ook een stuwdam met sluizen. Het
panorama is overweldigend. Hier kunt u ook zien dat de Portugezen druk
bezig zijn de binnenlanden met nieuwe wegen te ontsluiten. Een deel van de
snelweg Bragança-Guarda/Viseu is klaar. Van Pocinho noordwaarts kunt u een
klein stukje langs de Douro rijden.
Freixo de Espada-à-Cinta, 475 m
Wordt omringd door amandel- en olijfbomen en bezit een laatgotische
parochiekerk, die werd gebouwd door João de Castilho, de tweede architect
van het Jerónimos-klooster in Belém, Lissabon. Binnen in de kerk ziet u
16e-eeuw- scschilderingen van de Grão Vasco-School, een smeedijzeren
kansel en veel talba dourada werk. Op de top van de pelourinho,
schanpaal, in manuelinostijl is een mensenhoofd afgebeeld. Bij de kerk
staat de zeshoekige Torre do Galo (zie afb.). De streek tussen Moncorvo en Freixo
heeft nog een andere attractie als in februari maart de bloeiende
amandelbomen hun witroze bloemen- pracht dragen.
Bij Pocinho ligt een brug over de Rio Douro, maar ook een stuwmeer,
Barragem do Pocinho met een in aanleg zijnde weg over de stuwdam. De
weg vormt de verbinding tussen Viseu en Guardia met het noorden, en met
name met Bragança.
Het panorama vanaf de dam is fantastisch.
Steden en dorpen in de provincie Beiras Alta
De dorpen op de noordelijke oever tot aan Mesão Frio behoren officieel
tot Douro Litoral, maar gezien de relatie tussen de beide oevers,
is dit dal in zijn geheel hier
Vanuit Porto gaat de N108 over deze oever, soms laag en soms hoog boven de
waterspiegel door bossen die de graniet- bodem bedekken. Het kuuroord
Entre-os-Rios.
Caldas de Aregos
Dit kuuroord heeft een kuurpark dat afloopt naar de rivier.
Cinfães
Iets van de rivier verwijderd ligt het tweede commerciële centrum van de
vinho verde-cultuur. De 18c-eeuwse Quinta da Fervança en de Quinta
das Ciestas met een dieprode azulejos-bekleding (10 km buiten het stadje)
accentueren het al eeuwenlang bestaande economische belang van de
productie van deze wijnsoort.
Barragem de Carrapatelo
Iets verderop ligt één van de stuwmeren, waaraan de Rio Douro zo rijk is,
het Barragem de Carrapatelo. De stuwdam heeft sluizen om het soms
grote verval in de rivier op te heffen, hijskranen om vissersbootjes op te
hijsen en neer te laten en een waterkrachtcentrale.
Sáo João da Pesquelra, 650 m
Ligt ten oosten van Lamego bij het Barragem da Valeira. Het
18e-eeuwse paleis Casa do Cabo heeft op eik van zijn twee ver- diepingen
13 gebeeldhouwde ramen. De in de rotsen uitgehouwen kapelletjes S.
Salvador do Mundo, langs de weg naar het stuwmeer, zijn een religieus doel
sinds de 16e eeuw.
Vila Nova de Foz Cóa
Heeft een kerk met een imposant manuelino-portaal, daarboven een klein
roosvenster en bovenin drie klokken op een rij. Aan het eind van de 15e
eeuw zocht een grote groep joden hier haar toevlucht.
** In geheel Portugal kunt U goed uw accommodatie boeken via
Hotels/Appartementen/Portugal. U betaalt in het hotel! Let ook op de
beoordelingen door gasten die de hotels bezochten! U kunt de ligging van
de hotels via Google Earth bekijken!
** Waarom zouden we voor onze accommodatie kiezen voor
Booking?
** Kaart van geheel
toeristisch Portugal
** Algemene informatie
over Portugal.
** Hoe maak ik een
printversie van
de pagina"?
** Door
Tekengrootte te
wijzigen kunt u de leesbaarheid van de tekst sterk verbeteren.
** Het zoekveld is vernieuwd! U kunt nu aangepast zoeken
op "Stedentips" -
▲
|