| GOTISCHE KUNST IN SPANJE,
naar overzicht
"Kunsthistorische schets", zie ook
Kunst in Spanje
Vanaf het jaar 1300 begint een meer gekunstelde fase waarbij de bouwwerken gestileerd worden en er meer omlijstingen en versieringen in de steunbogen aangebracht worden, vooral driehoekige en vierkante figuren met gebogen lijnen. De volumineuzere ruimte en de grotere hoogte worden benadrukt. De vele ribben op de zuilen breken de ruimtelijke eenheid. De gewelven zijn complexer en er verschijnen kruisbogen in stergewelven. Vanaf het begin van de vijftiende eeuw ontstond in Spanje een barokke veel nagevolgde stijl binnen de gotiek, als gevolg van de culturele en economische ontwikkeling en de welvaart die brede lagen van de maatschappij bereikte. De flamboyante stijl die in het noorden van Frankrijk en in Vlaanderen was verschenen kwam in Spanje in contact met de bestaande islamitische kunstuitingen en leidde tot het ontstaan van een opmerkelijke stijl die de reiziger ongetwijfeld zal fascineren: de Spaans Vlaamse Castiliaanse stijl. De decoratie geïnspireerd in de mudejarstijl, die tot een zekere overdadigheid neigt, valse bogen, sierribben en andere elementen, toont ons iets uiterst unieks dat alleen in dit land te zien is. In de zestiende eeuw is de gotiek nog springlevend, want drie grote kathedralen - die van Sevilia, Salamanca en Segovia dateren uit deze periode, maar gaat een conservatievere fase binnen die samenvalt met de Renaissance. Bij de zoektocht naar een nieuw classicisme gaat men terug naar de zuiverheid van vorm. De gotiek is een kunstuiting waaraan het hele volk deelneemt. Wij zien kerken en kathedralen die dankzij gezamenlijke inspanningen tot stand zijn gekomen. En paleizen, vestingen, commerciële en industriële gebouwen die blijk geven van een onafhankelijkheid van religieuze weldoeners en van de opkomst van ambachtelijke activiteiten. Als wij ons de gotiek voorstellen zoals deze in de Middeleeuwen werd gezien zullen wij merken dat er geen onderscheid gemaakt werd tussen hoge en lage kunst want beide waren even belangrijk. In het interieur zijn allerlei ambachtslieden aan het werk geweest: edelsmeedkunst, keramiek, borduurwerk, gebrandschilderde ramen, wandkleden, tapijten, wapens, meubels, schilderijen, beeldhouwwerk en architectuur. Vaak werd een aantal van deze technieken door dezelfde persoon uitgeoefend: beeldhouwers die ook hoefsmid en zilversmid waren, schilders die altaarstukken verguldden en wandkleden ontwierpen en we zien juwelen, textiel en meubels als versiering van een vorm van bouwkunst die zo vaak prachtig is weergegeven in de schilderkunst. ARCHITECTUUR De bouwkunst vertoont twee nieuwe aspecten die tevoren niet bestonden: het gebruik van het licht en de nauwe relatie tussen structuur en uiterlijk. Alles gaat om de geometrie, badend in licht, die soms pas na aandachtig turen te ontdekken is. Zuilen, vensters en andere referentiepunten vormen vierkanten, kubusvormen, rechtbenige driehoeken, repeterende series waardoor de ruimte vormgegeven wordt. De glas-in-loodvensters filteren het licht en lijken de muren doorzichtig te maken. Er is hier geen ruimte meer voor schilderkunst, de fresco's worden nu gevormd door kleurige lichtplekken. De bogen vertonen een spitse vorm en de gewelven een simpele kruisvorm of ingewikkelde stervormen. De drukkrachten worden naar de steunberen en luchtbogen geleid. De dikte van de muren neemt af en deze fungeren nu als afsluiting of ondersteuning van rozetten en gebrandschilderde ramen. De zuilen rijzen omhoog en gaan l op in het plafond waarbij zij doen denken aan een boomstam die zich vertakt, maar alles met een structurele functie. Het grondplan is normaal gesproken ontworpen in basiliekvorm, van grote afmetingen, met drie of vijf schepen. De kooromgang vormt net als het triforium een essentieel element dat grandeur uitstraalt en een ruimtelijke werking heeft. Het bouwwerk krijgt een verticale uitstraling. BEELDHOUWKUNST Omdat iedere plek geschikt werd geacht voor het plaatsen van beeldhouwkunst is deze te vinden op de voorgevels van kerken en kathedralen, koorgestoelte en grafmonumenten en zelfs zonder relatie met de bouwkunst aangebracht voor het genot van de opdrachtgever. Als de beelden zich echter buiten bevinden zijn het ware monumenten van kalksteen of graniet en soms van albast of marmer want de edele materialen worden net als het beschilderde hout en het edelmetaal bewaard voor de rijkversierde interieurs. De thematiek vertoont een grote verscheidenheid, van prachtige verfijnde Mariabeelden, apostelen, taferelen die Bijbelse verhalen en historische gebeurtenissen voorstellen, tot de verbeelding sprekende waterspuwers tot met elkaar verweven bloemen- en plantenvormen. De bewerking van de materialen is bekoorlijk, met oog voor details uitgevoerd. De kunstenaar biedt, op zoek naar nieuwe vormen van expressie, realistische figuren met een eigen gezichtsuitdrukking, een spel van blikken en gebaren, gewaden met diepe plooien. DE KUNST VAN DE KLEUR De kunst van de kleur wordt gedurende de gotiek bedreven op drie verschillende manieren: op glas, perkament en houten panelen. De glas-in-loodramen betekenen een fundamenteel element in de architectonische ruimte waarin zij zich bevinden. Gemaakt van kleine stukjes glas in verschillende kleuren, met elkaar verbonden door loodstrippen, vormen zij glazen panelen die het interieur doen baden in kleurrijk licht. De thematiek is heel verschillend en dient normaal gesproken van boven naar beneden gelezen te worden: helemaal bovenaan God, het Goddelijk Licht, het openbarend begin van alles; in het midden de heiligen en het dichtst bij de grond taferelen over de mens, aardse afbeeldingen en bloemen- en plantenmotieven. Het woord miniatuur is afgeleid van het loodoxide - oftewel loodmenie - waarmee deze geschilderd werden. Het was een zeer gewaardeerde techniek. Er werden Bijbels en gewijde boeken mee versierd, handschriften en traktaten, en vooral ook psalmboeken of getijdenboeken, een soort brevier voor persoonlijk gebruik met een indeling naar dag en uur. De prachtig uitgevoerde versiering bestaat uit bloemen- en plantenmotieven in de kantlijn, iedere eerste letter van een nieuwe hoofdstuk wordt vergroot weergegeven en de kalligrafie vertoont een precieuze stijl. Er zijn zelden muurschilderingen te zien, maar wel talrijke olieverfschilderwerken op houten panelen. Er worden vooral grote schilderingen gemaakt met een religieus thema als onderdeel van altaarstukken. De vormen zijn gestileerd, de lijnen gebogen, de kleuren helder, de figuren vrij realistisch en verfijnd met zeer gedetailleerde gewaden. De taferelen spelen zich af in de dagelijkse sfeer en bevatten anekdotische voorwerpen die blijk geven van een scherpe observatie. In de vijftiende eeuw verschijnen de eerste Vlaamse primitieven die een omwenteling in de schilderkunst teweegbrengen. EDELSMEEDKUNST Deze treffen wij gewoonlijk buiten hun natuurlijke omgeving aan, in musea. Wellicht om deze reden hebben wij de edelsmeedkunst soms niet op waarde weten te schatten. Vanuit de geestelijkheid en de adel kwam de vraag naar dit soort voorwerpen voor hun persoonlijk gebruik en voor de liturgie. Werkplaatsen in het hele land voldeden daaraan en vervaardigden steeds hetzelfde soort edelsmeedkunst: kelken, hostieschotels, kandelaars, doosjes, reliekhouders, enz. De vormen geven siertorentjes, kleine baldakijnen, arcades en dergelijke weer, bouwkundige elementen die hier verheven worden tot fantasievoorwerpen. Andere vormen van kunst Men dient te bedenken dat een wereld aan creativiteit voor een aanvulling gezorgd heeft op de verfijnde gotische esthetiek: textiel, wandkleden, wapens, juwelen en ook traliewerk. Kortom, een breed terrein waar de verbeeldingskracht van de kunstenaar volop tot uitdrukking kon komen. DE DRIE GROTE KATHEDRALEN BURGOSDe stad werd in het jaar 1097 aangewezen als bisschopszetel en de aan de Maagd Maria gewijde Romaanse kerk die gebouwd werd was al snel te klein. In de dertiende eeuw maakte bisschop Mauricio een reis door Europa waar hij in contact kwam met de nieuwste trends in de bouwkunst. Het huwelijk van Ferdinand III met Beatrix van Zwaben in de kleine kerk overtuigden hem van de noodzaak tot de constructie van een grotere wat statigere kerk. Met de constructie van het oorspronkelijk ontwerp, door een bouwmeester van wie men slechts weet dat hij betrokken was bij het klooster van Las Huelgas, werd begonnen in 1221 in zuivere cisterciënzerstijl met een recht hoofdeinde en kapellen in het dwarsschip. Bouwmeester Enrique, die reeds aan de kathedraal van León had gewerkt, voerde een radicale verandering door in de uitvoering waardoor het bouwwerk een stijl verkreeg die toen elders in Europa gangbaar was. Hij liet het hoofdeinde afbreken en verving het door een ander met een kooromgang en kleine kapellen. Van vroeger is slechts de kapel van San Nicolás behouden gebleven, met een kruisbooggewelf in zes delen. Het resultaat is het huidige gebouw, dat uit drie schepen, een triforium en kapellen bestaat, vele daarvan daterend uit de vijftiende eeuw. Na de dood van Enrique bouwde Juan Pérez de hoofdgevel, een imitatie van de gevels van Amiens en Reims, met drie toegangsdeuren en een H-vorm. De voorgevel van De Vergiffenis werd in de achttiende eeuw volledig gereconstrueerd. Beide gevels van het dwarsschip zijn voorzien van een toegangsdeur; het portaal van La Coroneria, van de hand van bouwmeester Enrique, vertoont op het timpaan een tafereel van het Laatste Oordeel. De pelgrims van de Route van Santiago kwamen hier de kathedraal binnen en overbrugden het hoogteverschil via de Gouden Trap, voltooid door Diego de Siloé. Er wordt verteld dat de laatste persoon die deze trap heeft gebruikt Napoleon was. Het portaal van EI Sarmental, aan de zuidkant, is een werk van onbekende bouwmeesters en vormt een prachtig voorbeeld van de gotische beeldbouwkunst; het afgebeelde tafereel met Franse invloeden stelt de Apocalyps voor. In de vijftiende eeuw introduceerde Jan van Keulen vanuit zijn Duitse achtergrond de flamboyante esthetiek; de torens, spitsen en enkele kapellen zijn aan hem te danken. Aan het eind van dezelfde eeuw verscheen zijn zoon Simon van Keulen op het toneel, die verantwoordelijk was voor de indrukwekkende kapel van de Opperrijksmaarschalk, een kathedraal binnen de kathedraal, waarin Germaanse en islamitische elementen verwerkt zijn. De zestiende-eeuwse koepel is een werk van Juan de Vallejo.
** Voor geheel Spanje kunt u goed boeken via
Hotels/Appartementen/Spanje. U betaalt in het hotel! Let ook op de
beoordelingen door gasten die de hotels bezochten! U kunt de ligging van
de hotels via Google Earth bekijken!
|
17-01-2012 |