|
ZAMORA
Naar overzicht regio
Castilla - León Zamora is de belangrijkste stad aan de Duero die na de grens met
Portugal een andere naam krijgt. Dit goed verdedigbare punt op de steile
rotswand boven de rivier was vermoedelijk een nederzetting van de
Vaccaei totdat de Carthagers de macht overnamen. De Romeinen hebben er
een prachtige brug gebouwd. De stad viel achtereenvolgens onder de
heerschappij van de Visigoten en de Moren. In de achtste en negende eeuw
- het begin van de Reconquista - veranderde het gebied in een soort
niemandsland; Zamora werd beurtelings door de ene, dan weer door de
andere partij belegerd, waarna de overwinnaars de verwoeste stadsmuren
herbouwden. In 893 ondernam Alfons III van Asturië een serieuze poging
de stad opnieuw te bevolken. In 905 werd Zarmora weer bisschopsstad. De
Moren trachtten het gebied in 939 te heroveren, maar ze werden bij
Simancas verslagen; op hun terugtocht heroverden, ze Zamora, waaruit ze
korte tijd later werden verdreven. Aan het einde van de tiende eeuw
volgden de vreselijke overvallen van Almanzor, voor wie de belangrijkste
christelijke steden al snel het hoofd moesten buigen. Maar veel plezier
heeft de grote plunderaar daaraan niet beleefd, want hij overleed in
1002. Ferdinand I liet, nadat hij de koninkrijken Castilië en León door
zijn huwelijk met Sancha, de Le6nse erfgename, tijdelijk had verenigd,
de stadsmuren van Zamora, Toro, Benavente en enkele andere belangrijke
steden herbouwen. Vanaf die tijd stond Zamora bekend als la bien
cercada,'de goed-ommuurde'. Zamora is weliswaar bekend om zijn
Romaanse kerken, maar de stad heeft het uiterlijk van een grimmige
vesting; er is geen plaats voor mooidoenerij of elegantie.
De kathedraal
▲
Deze ligt vlak bij de vooruitgeschoven stadsmuren aan de westelijke
rand van de vestingheuvel. Het is niet mogelijk rondom
het hele gebouw te lopen. De route, die een klein uur in beslag neemt,
voert ons ook langs het kasteel.
De kathedraal heeft slechts vier
traveeën
tot de viering en ze is begin 12de eeuw gebouwd. In het
middenschip en de zijbeuken ziet u weliswaar spitsbogen, maar de
massieve pijlers en de zuilen, die voorzien zijn van gekanteelde
kapitalen, zijn in wezen Romaans. De vierdelige ribgewelven met
gordelbogen en de transepten met spits toelopende tongewelven zijn
kenmerkend voor de stijl met spitsboog-Romaans. De prachtige ronde
tamboer, die zich vanaf
pendentieven boven de
viering verheft, is
voorzien van zestien vensters met zuiltjes, waarop de zestien ribben van
de koepel rusten. Bernard Bevan heeft in zijn History of Spanish
Architecture een boeiend hoofdstuk aan dit type koepel op een tamboer
gewijd. We weten niet hoe deze uitgesproken Byzantijnse stijl de Spaanse
architectuur heeft bereikt. Er wordt beweerd dat Don Jerónimo, de
strijdmakker van El Cid, die bisschop van Valencia (en later van
Zaragoza) was, deze stijl vanuit zijn geboorteplaats Périgueux heeft
meegebracht. Deze trouwe bisschop stierf echter in het jaar dat de
koepel van Saint-Front, in Périgueux, werd gebouwd, terwijl aan de bouw
van de koepel van Zamora pas vijftig jaar later begonnen werd. Sahagún
wordt ook vaak als bron genoemd, maar het lijkt dan ook niet
waarschijnlijk - aangezien er van de kloosterkerk, die gebouwd is in de
stijl van Cluny, weinig is overgebleven - dat er in deze hoofdstad van
de baksteenarchitectuur ooit een grote natuurstenen koepel werd gebouwd.
Gómez-Moreno houdt het op een Franse architect die op Sicilië met de
Normandische stijl in aanraking is gekomen. Het prototype was volgens
Bevan de koepel van de kerk van het Heilige Graf in Jeruzalem. Deze in
de stijl van de Périgord gebouwde kerk werd in 1149 ingewijd, slechts
twee jaar voor de bouw van de kathedraal in Zamora. De arkeltorenijes en
gevelspitsen met schubvormige dakbedekking en stekelige ribben, al deze
op de stijl van Poitou geïnspireerde en in Jeruzalem ontbrekende
bouwelementen zijn vermoedelijk toevoegingen die tijdens de bouw zijn
ontstaan. We staan hier in Zamora hoe dan ook onder een heel vroege,
gedurfde en prachtige koepel met
tamboer;
een vergelijking met die van de bovengenoemde (Salmantino-stijl) kerken
is zeer de moeite waard.
De oorspronkelijke koorsluiting bestond uit drie apsissen die
rechtstreeks, dus zonder kooromgang, aansloten op de viering en de
transepten. Dit deel van de kerk werd afgebroken en in de jaren
1496-1506 volgens het oorspronkelijke plan herbouwd in opdracht van
kardinaal-bisschop Menéndez Valdés, die ook de fraaie koorstoelen en de
smeedijzeren koorhekken liet maken. Het achttiende-eeuwse altaarstuk op
het hoogaltaar is ontworpen door Ventura Rodríguez, de hogepriester van
het neoclassicisme. Vermoedelijk zijn de ontwerpen van zowel het
priesterkoor als de koorhekken van de hand van Francisco Corral, die in
Toledo soortgelijk werk heeft vervaardigd.
Het Coro zelf
is een nader onderzoek meer dan waard. Juist in dit deel
van de kerk dat voorbehouden was aan de kanunniken, vindt u het mooiste
laatgotische houtsnijwerk van heel Spanje. De bij het volk zo populaire polychromering ontbreekt; blijkbaar had de clerus geen behoefte aan een
uitvoerige uitleg van de Schrift. Het blanke hout is door de strelende
handen en slaperige hoofden van deze kanunniken gepolijst. De koorbanken
van Zamora zijn afkomstig van de werkplaats van Rodrigo Alernán, een
kunstenaar uit de laat-vijftiende eeuw. De afbeeldingen op de onderste
koorbanken zijn zoals gebruikelijk gewijd aan de profeten en koningen
uit het Oude Testament, terwijl op de bovenste banken apostelen en
heiligen zijn voorgesteld. De bisschopsstoel wordt bekroond met een
prachtige Christusfiguur.
Onder de rechtertrapleuning
ziet u Adam en Eva met de kronkelende slang
tussen hen in. Op de panelen van de deuren van het trascoro zijn
de acht Sibillen voorgesteld. Vlak naast het koorhek aan de
evangeliezijde zijn vrouwelijke heiligen afgebeeld, zoals de meestal
heel elegant geklede Maria Magdalena, de Heilige Lucia met haar
uitgestoken ogen op een schaal en de Heilige Polonia die, als
schutspatrones van de tandartsen, een uitgetrokken tand met een nijptang
vasthoudt. Het opvallendst zijn echter de leuningen en de misericorden
waarop satirische voorstellingen van monniken en paters zijn
uitgesneden. Een pater met een vossenkop preekt de passie voor een aantal
kippen, wier gestolen kuikens hij in zijn monnikskap heeft verstopt - er
zijn ook monniken bij met de kop van een ezel, een aap of een wolf. Op
de armleuning vlak naast het koorhek aan de evangeliezijde ziet u de
zeer afgesleten voorstelling van een wolf in monnikspij die een kip bij
de nek heeft gegrepen. En dan is er nog een monnik die op handen en
voeten een egge voorttrekt, terwijl hij door een op zijn rug gezeten non
met een zweep tot grotere spoed wordt gedwongen. Een aantal
misericorden, waarop zelfs voorstellingen van onoorbare seksuele
spelletjes tussen monniken en nonnen voorkomen, werden onlangs op last
van de bisschop dichtgespijkerd, waardoor niemand ze meer zien kan. Deze
ondeugende afbeeldingen werpen echter wel een interessant licht op de
vaak bar slechte relaties tussen de verarmde kanunniken van de
kathedraal en de welgestelde kloosterorden wier leden - zo wordt
gesuggereerd - op kosten van de ar men een genotzuchtig leven leidden.
De macht en rijkdom van de kloosters is inmiddels verdwenen maar
jichtige handen liefkozen nog altijd deze bijzondere uiting van
canonieke wrevel.
De rest van het kerkinterieur is minder interessant. Links van het
priesterkoor bevindt zich het veel vereerde altaar van de Virgen de la
Calva, die vanwege haar hoge voorhoofd 'de kale' wordt genoemd.
In de Capilia de San Pablo,
aan de evangeliezijde, bevindt zich
De bekering van San Pablo, een in hoogreliëf uitgevoerde emotionele
voorstelling uit de School van Gregorio Fernández. De middenkapel aan de
westzijde neemt de oorspronkelijke westingang geheel in beslag. Deze
kapel van San Ildefonso, met een fraai smeedijzeren hek in de
stijl van Francisco Corral, bevat een gotisch altaarstuk van Fernando
Gallego en enkele graftombes van de familie Romero. Op de wandtapijten
ziet u voorstellingen van de zeven vrije kunsten, die in de tijd van de
Romeinen in twee groepen werden onderverdeeld; tot het quadrivium
behoorden de arithmetica, geometria, astronomie en musica; het trivium
omvatte de grammatica, rhetorica en dialectica. Dit drietal, waarvan het
woord triviaal is afgeleid, werd als minder belangrijk beschouwd.
In de aangrenzende kapel
van de Heilige Johannes de Doper staat
de kostbare laatgotische tombe van Doctor Grado, waarvan de tere maar
onbeschadigde traceringen doen denken aan het werk van Gil de Siloe in
Miraflores. De deuren van de kapittelzaal zijn afkomstig uit het
klooster van Moreruela.
Nadat het houten dak van de kloostergang in 1591 voor de tweede keer was
afgebrand, kreeg Gómez de Mora, de opvolger van Herrera, de opdracht een
nieuw ontwerp te maken dat voorzag in de toepassing van duurzamer
materiaal. Er is echter aan deze uit natuursteen opgetrokken
kloostergang weinig fraais te ontdekken. Hij ontwierp ook het vrij lompe
portaal van het noordertransept, dat vermoedelijk werd toegevoegd om een
zekere uniformiteit tot stand te brengen die in overeenstemming was met
de droge bouwprincipes van het post-Escoriale tijdperk
Het museum
▲
Is in een aantal zalen bij de kloostergang
ondergebracht. Het heeft - afgezien van enkele prachtige wandkleden, die aan
de veel te kleine muren niet tot hun recht komen - weinig interessants
te bieden. Het beste is nog het vijftiende-eeuwse wandtapijt in het
trappenhuis waarop de Kroning van Tarquinius is afgebeeld. Het heeft
iets van de helderheid van een schilderij, wat in de overgang van karton
naar weefsel zo vaak verloren gaat. Heel fraai zijn ook de twee tapijten
met de Parabel van de wijngaard, en de reeks die de Trojaanse oorlog tot
onderwerp heeft. We verlaten de kloosterhof, lopen in oostelijke
richting en zien de in opdracht van bisschop Menéndez Valdés
gerealiseerde veranderingen, bestaande uit een toentertijd gangbaar
gotisch exterieur met een rijkversierde balustrade. Iets verderop komen
we bij het portaal van het zuidertransept, dat is voorzien van
archivolten met non-figuratieve voorstellingen, die op de hoeken aan de
binnenzijde spits toelopen. Dit schema heeft grote invloed gehad op
zowel de kerkbouw in Zamora zelf als die daarbuiten. In de nis aan de
rechterkant van de ingang staat in het timpaan een prachtig beeld van
Maria met Kind en engelen. Hiertegenover ligt het sobere bisschoppelijk
paleis (nu kantoren van het diocees) met een imposante hoofdingang.
Omgeving
We laten de rechthoekige kloosterhof links liggen en komen via twee
bogen in een fraai park, de Plaza del Castiuo, waarin we klassieke
beelden aantreffen. De weergang langs de tinnen van de zuidelijke muren
ziet uit op de Duero en is toegankelijk. Van hieruit heeft u een fraai
uitzicht op de koepel en de grote vierkante toren; de boven elkaar
geplaatste vensters, die halverwege de gevel beginnen, verlenen het
bouwwerk een streng en indrukwekkend uiterlijk. We volgen de transen en
komen uit bij het kasteel, dat aan de binnenzijde beschermd wordt door
een slotgracht, terwijl aan de andere zijden de buitenmuren rechtstreeks
uit de rots oprijzen. Tegen de muren van de binnenhof zijn moderne
gebouwen neergezet waarin thans een vakopleiding is gehuisvest. We
vervolgen onze weg rondom het park en komen uit bij het gemeentelijk
laboratorium, een gebouw uit 1911 dat voorzien is van een openbaar
toilet. Van hieruit leidt een soort korte afrit naar de Portdia de la
Traición, waarlangs (volgens een inscriptie op de buitenmuur) de
'Bellido Dolfos', na de perfide moord op Sancho II van Castilië en
achtervolgd door El Cid, de stad opnieuw is binnengetrokken.
▲
Oficina de Turismo
C/. Santa Clara, 20 - 49015 Zamora -
Tel.: +34.980.53.18.45 - Fax: +34.980.53.38.13 -
* Goede plattegrond is Zamora, Plano-Guía.
** Uw accommodatie kunt U goed
boeken via
http://www.booking.com/hotels/city/es/zamora.html?aid=301465 . Er
zijn 6 hotels online boekbaar. Laagste prijsgarantie! Makkelijk
reserveren. Geen kosten. Let ook op de beoordelingen door gasten
die de hotels bezochten! U kunt de hotels via Google Earth bekijken!
|