RIJST IN PIËMONTE/
Risotto alla
Milanese, naar overzicht
Mediterrane Culinaria
Er zijn verschillende theorieën in omloop die de
introductie van rijst in Italië,
regio Piëmonte, verklaren.
Waar de een beweert dat de Romeinen
al rijst kenden, meent een ander dat de witte korrels rond het jaar 1 000 door
de Arabieren naar Sicilië zijn gebracht. In Venetië houdt men het erop dat
plaatselijke koopvaarders de rijst uit de Levant meebrachten. Van een doelmatige
rijstteelt is echter pas sinds de 15e eeuw sprake, nadat de middeleeuwse
pestepidemieën en hongersnoden grote delen van Europa ontvolkt hadden.
Ook in
Italië was men indertijd op zoek naar nieuwe voedingsmiddelen,
waarbij het oog
op rijst viel. De cisterciënzermonniken van het klooster Lucedio in de buurt van Trino Vercellese ontdekten al snel dat de waterrijke Povlakte gunstige
omstandigheden voor de rijstplantjes bood en dat ze daar gedijden. De inwoners
van de omliggende dorpen wilden aanvankelijk echter niets weten van de nieuwe
grasvrucht. Zij stonden huiverig tegenover een plant die uitsluitend in water
groeit, omdat ze van mening waren dat deze wijze van verbouwen de verspreiding
van besmettelijke ziekten als de pest in de hand werkte. Uiteindelijk wisten de
overredingsgave van de vrome broeders en de behoefte aan nieuwe voedingsmiddelen
hen over hun koudwatervrees heen te helpen.
Rijstteelt
In de 19de eeuw begon men op de Povlakte met
grootschalige rijstteelt,
nadat het vermoeden was gerezen dat de handel in rijst
een belangrijke economische factor zou kunnen worden voor de niet bepaald
welvarende streek. Er werden brede kanalen gegraven, zoals het in 1852 in
gebruik genomen Canale Cavour, waarop even inventieve als efficiënte
irrigatiesystemen werden aangesloten, zodat steeds grote gebieden voor de
rijstteelt geschikt konden worden gemaakt. Al snel vond de Italiaanse rijst ook
in het buitenland gretig aftrek en de export floreerde. Naar het schijnt heeft
niemand minder dan Thomas Jefferson, de derde president van de Verenigde Staten,
tijdens zijn Italiaanse reis wat rijstkorrels in zijn zak gestopt. De in de
Povlakte verbouwde rijst was namelijk veel beter bestand tegen koken dan de
rijstkorrels die hij uit Amerika kende.
En dus 'importeerde' Jefferson uit de
Oude Wereld gewoonweg de stevigere soort, die de rijstgebieden in de Verenigde
Staten al snel veroverde.
In de 20e eeuw werden de productiemethoden zo
geperfectioneerd dat Italië al zijn Europese concurrenten op een onoverbrugbare
achterstand zette.
De Povlakte betaalde echter nog tot in de jaren '50 een hoge
sociale prijs
voor de aanwezigheid van de rijstindustrie en de welvaart die deze
een klein deel van de bevolking bracht: de grote materiële nood die in de
laagste bevolkingsgroepen heerste vanwege de hongerlonen waarvoor op de
rijstvelden gewerkt werd. Het lot van deze risolari (seizoenwerkers) en de mondine (onkruidwiedsters) was het onderwerp van talrijke volksliederen en
toneelstukken, maar het aangrijpendste relaas van het geploeter op het land komt
stellig van de Italiaanse film Riso amaro (Bittere rijst), die de
neorealistische regisseur Giuseppe de Santis in 1949 draaide.
Inmiddels is de rijstteelt grotendeels gemechaniseerd.
Het
inspannende verspenen, wieden en oogsten gebeurt met ultramoderne machines. Toch
vormt de rijstteelt nog altijd een agrarische uitdaging van formaat, want de
velden hebben een langzame maar gestage stroomsnelheid nodig. De velden moeten
dus in een bepaald hellingspercentage aangelegd worden, opdat het water niet te
snel afvloeit, noch te lang blijft staan, want in beide gevallen loopt de
plantengroei gevaar.
Na het zaaien worden in maart de rijstvelden onder water
gezet. Het gebied tussen Vercelli, Novara en Pavia is dan een grote watervlakte.
Rijstsoorten
In Italië maakt men hoofdzakelijk gebruik van de cultivar Oryza sativa japonica,
die bij het koken stevig van korrel blijft. Daarbij
vergeleken is de snelkokende maar vervolgens uiteenvallende langkorrelrijst,
Oryza sativa indica, nauwelijks van belang. De Italiaanse rijst wordt regelmatig
door een staatsinstelling gecontroleerd. Het gaat daarbij om kwaliteit, hygiëne
en de samenstellende voedingsstoffen van de verschillende rassen. Het aanbod
wordt in vier categorieën verdeeld: riso commune (huishoudrijst), riso semifino
(rondkorrelige rijst), riso fino (middelgrote en standaardrijst) en riso
superfino (luxerijst).
Omdat rijstgerechten verschillende eisen stellen aan
consistentie en kookgedrag van een rijstsoort,
maken Noord-Italiaanse koks
altijd een weloverwogen keuze uit de rijstsoorten. Langkokende rijstsoorten als razza 77 en ribe hebben een grote, bijna doorzichtige korrel met weinig zetmeel.
Dat maakt ze geschikt voor rijstsalades en gekookte of gebakken rijstgerechten.
Soorten met een halfharde korrel, (arborio, carnaroli en vialone) hebben grote
korrels met een hoog zetmeelgehalte. Ze blijven vochtig en sappig en lenen zich
dus uitstekend voor risotto. Zachtkokende soorten als maratelli en balilia
hebben een heel kleine, zetmeelrijke korrel. Ze zijn snel gaar, maar vallen niet
uit elkaar. Zij zijn favoriet voor rijstsoepen.
Risotto alla Milanese
Rijstgerechten zijn een vast onderdeel van de keuken van Noord-Italië.
Dat geldt ook voor de saffraan in de risotto alla milanese,
waarvoor in de Milanese keuken bij voorkeur carnaroli-rijst gebruikt
wordt, terwijl de soort vialone nano meer typerend is voor Venetiaanse risotto. De ook nu nog kostbare saffraan verleent het beroemde
rijstgerecht uit Milaan zijn goudgele kleur. Het wordt daarom ook wel
risotto giallo, gele rijst, genoemd. Volgens sommige historici moet de
specerij rond de 13e eeuw in de hoofdstad van Lombardije gekomen zijn. Hoe
en waarom is niet bekend. Zeker is wel dat paus Coelestinus IV, een Milanees, tijdens zijn korte pauselijke ambt van 23 oktober tot 10
november 1421 al graag en veel saffraan gebruikte. Het opperhoofd van de
Kerk kruidde met de kostbare pollen, die door koeriers uit Abruzzo werden
aangesleept, niet alleen zijn risotto, maar parfumeerde ook zijn bad
ermee, samen met andere essences van bijvoorbeeld lelies, rozen en
lavendel.
Voor een goede risotto zijn de rijstsoorten vialone en
carnaroli het geschiktst.
Verdere ingrediënten zijn rundermerg, boter,
wijn, saffraan en Parmezaanse kaas.
Werkwijze
Smelt boter en rundermerg in een pan. Voeg de gehakte uien toe en fruit ze
glazig zodra de boter begint te schuimen. Strooi de rijst erin en roer net
zo tot die doorzichtig wordt. Hij mag echter niet bruin worden. Giet er
witte wijn bij en roer goed.
Voeg na een kwartier de verpulverde of in wat bouillon opgeloste saffraan
en de rest van de bouillon in kleine porties toe. Het belangrijkste bij
het koken van risotto is dat de bouillon er gelijkmatig bij wordt gegoten.
Zodra de rijst droog wordt, moet er vocht bij.
Bron is Culinaria Italia, Könemann. ISBN:
3-8290-2903-9. U vindt hier ook een keur van recepten behorend bij
bovengenoemde producten. Prachtig geïllustreerd werk! Van Uitgeverij
Könemann is ons geen URL, WAP of EMAIL bekend.
Een accommodatie in Nederland kunt u goed vinden via
Hotels/Appartementen/NL (6527).
Uw accommodatie in België kunt U goed boeken via
Hotels/Appartementen/België.
Via
Hotels/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een juiste accommodatie in
102 landen.
▲ |