DELFT, provincie Zuid-Holland. De gemeente is gelegen aan de Schie, tussen Rijswijk en Rotterdam. Een van de oudste steden van Holland, ontstaan omstreeks 1100 rond een grafelijk hof. Als kern van een welvarend landbouwgebied al vroeg centrum van nijverheid en handel, sinds het einde van de 14de eeuw via de voorhaven Delfshaven, naar provincie kaart, naar plaatsnamen lijst Nederland

     
  
Zwaar beschadigd door brand in 1536
en de ontploffing van het kruithuis in 1654. In de 17de eeuw werd de handel overvleugeld door die van Rotterdam, maar compensatie werd gevonden in de fabricage van tapijten en aardewerk (Delfts Blauw). Verval na het midden van de 18de eeuw werd gevolgd door nieuwe bloei na de aanleg van de spoorweg in 1847. Ondanks de geweldige groei in deze eeuw is de oude binnenstad opvallend gaaf gebleven. Vooral langs de grachten (speciaal de Oude en Nieuwe Delft) is nog veel stijlvolle bebouwing te bewonderen.

Nieuwe Kerk
(NH; Markt).
De laatgotische kerk dateert uit de jaren 1384­1496; in de 108 m hoge toren bevindt zich een klokkenspel van de gebroeders Hemony uit 1663. In het koor staat het praalgraf van Willem van Oranje, een in wit en zwart marmer uitgevoerd renaissancistisch monument, waaraan Hendrick de Keyser in 1614 begon en dat in 1622 werd voltooid door zijn zoon Pieter.
In de grafkelder rusten 41 telgen uit het Huis Oranje Nassau.
In de kooromgang verder een graftombe met liggend beeld van koning Willem I († 1843 in Berlijn) en het grafreliëf van Canova voor Willem George Frederick van Oranje († 1709 in Padua). Aan de noordwand van het koor een gedenkteken voor Hugo de Groot, de beroemde in Delft geboren jurist (1583-1645), van wie midden op het marktplein een bronzen standbeeld staat.

Oude Kerk (NH; Heilige Geestkerkhof).
Deze oorspronkelijke parochiekerk van Delft werd gebouwd tussen de 13de en de 15de eeuw. Door talrijke - deels onvoltooide - verbouwingen is een rommelig, maar schilderachtig complex ontstaan. De zware bakstenen toren van rond 1300 helt licht over naar de gracht Oude Delft.
In de kerk is een aantal beroemde Nederlanders bijgezet:
- de admiralen Piet Heyn († 1629) en Maarten H. Tromp († 1653), de Delftse schilder Johannes Vermeer († 1675) en de natuuronderzoeker Antonie van Leeuwenhoek († 1723). De schitterend gesneden preekstoel is van 1548.

Arsenaal of Armamentarium (Korte Geer 1).
De Staten van Holland lieten dit wapenmagazijn in 1601 bouwen en gaven in 1692 opdracht tot uitbreiding. In het grote reliëf boven de ingang is de oorlogsgod Mars afgebeeld. Thans Leger- en wapenmuseum.

Begijnhof (Oude Delft 215).
Met een laatgotische poort waarboven een (verweerd) reliëf van de H. Johannes. De uit 1743 daterende oudkatholieke schuilkerk van de bouwmeester Daniël Marot heeft een verrassend mooi barok interieur.

Gemeenlandshuis van Delfland (Oude Delft 167).
Dit rijke onderkomen van het Hoogheemraadschap werd oorspronkelijk omstreeks 1520 als woonhuis gebouwd voor Jan de Huyter, dijkgraaf van Delfland en schout van Delft. In 1620 werd het vernieuwd en sinds 1645 dient het als Gemeenlandshuis. Het huis heeft een mooie, geheel natuurstenen voorgevel.

Hofjes.
Hofje van Gratie (Van der Mastenstraat 26-38).
Deze fundatie met zeven bejaardenhuisjes en een schilderachtige binnenplaats werd gesticht in 1575.

Klaeuwshofje (Oranje Plantage 58-79).
Op de binnenplaats van dit complex (oorspronkelijk uit 1605) bleef nog een oude pomp bewaard.

Hofje van Pauw (Verwersdijk 154).
In 1707 als tehuis voor ongehuwde vrouwen gebouwd. Het heeft een mooie regentenkamer.



Kruitmagazijn.
Even ten zuiden van de stad aan de westzijde van de Schie in 1660 gebouwd naar ontwerp van Pieter Post. Het bestaat uit twee grote kruittorens en een elegant poortgebouw. (De nieuwbouw was destijds noodzakelijk geworden, nadat het kruitmagazijn binnen de stadsmuren in 1654 in de lucht gevlogen was.)

Oostpoort (Oranjeplantage).
Deze enige bewaard gebleven poort dateert uit omstreeks 1400 en wordt geflankeerd door twee torens met slanke 16de­eeuwse spitsen.

Prinsenhof (Agathaplein 1).
Omstreeks 1400 als St.-Agathaklooster gebouwd; werd vanaf 1573 de residentie van prins Willem van Oranje, die hier op 10 juli 1584 bij een aanslag om het leven kwam. In latere tijden was het een centrum van de Delftse lakenhandel. Tegenwoordig is er een museum in gevestigd: het Stedelijk Museum Het Prinsenhof, dat gewijd is aan het Delftse verleden. Verder in de verzameling o.a. voorwerpen afkomstig van het Huis van Oranje Nassau, portretten van Hugo de Groot, Delfts aardewerk en schilderijen van plaatselijke meesters. http://www.gemeentemusea-delft.nl Prinsenhof

Stadhuis (Markt, tegenover de Nieuwe Kerk).
Van het oorspronkelijke gebouw van omstreeks 1300 is, na de branden van 1536 en 1618, alleen nog de toren met zijn zware bakstenen romp over. De bovenbouw is laat­15de-eeuws. Het gebouw zelf werd in 1618 naar ontwerp van Hendrick de Keyser opgetrokken in Hollandse re­naissancestijl; vooral de voorgevel is opvallend fraai van versiering en pro­porties. Een bezoek waard zijn de Burgerzaal en de Oranjegalerij met schilderijen uit de 16de tot 18de eeuw.

Rijksmuseum Lambert van Meerten (Oude Delft 199).
Tegels en tegeltableaus, kant- en zilverwerk. De zalen zijn ingericht met renaissancemeubelen.

Museum Paul Tétar van Elven (Koommarkt 67). Huis van de schilder Paul Tétar van Elven met stijlkamers uit de 18de en 19de eeuw.

Andere bezienswaardigheden.
Het Agnetapark (J. van Markenweg e.o.) is een woonwijk voor de arbeiders van een gistfabriek, gebouwd tussen 1882-1885 in opdracht van de idealistische directeur J. van Marken. F.M.L. Kerkhoff ontwierp de woningen,

L.P. Zocher het park. De uitbreidingen van 1925 en 1928 zijn van de hand van de architect J. Gratama. Het stadskantoor (1984-1986; Phoenixstraat) is van J. Coenen.
Internet: www.delft.com

Zoeken naar een accommodatiebestemming (6498) in Nederland
Zoeken via Hotels/Wereldwijd naar een accommodatie in 212 landen.
Algemene informatie over Nederland