|
GRAZ - 8010-8054 -
Stiermarken,
met Domkirche zum hl. Agydius,
Mausoleum en Stadtpfarrkirche zum
hl. Blut,
naar kaart
Oostenrijk, naar stedenlijst
Oostenrijk. Graz. Domkirche 1 Barbarakapel; 2 Sacristie; 3 Grafmonument van Cobenzl; 4 Reliekschrijnen; 5 Kapel van Franciscus Xaverius; 6 Kapel van Rochus en Sebastiaan; 7 Kapel van de moeder Gods van Zeven Smarten; 8 Heilig-Kruiskapelhet sacramentsaltaar in het noordelijk zijschip. De symmetrisch opgebouwde altaren dateren uit de tijd tussen 1766 en 1769 en zijn vooral van belang om hun schilderingen en plastieken: de schilderijen zijn van de mani ërist de Pomis, de bouwmeester van het mausoleum, de sculpturen van Königer.Ook de vier kapellen zijn de moeite waard, in het bijzonder om hun voor Stiermarken karakteristieke, met de hand gesmede hekwerken. Fraaie kleine altaren bevinden zich bij de voorste pijlers. Tot de opmerkelijke stukken in de kerk behoren twee reliekschrijnen, d ie eens als bruidskisten dienden voor hertogin Paola Gonzaga van Mantua, toen zij in 1477 naar Graz kwam om er te trouwen. Elke schrijn is gesierd met drie ivoren reliëfs: op de ene de triomf van de Liefde, de Onschuld en de Dood, op de andere de triomf van de Roem, de Tijd en de Eeuwigheid. Voorts is er een votiefbeeld van aartshertog Karel met zijn familie in het koor, en er zijn fraaie grafmonumenten en epitafen in het schip. ▲ Mausoleum Het mausoleum van keizer Ferdinand II bevindt zich ten zuiden van de dom, op de plaats van de oorspronkelijke Katharinenkapelle. Met de bouw werd in 1614 begonnen, naar plannen van de Pomis. Vanaf 1633 nam Peter Valnegro de leiding over. Het bouwwerk kan worden beschouwd als een van de belangrijkste voortbrengselen van maniëristische architectuur ten noorden van de Alpen. Vooral de façade geeft een goede indruk van de karakteristieken van deze stijlperiode tussen renaissance en barok. De architectonische indeling is sterk geïnspireerd door de jezuïetenkerk Il Gesu in Rome, maar ieder afzonderlijk motief toont duidelijk maniëristische trekken. Het portaal speelt een overheersende rol in het totaal van de façade, de horizontale lijnen worden onderbroken door verticale vormen, ritmische segmentbogen groeien uit tot een zware, overheersende bekroning, bescheiden beelden in nissen vallen in het niet bij de enorme beelden bovenop. Niet minder ongebruikelijk zijn de vormgeving en de plaatsing van de drie verschillende koepels. Ze herinneren aan Venetiaanse voorbeelden, maar ook hier doen asymmetrie en onorthodoxe aanpak opgeld, in het bijzonder bij de extreem slanke koepel boven de campanile. Het grondplan van het interieur is een Latijns kruis met kruisingskoepel, waarop aan de zuidelijke arm de grafkapel, met elliptische plattegrond, aansluit. De aankleding van het interieur, met stucwerkdecoraties naar ontwerpen van Fischer von Erlach, stamt uit de jaren 1687-1699. Evenals in het mausoleum in Ehrenhausen wordt door het rijke stucwerk in de bovenste zones de blik omhooggetrokken: adelaars, atlanten en stoeten levendige putti zijn de voornaamste plastische elementen. Franz Steinpichler maakte de plafondschilderingen. Het stucwerk in de grafkerk is ook gemaakt naar een ontwerp van Fischer von Erlach. Het ontwerp van het hoogaltaar (1695-1697) is eveneens van hem. Zonder twijfel heeft het altaar van Bernini in de St.-Pieter in Rome hiervoor model gestaan. Stadtpfarrkirche zum hl. Blut, Herrengasse Deze kerk is, evenals de dom, gesticht door keizer Frederik III. Van de in 1440 hier gebouwde Leichnam-Christi-Kapelle zijn echter alleen nog drie traveeën in het zuidelijk zijschip over. De huidige gotische hallenkerk is te danken aan de dominicanen, die zich duidelijk lieten inspireren door de dom, breed, driebeukig schip, smal, hoog koor. In ca. 1741 kreeg de kerk een barokke façade, in 1780/1781 een toren aan de gevel. Nadat zij in 1586 parochiekerk was geworden, begon men met de verfraaiing van het interieur. Het belangrijkste kunstwerk in de kerk is een schilderij van Tintoretto, dat hier sedert 1594 hangt, eerst aan het hoogaltaar, vanaf 1948 aan het Joh.-Nepomuk-altaar. Laat19de-eeuwse veranderingen in neogotische trant hebben, meer nog dan de oorlogsschade, de barokke conceptie van 1730 verstoord. Bezienswaardig is nog de grafsteen van Joh. Bapt. Erlacher (gest. in 1649). Uit het tweede huwelijk van zijn weduwe met beeldhouwer Joh. Bapt. Fischer werd de beroemde architect J. B. Fischer von Erlach geboren. De glasramen in het koor, 1953, zijn van A. Birkle. Leechkirche, Zinzendorfgasse 5 Dit oudste bouwwerk van de stad werd van 1275-1293 door de Duitse Orde in gotische stijl opgetrokken op de plaats van een vroegere aan de heilige Kunigunde gewijde kerk. De torens aan de westzijde zijn uit de tijd vóór 1500. De architectuur van de kerk, met de hoge ramen met maaswerk en steunberen rondom, toont duidelijk verwantschap met die van de gotische kathedralen in Frankrijk. Opmerkelijk is het vroeggotische portaal, met in het timpaan een Moeder Gods met Kind uit het laatste kwart van de 13de eeuw. Dit beeld, waarvan de plooi val op laatromaanse invloeden wijst, is een van de meest representatieve specimina van vroeggotische sculptuur in Oostenrijk. De achtergrond in alfrescotechniek stamt uit de late gotiek. Het hoge, eenschepige interieur, met kruisribgewelven en muraalzuilen, is van een grote sierlijkheid, die aan Franse voorbeelden doet denken. De gebrandschilderde ramen van het koor zijn de oudst bewaarde in Graz, passiecyclus, met daarboven de evangelisten. Zij werden grotendeels tussen 1335 en 1337 vervaardigd. Rechtsonder: een ruit gewijd aan de stichter Merl Hulber, 1502-1505. Het hoogaltaar herbergt een Mariabeeld uit het eind van de l5de eeuw. Links daarvan de sacramentsnis, met rijk smeedwerk afgesloten. Aan het bijzondere karakter van de kerk herinneren de twaalf Aufschlwurschilder met de wapens van de ridders van de Duitse Orde, evenals talrijke grafstenen. Franciscanenkerk en klooster Mariä Hemelvaart voormalig minderbroederklooster, sedert 1515 eigendom der franciscanen. De markante westelijke toren werd gebouwd van 1636-1643, tegelijk met de versterking van de brug over de Mur. De merkwaardige stand van de kerk is veroorzaakt doordat zij in de stadsmuur is opgenomen, ofwel door de loop van een vroegere zijarm van de Mur. In de huidige bouw onderscheidt men duidelijk twee gedeelten: het voor bedelorden karakteristieke lange koor, met vier traveeën en kruisribgewelf, is omstreeks het midden van de 14de eeuw gebouwd, het laatgotische schip, verdeeld in drie beuken, vier traveeën; netgewelf, stamt uit de periode dat de franciscanen de kerk in bezit kregen, ca. 1520. De barokke inrichting van de kerk is door de 19de-eeuwse neogotische renovaties grotendeels verdwenen. Gespaard bleef alleen de Antoniuskapel met een barok hekwerk ervoor. Op het altaar een mooie pietà . Een paar moderne kunstwerken, kansel, hoogaltaar, kunnen het verlies van de vroegere inrichting niet goedmaken. Door een zijdeur in het rechterzij schip bereikt men de gotische kruisgang met mooie grafmonumenten. Daarnaast ligt de Jacobskapel, 1320-1330. Hierin bevonden zich o.a. de grafsteen van Christoff von Windischgrätz en een beeld van de heilige Antonius. In het klooster worden resten van de vroegere kerkinrichting bewaard, o.a. werken van Schoy, H. A. Weissenkirchner en F. J. FIurer. Maria-Hilf-Kirche en Minderbroedersklooster De door twee torens geflankeerde façade van de kerk is de architectonische blikvanger op de rechteroever van de Mur. Het oudere middengedeelte van de façade, tussen de torens, stamt van G. P. de Pomis en is geïnspireerd, zuilen, driehoekige gevel, op Palladio's San Giorgio, Venetië. Het was Pomis die tussen 1607 en 1611 het door de Eggenbergs gestichte kerk- en kloostercomplex bouwde. Minder imposant is het herhaaldelijk gerenoveerde interieur, breed middenschip met tongewelf, lagere, smallere zijschepen met kruisgewelven. Aan het laatbarokke hoogaltaar de miraculeuze schildering Maria-HiIf van Pomis, die ook schilder was, uit 1611, een voorstelling die met tal van legenden omgeven is. De rijke zilveren omlijsting en de engelen zijn van P. J. Straub, die ook de geveIbekroning, Michaëlsgroep, schiep. Het tabernakel is van Anton Römer. Aan het rechterzij altaar St.Michaël als patroon van de stervenden. Ook in het rechterzijschip is een kapel gebouwd, waarin de barokke sarcofagen der Eggenbergs. De sacristie heeft stucwerk van Androy. Aan de voorste pijler links een gedenkplaat voor Pomis. Het kloostergebouw omsluit een schilderachtige binnenhof. In de westvleugel is een schatkamerkapel met fresco's. Voorts het zomerrefectorium met fresco's van A. Maderni (eind 17de eeuw) en een schilderij van J. B. Raunacher (1732). Klosterkirche en Spital der Barmherzigen Brüder, Annenstrasse 2 De façade van de tussen 1735 en 1740 door J. G. Stengg gebouwde kerk wordt bekroond door een elegante dakruiter. In het eenschepige, ruime interieur vallen vooral de sierlijk gebogen galerijen boven de kapellen op. In de zijkapellen fresco's van Joh. Mayer. Aan het hoogaltaar een Annunciatie van de Napolitaan Corrado Giaquinto en sculpturen van Schokotnigg. Aan het rechterzij altaar een crucifix van de Neurenberger G. Schweigger. Bürgerspitalskirche zum hl. Geist, Dominikanerg. 8 Een van oorsprong 13de-eeuwse instelling. De huidige kerk, een der indrukwekkendste gotische kerkelijke bouwwerken van Graz, werd opgetrokken tussen 1461 en 1493, onder keizer Frederik III. Alleen de toren en de sacristie stammen uit de 17de eeuw. Bijzonder vermeldenswaard is de pietà in een nis aan de buitenzijde. In het interieur, aan het hoogaltaar, Pinksterscènes en verscheidene sculpturen, o.a. een laatgotische Madonna met Kind, met Visioen van de heilige Bernardus en een vermoedelijk door P. J. Straub vervaardigde Magdalena. Pfarrkirche Sr.-Andrä In de onmiddellijke omgeving van de Bürgerspitalskircl1e bevindt zich de al in 1270 in oorkonden vermelde kerk Sr.-Andrä met het voormalige dominicanenklooster. In zijn huidige vorm stamt het gebouw van Archangelo Carlone, 1616-1627. Het heeft laatgotische kenmerken: drieschepige ruimte met smalle 'porta coelis', hemelpoort, naar het voorbeeld van de dom. De façade werd in de late 19de eeuw veranderd. In het interieur: hoogaltaarschildering, Martelaarschap van de heilige Andreas, aan de westwand van het priesterkoor een olieverfschilderij De heilige Magdalena door J. C. Hackhofer, in het linkerzijschip een Madonna met Kind en een Heilige Anna van H. A. Weissenkirchner, 1646-1695, en links van de hoofdingang een sculptuur voorstellend de zittende heilige Andreas, gotisch, ca. 1480. Pleinen Behalve de Hauptplatz verdienen in het bijzonder de volgende pleinen vermelding: Franziskanerplatz, Südrirolerplatz, met fraaie barokke gevels, Jakominiplatz en Am Eisernen Tor, met 'Türkensäule'), alsmede de zeer harmonische Freiheilsplatz in het noorden. Van hieruit bereikt men via de Karmeliterplatz de Paulustorgasse met de enig bewaard gebleven poort van de renaissancevesting. ▲ Omgeving. Schloss Eggellberg: indrukwekkend barok kasteel, 3 km ten westen van Graz. Het bouwwerk was al in 1635 ruwweg gereed, drie binnenhoven, vier hoek torens met lantaarns. Op het snijpunt van de binnenhoven de hoofdtoren met barokke helm. De drie verdiepingen hoge gevel wordt alleen door een portaal in het midden onderbroken, met aantal architectonische elementen lijkt niet toevallig gekozen: 4 torens, 365 ramen, 52 vensters in de staatsievertrekken, enz. De parterre herbergt een verzameling prehistorische en vroeghistorische vondsten, o.a. de beroemde Strettweger Kultwagen, 7de eeuw v.G.. Op de eerste verdieping bevindt zich het Jachtmuseum van Stiermarken. Op de tweede verdieping liggen 2 x 12 staatsievertrekken, waarvan de aankleding uit twee onderscheiden perioden stamt: stucwerk en beschildering van die vertrekken en de aankleding van de Prunksaal ontstonden eind 17de eeuw, de inrichting in rococostijl is uit de 18de eeuw. De feestzaal, of Planetensaal, is een zeer bijzonder produkt van de barokkunst: muren en plafonds met schilderingen, voorstellend de tekens van de dierenriem en het planetenstelsel. In het midden 'Helios', = keizer Leopold I, en de adelaar van het Huis Eggenberg die hem tegemoet vliegt. Bedevaartkerk Maria Trost, ten noordoosten van de binnenstad: markante westfaçade met twee torens. Uitbreiding van de oorspronkelijk kleine kapel was nodig geworden door de massale verering van de miraculeuze voorstelling, een laatgotische madonna. De kerk heeft een breed schip met dwarsschip en een kruisingskoepel met lantaarn en perspectivische beschildering van het interieur. ** Uw accommodatie in geheel Oostenrijk kunt U goed boeken via Hotels/Appartementen/Oostenrijk ** Via Hotels/Appartementen/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een accommodatie in 110 landen. ** Algemene info over Oostenrijk ** Naar richtlijnen en afspraken voor auto-, camper- en caravanrijders. ▲ |